Terug naar oude boerennatuur

Wageningse wetenschappers willen 55 hectare weidegrond kopen en er blauwgrasland van maken.

Zo mooi kan blauwgrasland zijn: vochtige, onbemeste grond veel reliëf, pollen, beetje riet... Typische Nederlandse boerennatuur van tussen de Middeleeuwen en 1940. Foto ANP

„Kijk”, zegt ecoloog Patrick Jansen terwijl we in de stromende regen door het gebied fietsen. „Links van de weg zie je productieweide waar maar één plantensoort groeit: Engels raaigras.” Op het opgehoogde, strak gemaaide gras is geen polletje te zien, want koeien staan er niet meer in de wei. Rechts ziet het land er heel anders uit: veel reliëf, polletjes, beetje riet, overlopende sloten en poelen. „Op dit land”, wijst Jansen, „vind je in de zomer zeker vijftig plantensoorten.”

Het is het begin van blauwgrasland. Typische Nederlandse boerennatuur van tussen de Middeleeuwen en 1940. In 1850 hadden we er nog 200.000 hectare van; nu is daar nog 30 hectare van over. Tussen Wageningen en Veenendaal was er bijna alleen maar blauwgrasland.

Patrick Jansen is een van zeven Wageningse natuuronderzoekers, onder wie drie hoogleraren, die deze week een plan hebben ingediend bij de provincie Gelderland om tien weilanden te kopen. Hun de Vereniging Mooi Wageningen wil van de 55 hectare vlakbij Wageningen weer blauwgrasland maken. De nu extensief beheerde weilanden liggen tussen strakke, hoogproductieve weilanden van veehouders. In het gebied zijn Staatsbosbeheer en de Wageningen Universiteit al een paar stukjes blauwgrasland aan het inrichten. Waarom al die moeite voor niet eens ‘echte’ natuur? Jansen: „Blauwgrasland heeft een zeer grote soortenrijkdom. En de EU heeft Nederland verplicht het terug te brengen.”

Blauwgrasland ontstond vroeger waar boeren moeras omzetten in hooiland. Het is natuurlijk niet echt blauw. Er zijn verschillende theorieën over hoe het aan zijn naam komt: misschien vanwege de blauwe zegge en het blauw kleurende tandjesgras. ’s Winters stond het onder water, in juni stonden de bloemenweitjes vol orchideeën en in augustus maaiden de boerenfamilies het kruidige hooi er met een zeis af.

De Wageningse natuuronderzoekers willen een groter stuk aaneengesloten blauwgrasland aanleggen, omdat uit rapporten blijkt dat te kleine natte en verschraalde stukken niet robuust zijn. En de Nederlandse overheid streeft naar minstens 200 hectare blauwgrasland. Het is een privé-initiatief, samen met andere burgers, maar de onderzoekers baseren zich wel op hun eigen onderzoek naar natuurontwikkeling. De overheid wil ook graag dat burgers natuurgrond gaan kopen en beheren. Maar dat is duur. Dat blijkt ook uit het Wageningse plan, een van de eerste burgerinitiatieven in Nederland: voor de aankoop van de 55 hectare is 500.000 euro begroot en voor het beheer 80.000 euro per jaar. Daarbij komen nog inrichtingskosten als het afgraven van de stikstofrijke grond.

„Burgerparticipatie is niet makkelijk te organiseren”, zegt Jansen, die diergedrag in het tropisch regenwoud onderzoekt. „Maar als het hier in Wageningen niet lukt, zal het nergens lukken. Voor elke soort hebben we wel een expert in onze groep.” De Wageningse biologen hopen op leningen van groene fondsen, subsidies, crowdfunding, giften en vrijwilligerswerk. Ook onderzoeks- en onderwijsgelden kunnen worden ingezet.

Er zijn meer potentiële kopers. Veehouders, aangesloten bij de Agrarische Natuurvereniging Binnenveld, dienden al enkele maanden geleden een plan in bij de provincie om de 55 hectare te kopen. „Ook wij willen blauwgrasland”, zegt initiatiefnemer Reyer Achterstraat. „En we willen natuurproductie onderdeel maken van onze bedrijfsvoering.” Maar de boeren willen de waterstand in het gebied niet verhogen, terwijl de natuuronderzoekers liefst zoveel mogelijk van het gebied ’s winters onder water hebben. Anders duurt het dertig tot tachtig jaar voor je blauwgrasland hebt, zegt Patrick Jansen.

Jan Jacob van Dijk, gedeputeerde van de provincie voor natuur (CDA), zegt dat de partijen samen met één plan moeten komen. De onderzoekers denken nu aan een ‘waterscheiding’: het blauwgrasland moet geen stikstofrijk water binnenkrijgen van de boeren, en de boeren en de gemeentes mogen geen last hebben van de hogere waterstand in het blauwgrasland. Hoe dit moet, met bijvoorbeeld dammen, pompen of pijpleidingen, wordt nog een hele puzzel. Maar daar kunnen andere burgerinitiatieven dan ook weer van leren.