Wat een manager allemaal kan leren van bordspelletjes

De tactiek en strategie van bordspellen als Risk, Kolonisten van Catan en Carcassonne kun je inzetten in de bestuurskamer, vinden Harry Veenendaal en Rob Okhuijsen. Zij schreven het boek Strategen van Catan, van Bordspel naar Boardroom (Prometheus Bert Bakker, € 19,95).

Netwerken leer je bijvoorbeeld van Weerwolven van Wakkerdam, een populair kaartspel waarin alle spelers in het spel een rol hebben (zoals weerwolf of burger), maar de meesten weten niet wie er aan hun kant staan. Risk traint mensen in te schatten op welk moment ze het best de concurrentie kunnen aanvallen en wanneer verdediging de verstandigste strategie is, zeggen de auteurs.

‘Soms zit ik te veel te plagen’

Ook Frank Heemskerk is, behalve de Nederlandse bewindvoerder bij de Wereldbank, oud-staatssecretaris en oud-bestuurder bij Royal Haskoning, een liefhebber van bordspellen. Hij kan niet goed tegen zijn verlies, schrijft hij in zijn column in het boek. Reden om hem te vragen welke lessen hij heeft getrokken uit zijn favoriete spelletjes.

1.Wordt er wel eens een bordspel gespeeld bij de Wereldbank?

„Nee. Misschien zit er af en toe tijdens een lange vergadering iemand patience te spelen op een iPad, dat weet ik niet.”

2.Denkt u wel eens: hoe zou ik dit doen als het een spelletje was?

„Ik heb de neiging om informeel te zijn, humor te gebruiken. En dat werkt, maar niet altijd. Als het gaat over de ebolacrisis in Afrika, waarop de internationale gemeenschap veel te langzaam reageerde, dan moet je het juist heel ingetogen brengen om effectief te zijn. Dat is mijn valkuil - net als bij spelletjes. Soms zit ik net te veel te plagen.”

3.Wanneer speelde u voor het laatst een bordspel?

„Met Thanksgiving hebben we met een ander Nederlands gezin gerummicubd. Oerhollands gezellig. In mijn geval val ik snel terug in mijn aloude gedrag: een beetje pesten, mensen uit de tent lokken. Dus dan haal ik het hele bord overhoop. En dan kom ik uiteindelijk weer op hetzelfde uit.”

4.Wat is voor u de belangrijkste les van al uw uren met bordspellen?

„Dat het uiteindelijk vooral om de lol gaat. En als je het gezellig wil hebben, moet je niet altijd maar plagen. Mijn oudere broer vond dat vaak wel leuk, maar mijn jongere broer niet.”

5.Op welke stad zet u in bij Monopoly?

„Ik ben altijd dol op Haarlem, net na de gevangenis. Ik heb het gevoel dat mensen daar veel op komen. Het is niet zo duur om er te bouwen, maar je krijgt er redelijk wat voor terug.

„Ik vind Rotterdam ook altijd een killer, daar ga je vaak helemaal failliet op. De huizen kosten net als in Amsterdam 20.000, maar je hebt er drie straten naast elkaar. Het is heel duur om te investeren, maar het betaalt uiteindelijk wel uit met een megaknaller. Het is alles of niets, met Rotterdam. En dan heb je Haarlem voor de steady inkomsten.”