Staken om ‘de totem van een voorbij verleden’

Vakbonden roepen voor morgen een algemene staking uit tegen de centrumlinkse regering die tornt aan verworven rechten.

Italië met groei en banen achterop

„Deze regering ziet het helemaal verkeerd. Ik bestrijd dat de beste manier om meer banen te scheppen, is door bedrijven vrij te laten om te doen wat ze willen. Nu we nog steeds in een crisis leven, zouden we mensen juist beter tegen ontslag moeten beschermen in plaats van minder.”

Giacomo Vendrame gaat sneller praten om alles te kunnen zeggen wat hij op zijn lever heeft. Hij draagt zijn hart links. Hij behoort met zijn 34 jaar tot dezelfde generatie als de vijf jaar oudere premier premier Renzi.

Dat is de generatie die vindt dat de oude garde haar kans heeft gehad en dat er ruimte moet komen voor nieuwe ideeën. Maar toch doet Vendrame vrijdag uit volle overtuiging mee met de algemene staking tégen Renzi.

Het is niet vaak gebeurd, de grootste linkse vakbond, de CGIL, die oproept tot een staking tegen een kabinet dat wordt geleid door de leider van de grootste partij op links. „Maar praten heeft geen zin meer”, zegt Vendrame, de CGIL-secretaris in Treviso, in het noordoosten. „Wij vertegenwoordigen een belangrijk deel van de samenleving. Maar de regering zegt dat onze ideeën haar niet interesseren.”

De frontale botsing hing al een tijd in de lucht. Renzi vindt dat links is blijven hangen in het verleden. „De muziek is veranderd”, waarschuwde hij dit voorjaar al de CGIL, een traditionele partner van links. Daarom gaat na 44 jaar hét symbool van vakbondsmacht op de schop: het roemruchte artikel 18 van het Statuut van de Arbeiders. Dat artikel maakte het voor bedrijven met meer dan vijftien werknemers bijzonder moeilijk iemand te ontslaan.

„Artikel 18 is de totem van een verleden dat er niet meer is”, zei Renzi vorige week. Weinig landen kennen zo’n politiek geladen symbool. Twee keer is een expert in arbeidsrecht op straat doodgeschoten door extreemlinkse terroristen, omdat hij het had gewaagd veranderingen voor te stellen.

Nu heeft Renzi, tegen fel verzet van een minderheid van zijn partij in, hervorming van artikel 18 door het parlement weten te slepen. Waar vroeger ontslag vaak met succes bij de rechter kon worden aangevochten, wordt dit nu zeer beperkt mogelijk, bijvoorbeeld als er sprake is van aantoonbare discriminatie. Renzi hoopt dat bedrijven zo sneller mensen aannemen.

„Het is een enorme vergissing”, zegt vakbondsman Vendrame. Hij zegt dat artikel 18 niet beschermt tegen ontslag en wijst erop dat alleen al in zijn provincie 30.000 mensen hun baan kwijtraakten – al kan hij niet zeggen bij welke bedrijven dat is.

In het noordoosten van Italië wemelt het van de kleine bedrijfjes met minder dan vijftien werknemers, voor wie de ontslagbescherming van artikel 18 niet gold. „Italië is nog steeds in de greep van de crisis”, zegt Vendrame. „We moeten de werknemers nu juist stabiliteit bieden, zekerheid.”

In zijn pogingen de al jaren kwakkelende economie een forse impuls te geven, zoekt Renzi het eerder in versoepeling van het ontslagrecht. In de praktijk geldt die al vaak, want de laatste jaren worden mensen overwegend aangenomen op tijdelijke contracten.

Maar de werkgevers klagen al twee decennia over de starheid die de bescherming van artikel 18 veroorzaakt. Toen ministers zeiden dat er „geen recht op een baan” bestaat, stond de werkgeversorganisatie Confindustria te applaudisseren. Die zegt dat er, in een land vol gevestigde belangen, veel meer flexibiliteit nodig is.

Al schrijven internationale instellingen als het IMF en de OESO dat starre arbeidswetten een van de problemen vormen, Vendrame gaat daar tegenin. In zijn ogen is de strijd om artikel 18 vooral een poging om de macht van de vakbond in te tomen.

Gebrekkige scholing

„De echte problemen liggen elders’’, zegt Vendrame. Bijvoorbeeld in de lage arbeidsproductiviteit. Of de gebrekkige scholing. „Maar de ondernemers steunen dit plan van Renzi omdat met artikel 18 een vaandel van de vakbeweging wordt neergehaald.”

Renzi heeft gezegd dat hervormingen nodig zijn om de werknemers die nu nog beschermd worden door artikel 18, niet te bevoordelen. De tijden zijn veranderd, herhaalt hij keer op keer. Hij verwijt de vakbonden (behalve de CGIL doet ook de kleinere UIL mee met de algemene staking) in het verleden te leven, en vooral op te komen voor mensen die een baan hebben en pensioentrekkers.

Vendrame geeft toe de vakbonden hier een probleem hebben – zoals in veel Europese landen. „Maar we vertegenwoordigen nog steeds een belangrijk deel van de samenleving. Het kabinet kan ons niet negeren. Er zijn al genoeg spanningen, mensen raken gedesoriënteerd, populisten wakkeren de nervositeit aan. Wij vormen als vakbond een dijk daartegen.’’

Renzi ziet dat anders. In zijn ogen werpt de bondgenoot van vroeger eerder een hindernis op tegen een verandering die de economie aan de praat moet krijgen. Intussen, zo werd dinsdag bekend, is het aantal Italianen dat het land uit vlucht op zoek naar werk, vorig jaar met 20 procent gestegen.