Deze 31 mensen van het Nibud bepalen jouw hypotheek

Foto HH

Het is een kleine club. Je kent ze misschien wel van zakgeldadviezen. Van de adviezen over schuldhulpverlening, armoedebeleid, letselschade. Of van de huishoudelijke boekjes als Annie en Jan gaan trouwen. Het Nibud, ooit begonnen als een ideële club, is nu een organisatie met een personeelsbudget van 1,6 miljoen euro, voor 31 communicatiewetenschappers en economen. Maar ze beslissen ook over belangrijke zaken, zoals de maximale hoogte van je hypotheek.

En juist daarover is nu discussie ontstaan. Want de maximale hoogte van je hypotheek is volgend jaar - gemeten naar inkomen - flink minder. De Tweede Kamer vindt de Nibudnormen te streng. VVD-minister Stef Blok (Wonen) moet ze daarom niet overnemen, schrijven de Kamerleden in een brief.

1. Hoe berekenen ze hoeveel je mag lenen?

Nibud-directeur Gerjoke Wilmink:

“Simpel gezegd weten wat je minimaal nodig hebt en de gemiddelde uitgaven. Voor elke euro die je netto meer verdient dan dat minimum kun je 50 procent voor wonen gebruiken.”

Ze benadrukt: het is een advies.

2. Wat gebeurt ermee?

De norm wordt per 1 januari een stuk strenger.

En de Nibud-norm is méér dan goede raad. Banken moeten zich er sinds enige jaren aan houden als ze een hypotheek verstrekken, anders kan de Autoriteit Financiële Markten (AFM) een boete uitdelen. “Terecht”, vindt bijzonder hoogleraar Woningmarkten aan de Universiteit van Amsterdam Johan Conijn. Hij wijst op de hoge hypotheken die voorheen werden verstrekt:

“Per saldo denk ik dat het goed is dat de Nibud-normen er zijn en dat ze worden nageleefd.”

3. Wat is de kritiek?

In het algemeen: de Nibud-normen maken het banken lastig om nog per persoon te kijken welke hypotheek passend is, vinden VNO-NCW en MKB Nederland. En zouden zo herstel van de woningmarkt tegenwerken. Plus: ze zouden niet effectief zijn, want de meeste betalingsproblemen komen niet doordat hypotheken te duur zijn, maar door echtscheiding of werkloosheid.

Hoogleraar Woningmarkt Peter Boelhouwer van de TU Delft noemt de inkomensnorm ‘nogal betuttelend’.

“Banken zullen er niet snel van afwijken, want de AFM deelt boetes uit als ze dat niet goed toelichten.”

Taco van Hoek, directeur van het Economisch Instituut voor de Bouw, vindt dat het kabinet met de Nibudnorm ‘ernstig is doorgeschoten’:

“Het belangrijkste gevolg van die norm is uitstel. Jonge mensen kunnen er minder door lenen, dus wachten ze tot ze wel kunnen kopen wat ze willen.”

Maar ook op de rekenmethode is kritiek. Elke consument heeft zijn eigen voorkeur. Niet iedereen wil vakanties of een auto. Nibud houdt er in de berekeningen geen rekening mee dat veel starters snel meer gaan verdienen. En dat je van elke euro die je meer verdient maar 50 procent aan wonen uit mag geven, lijkt willekeurig. Van Hoek:

“Veel starters betalen meer huur dan ze aan hypotheeklasten zouden gaan betalen, dat valt niet uit te leggen.”

4. En het antwoord van het Nibud en de minister?

Nibud-directeur Wilmink erkent dat de methode vrij algemeen is:

“Ik snap dat zij willen dat je kunt differentiëren. Maar waar houdt het dan op? Bijvoorbeeld bij een kinderwens of wel of geen dikke auto willen? Het moet wel hanteerbaar zijn, daarom hebben we voor één norm gekozen.”

Natuurlijk moeten hypotheekadviseurs rekening houden met het uitgavegedrag van de klant, zegt Wilmink. “Een norm helpt om te laten zien wat een maximale hypotheek betekent, dat je daarvoor waarschijnlijk moet bezuinigen op je andere uitgaven.”

Blok begrijpt de kritiek, maar zou het ‘heel raar’ vinden de Nibud-normen nu af te schaffen, zei hij gisteren in het Vragenuurtje.

Brief Blok