Nieuwe generatie, nieuwe angsten

Allochtonen zijn een probleem, vinden veel autochtonen. Allochtonen zelf zien zich niet als probleem.

Veel etnische wrijving

Er gaat van alles goed met Turkse en Marokkaanse Nederlanders. Hun taalachterstand wordt kleiner, ze volgen vaker hoger onderwijs, er ontstaat een middenklasse die vooral opleiding, werk en gezin belangrijk vindt – net als veel autochtone Nederlanders. Turkse en Marokkaanse jongeren zijn veel vaker dan hun ouders ook bevriend met autochtone Nederlanders.

Het staat keurig op een rij in ‘etnische grenzen’ van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP). Toch is de toon van de onderzoekers somber. En niet alleen omdat de sociaal-economische achterstand van migranten nog steeds groot is en zij zwaarder lijden onder de crisis dan autochtone Nederlanders.

Uit het SCP-onderzoek blijkt dat de tegenstelling tussen autochtonen en allochtonen door meer dan 60 procent van de Nederlanders wordt gezien als een bron van conflicten en gedoe. Geen andere tegenstelling (rijk-arm, hoog-laagopgeleid, machtigen tegen de rest) scoort zo hoog.

Van de ondervraagden vindt tweederde het problematisch dat de werkloosheid onder migranten zo hoog is en dat allochtonen en autochtonen bijna niet met elkaar omgaan. Bijna 60 procent heeft moeite met ‘de verschillen in normen en waarden’, ruim de helft noemt als probleem: allochtonen die zich niet helemaal Nederlander voelen. En net iets minder dan de helft komt met het verschil in godsdienst.

Al die problemen worden vooral gezien door autochtonen. Migranten zelf zijn minder pessimistisch over de sociaal-culturele verschillen. Zij zijn bezorgd over het beeld dat autochtonen van hen hebben en vooral hogeropgeleide Turkse en Marokkaanse hebben moeite met het maatschappelijk klimaat. Ze verwachten dat ze weinig kansen krijgen.

Volgens het SCP is het juist die groep die wil meedoen aan discussies – en bijvoorbeeld selfies met born here en hun paspoort maakte na de ‘minder Marokkanen’-uitspraak van Geert Wilders. „Zij zien zich als spreekbuis van een nieuwe generatie. Het ontbrak hun ouders vaak aan mogelijkheden om hun stem te laten horen.”

De helft van de ondervraagden denkt dat de spanningen tussen allochtonen en autochtonen de komende jaren toenemen en dat het ‘samenleven met religieuze verschillen’ moeilijker wordt. Maar of de twee groepen dan ook echt minder contact met elkaar hebben? Ruim eenderde denkt van wel, ruim eenderde denkt van niet.