Geef me een verrassing

Sommige dingen zullen nooit veranderen: beginnende schrijvers, bijvoorbeeld, die een kort verhaal schrijven over een jonge vrouw met een angststoornis en een problematische relatie. Dat doet ook de jonge Vlaamse schrijfster Lize Spit (26), die zich al eerder in de kijker speelde met goede inzendingen bij verhalenwedstrijden – al bewijst zij dat je van een uitgekauwd thema toch heel goed proza kunt bakken. ‘De laatste maand heb ik meer paniekaanvallen dan seks’, is de onopvallende, maar sterke beginzin, en zo schrijft Spit vaker, compact, slim, betekenisvol. Haar verhaal ‘Zadelpijn’ gaat over een jonge vrouw die een weekend met een groepje vrouwen naar Parijs gaat, om het probleem van haar angst een tijdje te vergeten. (Nee, dat lukt natuurlijk niet.) Spit schrijft rake zinnen en roept beelden op die je bijblijven: van een hand met uitgetrokken nagels bijvoorbeeld, na een spacecake-incident. Zo is Lize Spit (onthoud die naam) al uitgegroeid tot iemand van wie ik alles wil lezen. En dat bereikte ze al zonder dat er een debuutroman voor nodig was – voor dat soort ontdekkingen lees je dus een literair tijdschrift.

Toch slaagt lang niet alles erin te verrassen, in het nieuwe nummer van Das Magazin, dat al twaalf nummers lang het jongste literaire tijdschrift van Nederland is. Vaste rubriekjes, vaste auteurs die hun vaste dingetje doen – de huidige formule lijkt wat sleets geworden. De vaste rubriek waarin je de juiste schrijver bij niet-ondertekende verhalen moet raden werkt dit keer al helemaal niet, omdat vier van de vijf schrijversnamen wel héél onbekend zijn. Wel vermakelijk is de longread van Philip Huff waarin de schrijver op intellectueel onderzoek gaat in de wereld van de webcamseks. Maar de conclusie is een anticlimax. Huff ontdekte: webcamporno ‘is nooit seks. Je bent nooit samen in de wereld.’ Verrassing?