Daarom geen melk

Ik begon mijn ochtend altijd met twee grote bakken koffie met veel melk. Het was een van de belangrijkste rituelen van mijn dag. Maar een maand geleden kwam daar verandering in: ik ben namelijk opgehouden met melk drinken.

Aanleiding was een televisieprogramma over de Nederlandse melkveehouderij. Noem me slecht geïnformeerd, maar ik wist niet dat kalfjes van melkkoeien onmiddellijk na hun geboorte worden weggehaald bij hun moeder. En dat ze daarna helemaal alleen in een klein hokje worden gezet. Boeren doen dat om besmetting met ziektekiemen, die bijvoorbeeld in de mest zitten, te voorkomen. Maar een kleine minderheid van de boeren in Nederland laat de kalfjes langer bij de koe – en dat schijnt niet tot meer ziektes te leiden.

Beelden van een kalfje dat helemaal alleen in een kleine box zat en toch nog een poging tot huppelen deed, grepen me aan. Misschien ben ik sentimenteel, maar ik vind dat kinderen bij hun ouders horen en dat dit ook zou moeten gelden voor dierenkinderen.

Stierkalfjes en ook een groot deel van de vaarskalfjes zijn in wezen een bijproduct van de melkindustrie. Zij worden geboren om de melkproductie van de koe zo hoog mogelijk te houden. Daarna leven ze nog een aantal maanden en eindigen ze in het slachthuis.

Nu eet ik al een aantal jaar geen vlees meer. Niet omdat dat gezonder is, of omdat het beter is voor het milieu, maar simpelweg uit verzet tegen de bio-industrie. Waarom zouden dieren moeten lijden zodat ik ze kan opeten, terwijl er zoveel andere lekkere dingen op mijn menu kunnen staan?

In de vorige eeuw vereiste een vleesloze levensstijl misschien nog wat gepuzzel, maar tegenwoordig zijn er zoveel vleesvervangers te koop dat je moeiteloos kunt overstappen naar vleesloos eten.

En toen zag ik dat kalfje en ik dacht: wat heeft het voor zin vleesloos te eten als ik door het drinken van melk de productie van kalfsvlees stimuleer?

In rapporten van de organisaties Eyes On Animals en Wakker Dier las ik dat de Nederlandse melkveehouderij steeds intensiever wordt en dat dit allerlei gevolgen heeft voor het welzijn van de koeien. Die dieren worden bijvoorbeeld zo doorgefokt op melkproductie dat ze allerlei pijnlijke aandoeningen krijgen. Ze geven zoveel melk dat ze dat maar een paar jaar volhouden. Als ze vijf, zes jaar oud zijn, worden ze geslacht, terwijl een koe wel twintig jaar oud kan worden.

Steeds meer koeien in Nederland komen nooit in de wei. Volgens Wakker Dier staat meer dan een kwart van de koeien het hele jaar in de stal en in die stallen komt soms niet eens daglicht binnen.

En dan dit nog: binnenkort is er geen melkquotum meer en kunnen boeren hun melkproductie verhogen. Het zit er dik in dat de melkveehouderij dan nóg intensiever zal worden, met allerlei gevolgen voor de dieren. Misschien wordt de melkveehouderij wel net zo dieronvriendelijk als de pluimveehouderij.

Door dit alles, maar vooral door het beeld van dat eenzame kalfje in dat kleine hokje, kreeg de term ‘koffie verkeerd’ voor mij een heel andere betekenis.

Maar wat moest ik nu met mijn ochtendritueel? Zwarte koffie drinken? Dat bleek echt helemaal nergens voor nodig. Toen ik naar een melkvervanger zocht, ging er een wereld voor me open. Ik wist niet dat er zoveel plantaardige ‘melken’ te koop zijn. Sojamelk, rijstmelk, havermelk, amandelmelk, gezoet, ongezoet, met of zonder vanille-, chocolade- of fruitsmaak, wel of niet biologisch – je hoeft er niet eens voor naar een natuurwinkel, het staat allemaal in de supermarkt. Er bestaat zelfs plantaardige yoghurt, room en kaas.

De eerste keer dat ik in een hippe koffietent besmuikt om een latte macchiato met sojamelk vroeg, dacht ik nog dat ze me daar raar zouden aankijken. Maar de jongen achter de bar vertrok geen spier en zette in een mum van tijd een heerlijke, schuimende, dampende, plantaardige bak koffie voor me neer. En wat smaakte die lekker!