Ploetermoeders, zeur niet en blijf werken

De mamapauze is een slecht idee, stelt Phaedra Werkhoven. Vrouwen moeten niet nóg minder gaan werken.

De laatste tijd krijgen we bij Fabulous Mama mails van hoger opgeleide moeders, die bijna niet ervoor durven uitkomen dat ze liever thuis bij hun kinderen zijn. Waarom we daar nooit aandacht aan besteden. Ik mail dan terug dat iedereen vooral zelf moet weten hoe te moederen en te werken en dat we er zeker een keer over zullen schrijven.

Lang verkeerde ik in de veronderstelling dat die moeders in de minderheid waren. Tot mijn oog vorige week viel op een artikel van de Belgische journaliste Ilse Ceulemans. Zij stelt dat moeders gebruik moeten maken van de drie ‘fases’ in hun leven. In fase 1, de groeifase, wordt er gestudeerd en gewerkt; in fase 2, de kinderfase, vanaf het 35ste levensjaar, wordt er twee dagen per week gewerkt en in fase 3, vanaf het 45ste levensjaar, wordt er aan de carrière gewerkt. Vrouwen moeten het stokje aan elkaar door geven. (Vaders worden niet genoemd.) Dus: de vrouwen uit de kleine kinderfase staan hun baan af aan de vrouwen uit de carrièrefase. Het kan immers niet goed zijn – al die moeders die zoveel van huis zijn als hun kinderen tussen de nul en tien jaar oud zijn, stelt Ceulemans.

Het artikel zorgde voor een fel debat in België. Het raakte een zenuw, van ‘schuldgevoel’ en ‘moederschapscultuur’, van de gedachte dat moeders nu eenmaal bij de kinderen horen. Daardoor is er iedere keer weer voedingsbodem voor dergelijke pleidooien.

In Nederland haakte AD-columniste Eefje Oomen in op dit fenomeen. Ook zij ploetert door haar moederschap en carrière heen om zich vervolgens af te vragen: Waarom zou ik niet de ‘mamapauze’ van Ceulemans nemen? Toen ik haar verhaal las, werd ik pas echt ongerust.

Laten we even Nederland en België in cijfers vergelijken. In België werkt 58 procent van de moeders parttime, in Nederland 62 procent. In Nederland zijn we er trots op dat inmiddels een dikke 75 procent deelneemt aan het arbeidsproces – zij het in een kleine baan, maar wel groeiend in die grotere baan. Daarom aanschouw ik de hang naar minder werken, en zelfs een ‘mamapauze’, met veel zorg.

Het geleuter van die dames raakt ook mijn zenuw. We gaan toch niet beweren dat we terug naar af moeten? Dat zelfs hoogopgeleide moeders schaamteloos zeggen, onder een soort nieuw feministisch sausje, dat het beter is om thuis bij de kinderen te zitten? Want, zoals Ceulemans stelt: „Je kinderen zullen je dankbaar zijn”. Wat is dat voor sprookjeswereld?

Nee, moeders van Nederland, dat gaan we dus even niet doen. Ik zal niet zeggen dat moeders zich over de kop moeten werken in een fulltime baan. Maar accepteer dat kinderen hebben en werken altijd gedoe is. Een zekere mate van stress hoort hier nu eenmaal bij. Probeer te kijken naar de leuke kanten van dat stressvolle leven. Leg de ploetermoeder in jezelf het zwijgen op. Los knelpunten op. Neem een oppas aan huis. Zorg voor je geluk. Want de combinatie kinderen en werk maakt gelukkig.

Bovendien, begin je na je 35ste aan kinderen, dan heb je al direct een achterstand, want met het stijgen van de jaren neemt de vruchtbaarheid af. En begin je na je 45ste pas serieus aan je carrière, dan mis je ook de boot. Ten slotte is het ook nonsens dat kinderen na hun tiende minder zorg vragen. Juist pubers eisen heel veel van je.

Nee, de enige weg is kinderen en werk in je leven integreren. Begin er vroeg aan en doe het samen. Leid een volwassen leven, zonder te jengelen als een kleuter, waarin beide grootheden naast elkaar kunnen bestaan. En geniet er een beetje van zeg, je hebt maar één leven.