‘Goed voor innovatiekracht’

Het motoronderhoud van de Joint Strike Fighters (JSF) in Europa zal door Nederland, Noorwegen en Turkije worden uitgevoerd. Dat meldde minister Jeanine Hennis-Plasschaert van Defensie gisteren in de Tweede Kamer.

Het onderhoud vindt plaats in Woensdrecht. Turkije begint in 2019 met het onderhoud, daarna volgen in twee tot drie jaar Nederland en Noorwegen. Hoogwaardige kennis over motoronderhoud blijft hierdoor voor ons land behouden, aldus minister Hennis.

„De keuze voor Nederland biedt nieuwe kansen voor de defensie-industrie om opdrachten voor motorenonderhoud uit te voeren”, zegt minister van Economische Zaken Henk Kamp (VVD) in een verklaring. „Dit versterkt de innovatiekracht en is goed voor de werkgelegenheid, met name in Zuid West Brabant.”

De Brabantse gedeputeerde van Economische Zaken en Bestuur Bert Pauli is blij met het besluit. „Voor Brabant is dit echt een prachtige kans om samen met deskundigen te werken aan innovatie en daarmee West-Brabant van perspectief te voorzien.”

Nederland koopt voor 4,5 miljard euro in totaal 37 JSF’s. De toestellen moeten vanaf 2019 de Nederlandse F-16’s vervangen.

Of de 37 JSF’s ook binnen dit budget geleverd kunnen worden, staat overigens niet vast. Volgens Hennis kan niemand nu al een garantie geven over de prijs. (ANP)