Weg met Ceausescu! Leve vrijheid!

De sculptuur Hydra (polyester, verf, papier en vernis) van de Roemeense beeldhouwer Corstin Ionita. Foto Beelden aan Zee

Als een regime valt blijkt altijd even het gewicht van kunst, doordat met de regering ook steevast een standbeeld wordt omgetrokken – tegenwoordig met social media erbij om te bewijzen dat de revolutie ‘echt’ is.

Toen het Roemeense volk in 1989 in opstand kwam en Elena en Nicolae Ceausescu fusilleerde was Twitter er nog niet, maar ook daar werd een bronzen Leninbeeld met veel drama onttroond. Opgehesen door een kraan, bungelde het als aan een strop. Een historisch moment. Daarna resteerde een lege sokkel én de moeilijke vraag: wat nu? Wie mag er nog op een sokkel?

De dertien Roemeense kunstenaars in de tentoonstelling Transformatie in Museum Beelden aan Zee in Scheveningen waren deels nog in de luiers toen dit gebeurde – ze zijn geboren tussen 1977 en 1989. Aan hen is de verlammende last van de vrijheid: weg is het regime, weg het socialistisch realisme, en dus kunnen zij zelf bepalen wat kunst nu kan gaan betekenen.

Dat feit kenmerkt deze spannende tentoonstelling. Met hun keuze voor een politieke kunst keren de exposanten terug naar 1989 als een nulpunt. Je ziet een ineenzakkende witte vredesvlag (Radu Cioca), een omgevallen Leninbeeld van bordkarton (Mihai Zgondoiu), een volledig goud geschilderd appartement – naar de gouden bergen die Ceausescu beloofde (Alexandru Poteca). Mocht dat allemaal nogal plat klinken, dat is onterecht. Veel betekenissen laten zich zoeken zoals deze kunstenaars ook in het dagelijks leven met moeite naar duiding speuren.

Wel weten ze zeker dat ze nogmaals de oude macht willen onttronen en waar kan dat beter dan op de sokkel van dat oude Leninbeeld. Twintig kunstenaars hebben daar de afgelopen paar jaar om beurten eigen creaties opgezet: een gesmolten Lenin, een ode aan een kapitalistische arbeider, een cartooneske explosie – boem, weg met de slechteriken! José Macotela en Chantal Navarro bouwden er een trap van pallets tegenaan, zodat iedereen even op dat voetstuk kan staan. Dat is pas kunst van de democratie.

Intussen is de dictator al jaren dood, de sokkel is leeg, de nieuwe kunst staat in een museum. Maar als je daardoorheen loopt is het toch vooral wonderlijk dat zulke jonge Roemenen, geen van allen opgeleid in het socialistisch realisme, blijven vechten tegen dat verleden. Ze doen dat in musea en in de openbare ruimte, waar kunst zich altijd moet verweren tegen alle partijen die er aanspraak op maken. Lenins sokkel is nog altijd zo besmet dat de overheid heeft besloten die te slopen, tot verdriet van deze kunstenaars. Na twintig duiveluitdrijvers is die toch wel gezuiverd, stellen zij.

Misschien. Maar echt neutraal zal de sokkel nooit worden, maar het kan zo zonder Lenin ook juist een monument van de revolutie zijn. Al zijn de redenen van het protest van deze Roemeense kunstenaars niet helemaal duidelijk. Zou er misschien iets persoonlijks meespelen, dat zij eigenlijk liever hun eigen kunst op die sokkel blijven hijsen?