Randstad is mooie kandidaat Spelen

Volgens het 73-jarige erelid kan het IOC hervormen wat hij wil, maar zal het kringetje dat Olympische Spelen kan organiseren beperkt blijven.

Hein Verbrugge in het Zwitserse Lausanne. Foto ANP

Nadrukkelijk buigt Hein Verbruggen over tafel. „Weet je wat het is”, zegt hij op besliste toon, „de Olympische Spelen zijn zo verschrikkelijk, fucking gecompliceerd, dat een kringetje van hooguit 25 landen de organisatie aankan. En dat model is niet te vereenvoudigen, geloof me.”

Het IOC hervormen, dat klinkt nobel. En is het ook, meent het Nederlandse erelid. Maar het effect op de Spelen zal gering zijn, voorspelt de nog immer invloedrijke Verbruggen. Ja, voor die 25 landen wordt de kandidaatsdrempel verlaagd. Hij juicht dat toe, want bids moeten eenvoudiger en vooral goedkoper worden. Maar van een verdere mondialisering van de Olympische Spelen zal geen sprake zijn, ook niet als het IOC komende week in Monaco 40 hervormingsvoorstellen goedkeurt.

Olympische Spelen in Afrika? Verbruggen ziet het er (nog) niet van komen. Geen land op dat continent is in zijn ogen capabel. „Nee, zelfs niet Zuid-Afrika, ook al is daar het WK voetbal gehouden”, countert Verbruggen. Een tikje gechargeerd: „Dat toernooi is relatief eenvoudig te organiseren. Eén stad, één stadion en het transport van twee spelersbussen, dat is het grofweg. Onvergelijkbaar met de Spelen; die zijn van een veel hogere orde.” Ter vergelijking: „We hebben in 2010 toch gezien hoe moeizaam de Gemenebest Spelen in India zijn verlopen. Nou dan.”

Is inkrimping van het programma van de Olympische Spelen dan geen optie?

Hein Verbruggen, hulploosheid veinzend: „Dat is een uitermate politiek onderwerp. Van mij mag voetbal geschrapt worden; voegt niks aan de Spelen toe. Maar daar denken ze in Afrika heel anders over; één van de weinige medailles die ze kunnen winnen. Of neem de afdaling bij het alpineskiën. Zie ik één vent naar beneden suizen die aan de finish een tijd achter zijn naam krijgt, dat is het. Dan is skicross, waar vier skiërs tegelijk op de finish afstuiven, aanzienlijk boeiender.”

Houden afzonderlijke voorkeuren een renovatie van het programma tegen?

„Ja, omdat elk land, elke sportbond zijn belang heeft. Dat maakt de organisatie van de Spelen juist zo gecompliceerd. Je denkt toch niet dat het IOC invloed heeft op bondscongressen waar 150 landen vertegenwoordigd zijn? Bij vergaderingen van de KLM willen alle aandeelhouders hetzelfde: dividend. Maar zo gaat dat niet in de sport. Congressen stemmen nooit met hun verstand, dat is toch bekend?

Moet de overheidsinvloed op Spelen niet teruggeschroefd worden?

„De tijd is voorbij dat Olympische Spelen alleen sportfeestjes zijn. Het merk is zo sterk, daar willen overheden iets mee. Daar is ook niets op tegen, zo lang dat in het landsbelang is. Als een dictator in een wild land de Spelen voor eigen glorie wil gebruiken, moet je daar dikke vraagtekens bij zetten. Als een overheid, zoals in Londen is gebeurd, de Spelen gebruikt als katalysator voor het verbeteren van een verpauperd stadsdeel, vind ik dat legitiem.”

Vindt u Poetins invloed op de Winterspelen van Sotsji dan ook verdedigbaar?

„Op zich wel. Het was alleen op een goed moment out of proportion. En dat werkte tegen het IOC. Zodra de Spelen zijn toegewezen aan een stad heeft het IOC de overheid niet meer in de hand. Dan zie je dat plannen veranderen en kan het gebeuren, zoals in Sotsji, dat kosten enorm stijgen. De operationele kosten van de Spelen bedragen zo’n drie à vier miljard euro. Die investering is terug te verdienen; als het goed gebeurt zelfs met winst.”

