‘Nergens op de wereld wordt huishoudelijke hulp door de overheid betaald’

Dit zei VNG-bestuurder Jantine Kriens in EénVandaag

illustratie martien ter veen

De aanleiding

Nog maar een paar weken en dan gaan de zorgdecentralisatie en de bijkomende bezuinigingen in. Vanaf 1 januari wordt er onder andere 40 procent bezuinigd op de huishoudelijke hulp, wat voor velen inhoudt dat ze die hulp voortaan zelf moeten betalen – of dat ze familie, buren of vrienden een wc-borstel in de hand moeten drukken. Schandalig? Nee, vindt Jantine Kriens, voorzitter van de directieraad van de Vereniging Nederlandse Gemeenten. In een uitzending van EénVandaag over de zorg zette zij de bezuiniging in perspectief: „Nergens op de wereld wordt huishoudelijke hulp door de overheid betaald”, aldus Kriens.

Waar is het op gebaseerd?

Een woordvoerder van de VNG laat weten dat Jantine Kriens niet meer weet waar ze deze informatie vandaan heeft.

En, klopt het?

Nederland is in vergelijking met veel andere landen inderdaad scheutig met sociale voorzieningen. Een SCP-rapport uit 2007 onderscheidt in Europa drie opvattingen over de langdurige zorg, die samenvallen met de drie soorten verzorgingsstaten: de Scandinavische, de continentale en de zuidelijke. In de zuidelijke landen vindt men de zorg voornamelijk de taak van de familie, in de Scandinavische ligt de verantwoordelijkheid meer bij de overheid. De continentale landen zitten ertussenin. Nederland behoort, ondanks de ligging op het continent, tot het Scandinavische model: in vergelijking met landen als België en Duitsland hebben wij een uitgebreid sociaal vangnet.

In het SCP-rapport ‘De opmars van het pgb’ uit 2011 zien we wat dit inhoudt. In Nederland geven we 3,4 procent van ons bruto nationaal product uit aan de langdurige zorg; in Zweden is dat 3,5 procent. Vergelijk dat met Duitsland (1,3), Groot-Brittannië (1,0) en Spanje (0,7).

De relativering van Jantine Kriens is dus op zijn plaats. Maar is het ook waar dat nergens op de wereld de huishoudelijke hulp wordt betaald door de overheid?

Dat klopt niet, zegt Debbie Verbeek, wetenschappelijk medewerker van het SCP. In veel andere Europese landen betaalt de overheid op de een of andere manier ook mee aan de huishoudelijke hulp: rechtstreeks of via persoonsgebonden budgetten (pgb’s) of dienstencheques. Ze verwijst naar het SCP-rapport over pgb’s en naar een vergelijkend onderzoek van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) over de gezondheidszorg in Europa uit 2011.

In Denemarken en Zweden is huishoudelijke hulp onderdeel van de langdurige zorg, zo zien we in het OESO-rapport. En in andere landen, zoals Oostenrijk, België en Groot-Brittannië, kan huishoudelijke hulp in bepaalde gevallen onder de thuiszorg vallen.

Soms wordt de bekostiging op een andere manier geregeld: in Duitsland, Oostenrijk en Italië krijgen mensen die langdurige zorg nodig hebben een ‘cash benefit’ (een soort pgb), dat zij vrij kunnen besteden. Ze kunnen er dus ook huishoudelijke hulp mee inkopen. Dit cash benefit is wel bescheiden in vergelijking met het Nederlandse pgb, en de criteria om het te krijgen, zijn vaak strenger dan hier: in Duitsland krijg je bijvoorbeeld pas een indicatie als je een ernstige beperking hebt die minimaal zes maanden duurt.

De derde vorm van overheidsfinanciering zijn de dienstencheques, die in België en Frankrijk worden gebruikt. Met een dienstencheque kunnen mensen een legale werkster inhuren, en vervolgens een deel van de kosten aftrekken van de belasting. De cheques zijn bedoeld om zwart werk tegen te gaan, maar zorgen er ook voor dat het inhuren van huishoudelijke hulp betaalbaarder wordt.

Conclusie

Nederland heeft in vergelijking met andere landen een genereus zorgstelsel, maar is niet het enige land waar huishoudelijke hulp door de overheid wordt betaald. In Scandinavische landen valt huishoudelijke hulp ook onder de langdurige zorg, en in een aantal andere Europese landen kunnen mensen die hulp inkopen met een persoonsgebonden budget of krijgen ze korting via dienstencheques. De uitspraak van Jantine Kriens is dus onwaar.