Als er geruild is, heeft Turkije een politiek probleem

De vrijlating van 46 Turkse gevangenen door IS blijft in nevelen gehuld.

De mislukte poging om buitenlandse gijzelaars uit handen van Al-Qaeda te bevrijden in Jemen heeft de aandacht gevestigd op een dilemma: moeten landen wel of niet onderhandelen met terreurgroepen? De Amerikaanse journalist Luke Somers en de Zuid-Afrikaanse leraar Pierre Korkie werden zaterdag tijdens de bevrijdingsactie doodgeschoten door hun gijzelnemers. Dit soort acties zijn niet zonder risico. Maar de VS en Zuid-Afrika willen geen losgeld betalen, zoals sommige andere westerse landen.

Turkije is een van de landen die wél onderhandelen met terreurgroepen. De opluchting was groot toen op 20 september, na drie maanden gijzeling door IS in Irak, 46 Turkse gevangenen werden vrijgelaten. Maar de toedracht van hun redding bleef geheimzinnig.

Hoe was het mogelijk dat Turkije ’s werelds meest gevreesde terreurgroep ertoe had weten te bewegen deze mensen, onder wie een consul, heelhuids te laten gaan? In de weken daarvoor waren onder meer James Foley, Steven Sotloff, David Haines en meerdere Syrische en Libanese krijgsgevangenen geëxecuteerd.

Stukje bij beetje vallen puzzelstukjes op hun plaats. Dat de gegijzelden geruild zijn staat vrijwel vast. 46 Turken en drie Irakese consultaatmedewerkers in ruil voor de vrijlating van vermoedelijk 180 IS-strijders, onder wie een tiental buitenlandse jihadisten die in Turkse gevangenissen vastzaten.

De Turkse autoriteiten geven geen informatie over wat zich precies heeft afgespeeld, maar beweren stellig dat er niet voor de gijzelaars is betaald. De duidelijkste hint naar een ruil kwam echter al kort na de vrijlating van president Erdogan zelf, die op het vliegveld tegen journalisten zei: „Stel dát er een uitwisseling was. Het gaat erom dat ze terug zijn. Als president denk ik: ze zijn eindelijk terug en hebben dankzij Allah hun familie teruggezien.”

In oktober onthulde het kritische dagblad Taraf dat het ruilmateriaal bestond uit 180 gevangenen. Het zou onder meer gaan om IS-strijders, onder leiders, die waren opgepakt terwijl ze voor medische behandeling in Turkije waren. Daarnaast om een groep van zo’n 50 mannen die in handen waren van oppositiegroep Liwa al Tawhid in Syrië, die goede banden heeft met Turkse non-gouvernementele organisaties en de Turkse regering. Leiders van sunnitische stammen zouden als bemiddelaars tussen Turkije en IS hebben gefungeerd.

De Britse krant The Times wist vervolgens een lijst in handen te krijgen met de namen van geruilde Europeanen. Behalve twee Britten staan er drie Fransen, twee Zweden, twee Macedoniërs, een Zwitser en een Belg op. De Belg zou de 35-jarige bekeerling Johan Castillo Boens zijn. Volgens Oostenrijkse media zat er mogelijk ook een in Oostenrijk bekende radicale islamist bij, maar de Oostenrijkse regering gaf het parlement geen opheldering.

Hoewel er geen Denen op de lijst staan, wordt het vermoeden dat er wel een is geruild hoog opgenomen in Denemarken. Het gaat om de vermoedelijke pleger van een mislukte moordaanslag op historicus en islam-criticus Lars Heedegaard in 2013. De van oorsprong Libanese Basil Hassan sloeg op de dag van de aanslag op de vlucht en werd in april in Turkije opgepakt omdat hij met een vals paspoort reisde. In augustus was er een rechtszitting. Daarna zou hij zijn overgedragen aan de Turkse geheime dienst MIT, die ook een rol zou hebben gespeeld bij het vrij krijgen van de gegijzelden. Dan loopt het spoor dood.

De gevangenenruil is ook een diplomatiek probleem geworden. Zowel de Britten als de Denen hebben de Turkse regering om opheldering gevraagd. Voor beide landen geldt dat de burgers die ze uitgeleverd hadden willen zien, plots lijken te zijn verdwenen. Dat is opmerkelijk, ook als ze niet zijn overgedragen aan IS. Het wachten lijkt nu op een bevestiging dat deze mannen zich alsnog bij IS in Syrië hebben gevoegd.