Hoe voorkom je een tweede ‘Sotsji’?

„Door geen soortgelijke kandidatuur te accepteren. Sotsji werd gekozen terwijl er niks was, he-le-maal niks. Zeg tegen zo’n stad: bouw eerst maar en kom dan terug.”

Is Poetins invloed doorslaggevend geweest bij de toewijzing van Sotsji?

„Dan kom je in de krochten van de ziel van IOC-leden. Ik ben door Poetin ontvangen, maar heb mijn stem daar niet van laten afhangen. Sotsji won met een verschil van vier stemmen. Dat kan dankzij Poetin zijn geweest. Maar dat weet niemand.”

Sportbonden hebben grote invloed op de Spelen. Hoe breek je die macht?

„Dat is een probleem, in mijn ogen het grootste waarmee voorzitter Thomas Bach heeft te maken. Werkt hij deels zelf in de hand door voortdurend te benadrukken dat de bonden autonoom zijn. Omdat hij geen ruzie wil. Het gevolg is dat bonden doen wat ze willen.”

Heeft u een oplossing?

„Ja, bonden onder toezicht stellen. Er is geen enkele controle op hun doen en laten. Als voorzitter van SportAccord [koepelorganisatie van internationale sportfederaties, red.] heb ik geprobeerd dat te veranderen. Maar mijn opvolger Marius Vizer (voorzitter internationale judofederatie red.) wil helemaal geen controle.”

Hoe zag u de hulp aan sportbonden?

„Onder andere met steun bij financiën, op ethisch terrein en bij aanpak van doping. De WADA-code vraagt per 1 januari maatregelen waar veel bonden niet aan kunnen voldoen. Dus doen ze zo weinig mogelijk of outsourcen ze dopingverplichtingen, onder het mom: als we in godsnaam maar geen positieven hebben. Ik had de bonden verder willen professionaliseren. Zie hoe wereldvoetbalbond FIFA stuntelt met de aanpak van doping. De FIFA heeft wel de mogelijkheden, maar niet de goede mensen.”

Is het IOC niet de aangewezen partij voor de rol van toezichthouder?

„Ik vind van wel. Er is geen alternatief. Bach waagt zich er niet aan, omdat het zo politiek is. Maar vroeg of laat moet hij wat doen. Nu zou een moment kunnen zijn. Bach heeft een sterke positie. En hij heeft één groot wapen: de Olympische Spelen.”

Als het IOC is hervormd, moet Nederland dan alsnog de Spelen willen?

„Ik ben altijd een voorstander geweest. We kunnen het en de Spelen zouden een enorme opsteker voor de Nederlandse sport betekenen. We zijn een sportgek land en presteren goed. Daar hoort de organisatie van Olympische Spelen bij.”

Hoe overtuig je dan tegenstanders?

„Met iets revolutionairs. Ik denk vooral aan het gebruik van water. Drijvende stadions bijvoorbeeld, of een Olympisch Dorp boven water, ik bedenk maar iets. Bouw unieke expertise op die later te gelde kan worden gemaakt. Betrek het bedrijfsleven nauw bij de plannen.”

Welke stad moet zich dan kandideren?

„Amsterdam natuurlijk. Maar dan wel uit naam, want als stad alleen is Amsterdam te klein. Daarom moet je de Randstad er bij betrekken, zeg maar de ruit Amsterdam, Den Haag, Rotterdam en Utrecht. De nieuwe richtlijnen staan dat ook toe.

Hoe creëer je draagvlak onder de vele sceptische Nederlanders?

„Met een plan dat winstgevend is. Als een land duurzaam profijt heeft van de Spelen, en de inwoners daarvan overtuigd raken, heb je draagvlak, ook bij de politiek. Dat het IOC de Spelen gaat versoberen is in het voordeel van ‘maaiveld’ Nederland.”