Filosofie opheffen in Rotterdam? Durf te denken!

Zolang de regering geen goede argumenten heeft om de studie filosofie op te heffen, moet zij die studie eerst maar eens volgen, meent Maikel Samsom.

illustratie jenna arts

De Erasmus Universiteit Rotterdam doekt binnen enkele jaren de faculteit filosofie op. Naamgever Desiderius Erasmus, zelf ook filosoof, draait zich om in zijn graf. Het kan de Erasmus Universiteit zelf niet worden verweten: elke universiteit waar filosofie gedoceerd wordt, worstelt met de toekomst- en bestaansmogelijkheden ervan. Het verdwijnen van de filosofiestudie is een direct, schadelijk gevolg van een politieke keuze. Die politieke keuze bestaat uit het bewust en consequent weigeren om na te denken over welke universitaire studies van belang zijn.

Universiteiten krijgen op dit moment alleen overheidsgeld voor hoofdstudies. De regering gaat er zo stilzwijgend vanuit dat de studie filosofie het behouden niet waard is, omdat inderdaad weinig mensen filosofie kiezen als primaire studie. Helaas is het net zo als met de Top-2000: het nummer waarop de meeste mensen stemmen, is het meest geliefd, maar hoeft nog niet het beste nummer aller tijden te zijn. Zo is ook de meest gekozen studie weliswaar het meest geliefd, maar zeker niet per se de leerzaamste, moeilijkste of nuttigste studie. Studenten kiezen veelal de studie die ze leuk vinden of interessant, maar hebben weinig oog voor het nut van die studie.

Als ze al nut meenemen in hun studiekeuze, dan letten ze vooral op baankansen. Sommige mensen beweren dat die slechte baankansen voor wijsbegeerte het rechtvaardigen dat deze studie opgedoekt kan worden. Het argument van de baankansen wordt alleen zeer selectief ingezet: uit de Elsevier keuzegids van 2013 blijkt dat je met wijsbegeerte een grotere kans hebt om snel aan de slag te gaan dan met criminologie en een even grote kans als met bedrijfskunde. Er is echter nog nooit over gesproken om criminologie of bedrijfskunde op te heffen.

De waarde van een studie

Belangrijker is dat de studie ook behouden zou moeten worden wanneer de baankansen van filosofie wel kleiner zouden zijn dan voor criminologie en bedrijfskunde. Op de universiteit zou de waarde van een studie niet alleen moeten afhangen van baankansen, maar ook zeker van denkniveau en inhoud. Filosofie leert je kritisch te denken over basisaannames in de wetenschap en over wie mensen zijn, hoe ze moeten handelen en wat ze kunnen hopen. Zij is daarmee een academische studie in zuiverste vorm: studenten kunnen met docenten en elkaar over de stof in gesprek en gezamenlijk een nieuwe visie voortbrengen.

Bij studies als economie en rechten – wel populair, goed financieringsmodel – worden aan studenten modellen en regels geleerd die niet bevraagd mogen worden. Hier is namelijk geen tijd voor en het is bovendien onwenselijk: een eerstejaarsstudent zal het toch niet beter weten dan Adam Smith? Bij dit soort studies staat in grote mate reproductie centraal; bij filosofie productie. De regering zou moeten nadenken over het nut en de functie van aangeboden studies: sommige studies zijn in de kern waardevol, zelfs wanneer de markt anders beslist. De studie filosofie kan eenvoudig worden behouden door ook geld ter beschikking te stellen voor studenten die haar niet als hoofdstudie maar als tweede studie volgen: dan is het totaal aantal studenten ineens 150 in plaats van 50. Die extra 100 studenten zijn bovendien de topstudenten waarover de regering het zo graag heeft. Zij kosten nu eenmaal geld: voor niets gaat de zon op.

Beschermen, behoeden en behouden

Het zou heel fijn zijn wanneer de regering kan uitleggen waarom zij niet kiest voor het beschermen, behoeden en behouden van de studie filosofie. Het is mij bekend dat Mark Rutte visie beschouwt als een olifant die hem het zicht beneemt, maar een visie maakt het wel een stuk gemakkelijker om beslissingen van overheidswege te accepteren. Studenten hebben nu niet eens een olifant die hun het zicht beneemt: er is niets om te zien. De regering laat het bestaansrecht van studies over aan de markt. Die markt komt niet met sterke argumenten om studies al dan niet te behouden. Die argumenten moeten komen van de regering. En als de regering moeite heeft met het vinden van kwalitatief goede argumenten, dan roep ik haar op om in Rotterdam de prachtige studie filosofie te volgen.