De Europese grenzen van het uitzendwerk

Deze rubriek belicht elke dinsdag kwesties uit het bedrijfsleven waarover de rechter zich onlangs uitsprak. Vandaag: uitzendwerk en bijstand.

Een arbeidsconflict in Finland over de inzet van uitzendkrachten krijgt mogelijk consequenties in Nederland. De vraag is of werknemers en werkgevers in cao’s afspraken mogen maken over beperking van de inzet van uitzendkrachten. Die vraag is aan in de orde in een nog lopende procedure bij het Hof van Justitie van de Europese Unie in Luxemburg.

Het gaat om een procedure die de Finse vakbond voor transportwerknemers heeft aangespannen tegen werkgevers die afspraken over uitzendkrachten zouden hebben geschonden. Het geschil is door de Finse rechter voorgelegd aan het Europees Hof: zijn dergelijke afspraken wel verenigbaar met de Europese regels? Zo mogen er alleen afspraken gemaakt worden over beperking van uitzendkrachten als het algemeen belang of ‘de goede werking van de arbeidsmarkt’ ermee gediend is.

De advocaat-generaal diende het Hof onlangs van advies. Volgens hem staat het werkgevers en werknemers vrij om bindende afspraken te maken, maar die moeten wel in lijn zijn met de Europese uitzendrichtlijn.

Vooruitlopend op de definitieve uitspraak van het Hof, wil de Algemene Bond Uitzendondernemingen (ABU) dat minister Asscher (Sociale Zaken, PvdA) nu al maatregelen neemt. Volgens de ABU groeit het aantal bepalingen in cao’s dat uitzendwerk in strijd met de Europese richtlijn beperkt. In zeker een kwart van de 750 cao’s zou dat het geval zijn. Asscher moet volgens de ABU de reikwijdte van dergelijke bepalingen beperken.