Mobiele providers gaan elkaars storingen regionaal opvangen

Telecombedrijven KPN, T-Mobile en Vodafone kunnen terugvallen op een noodvoorziening bij grote storingen in het mobiele netwerk van een van de drie. Zij gaan in dat geval gebruikmaken van elkaars netwerk, waardoor klanten toch mobiel kunnen bellen en sms'en.

Daarover hebben de partijen definitieve afspraken gemaakt, meldde branchevereniging Nederland ICT gisteren.

De noodvoorziening wordt alleen ingezet bij storingen die naar verwachting langer duren dan drie dagen en die meer dan 500.000 klanten in een bepaalde regio treffen.

Het vangnet is er gekomen op aandringen van minister Henk Kamp van Economische Zaken (VVD). De aanleiding was een omvangrijke storing in april 2012 toen klanten van Vodafone dagenlang niet konden bellen, sms'en en internetten.

De storing ontstond door een brand in een netwerkcentrale van de provider in Rotterdam.

De ‘storingsovereenkomst’ werd vorig jaar al aangekondigd en is nu definitief geworden met het vastleggen van de afspraken in een draaiboek.

De noodvoorziening voorziet niet in het op gang houden van internetten; dataverkeer kan vanwege de beschikbare capaciteit niet via het netwerk van een andere operator worden geleid.

Lotte de Bruijn, directeur van branchevereniging Nederland ICT, stelde dat de overeenkomst uniek in de wereld is. „Nederland is het eerste land ter wereld waar mobiele operators afgesproken hebben elkaar op zo’n proactieve manier en op zo’n schaal te helpen. Het is echt een noodvoorziening, waarvan we eigenlijk hopen dat we hem nooit nodig zullen hebben. Gelukkig kunnen operators zelf de meeste storingen opvangen met voorzieningen in het eigen netwerk", aldus De Bruijn. (NRC/ANP)