Afschaffing van vrije artsenkeuze niet in lijn EU-recht

Verkeerde conclusies na uitspraak Raad van State, schrijven Koen Mous en Steef Verheijen.

Minister Schippers wil zorgverzekeraars de mogelijkheid bieden om verzekerden met een naturapolis te verplichten zorg af te nemen van een zorgaanbieder die door de zorgverzekeraar gecontracteerd is. Indien de verzekerde met een dergelijke polis dan toch naar een andere zorgaanbieders wil, moet hij de rekening zelf betalen. Het recht op vrije artsenkeuze wordt daarmee afgeschaft voor verzekerden met een naturapolis.

De vraag is of dit wel strookt met de rechten die patiënten op grond van het Europese recht hebben. Buitenlandse zorgaanbieders hebben immers (meestal) geen contract met Nederlandse zorgverzekeraars. Schippers’ voorstel zou betekenen dat veel behandelingen in het buitenland niet meer hoeven te worden vergoed. Dat lijkt in strijd met het vrije verkeer van diensten in EU-verband.

De Raad van State heeft zich recentelijk uitgelaten over de Europeesrechtelijke houdbaarheid van het voorstel. Dat de conclusies van de Raad lastig te interpreteren zijn blijkt wel uit de berichtgeving erover. De Raad stelt in zijn eigen conclusie dat het voorstel „in grote lijnen” „lijkt” aan te sluiten bij het Europese recht. Volgens de Raad is wel „onduidelijk” hoe het voorstel zich verhoudt tot het Europese recht als het gaat om zogeheten tweedelijns extramurale zorg.

Hieronder valt bijvoorbeeld poliklinische ziekenhuiszorg als het verblijf minder dan 24 uur duurt. Door te spreken over „onduidelijk” laat de Raad volgens ons zelf al doorschemeren dat hij er niet geheel van overtuigd is dat het wetsvoorstel volledig in lijn is met het Europese recht.

Doordat de Raad de conclusies relatief vaag heeft gehouden, hebben diverse media ten onrechte uit het advies afgeleid dat het voorstel in lijn zou zijn met het Europese recht. Deze conclusies zijn onjuist en laten zien dat de Raad in stelliger bewoordingen had moeten concluderen dat Schippers’ voorstel de Europees-rechtelijke toets niet kan doorstaan, in ieder geval als het gaat om extramurale zorg, een omvangrijk deel van het zorgpalet. Er kan slechts worden gegist naar het antwoord op de vraag waarom de Raad zijn conclusies zo vaag heeft geformuleerd dat de indruk gewekt wordt dat het voorstel door de beugel kan. Hopelijk heeft de Eerste Kamer oog voor deze belangrijke kanttekening bij de mediaberichten over het advies van de Raad van State. Wat ons betreft zouden senatoren op basis van het advies niet gerustgesteld moeten zijn dat het wetsvoorstel daadwerkelijk EU-proof is.

Om Europees-rechtelijke bezwaren te omzeilen kan Schippers ervoor kiezen de nieuwe wetgeving enkel van toepassing te laten zijn op Nederlandse zorgaanbieders. In dat geval is er geen strijd met het vrije verkeer van diensten. De consequentie zou echter zijn dat Nederlandse zorgaanbieders achtergesteld worden ten opzichte van buitenlandse. Laat dat in 2006 nu juist de reden zijn reden geweest voor de introductie van het recht op vrije artsenkeuze in de Zorgverzekeringswet. Wie de geschiedenis niet kent, is gedoemd haar te herhalen.