Elite is oké, maar noem de rijken ‘diknekken’

Nederlanders wíllen nog wel een elite, blijkt uit een groot onderzoek van het SCP. Maar overduidelijk niet de elite die er nu is.

Onder- en bovenlaag

Waarom zou iemand nog bij de elite wíllen horen? In een onderzoek van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) komen de invloedrijke Nederlanders uit politiek, bestuur, bedrijfsleven of cultuur er slecht van af. Over zichzelf, blijkt uit interviews, zijn ze kritisch en onzeker. Bij de rest van de bevolking overheerst de weerzin.

Het SCP noemt het „opvallend”: veel deelnemers aan hun enquête waren geïrriteerd over de vragen. Elite, bestaat die nog dan? Tegelijk vonden veel respondenten het woord zelf te mooi voor een groep die ze kennelijk toch onderscheiden, maar liever omschrijven als ‘diknekken’. Sommigen hadden het over ‘extreme rijken, zelfzuchtig en meedogenloos’.

Het SCP presenteert zijn tweejaarlijkse studie over de sociale staat van Nederland deze week in vier afleveringen. Het thema is ‘Verschil in Nederland’. De weerstand tegen de elite laat niet zomaar wat onvrede zien. Op één in een overzicht van de ‘meest conflictueuze tegenstellingen’ staan de autochtonen tegen de allochtonen: van de ondervraagden ziet meer dan 60 procent die tegenstelling als bron van ruzie en problemen. Daar net achteraan (bijna 60 procent) komt het verschil tussen ‘machtigen en de rest’.

Maar de meesten zien zichzelf niet als de zielige ‘rest’. Gevraagd naar de eigen plaats op de maatschappelijke ladder - van 1 tot en met 10 - zet de grootste groep zichzelf op plek 7.

En op de verfoeide plek 10? Volgens de meesten zijn dat directeuren, politici, topbestuurders. Mannen zoeken de elite vooral in de wereld van economie en financiën, vrouwen vaker bij de adel; ouderen zien elite in wetenschap en cultuur. Veel hoogopgeleiden vinden dat presentatoren en sporters er níet bij horen.

Er is geen vergelijkbare studie van twintig jaar terug of langer. De onderzoekers dénken wel dat er een flink contrast is met de tijd dat er koosnaampjes waren als ‘vadertje Drees’, ‘Abraham (Kuyper) de geweldige’ of ‘Us Ferlosser’ (Domela Nieuwenhuis).

Nederlanders wíllen wel een elite. Een op de drie ondervraagden zou het landsbestuur graag overlaten aan ‘enkele krachtige leiders’.