Poetin zit in het nauw en draait zich steeds verder vast

Het was mooi om gisteren uit de mond van president Poetin te horen dat „ieder land een onvervreemdbaar recht heeft om zijn eigen ontwikkelingspad te bepalen, bondgenoten en politiek regime te kiezen, een economie op te bouwen en zijn veiligheid zeker te stellen”. Het zijn woorden die iedereen ter harte kan nemen – Poetin zelf in de eerste plaats. „Rusland”, vervolgde hij in zijn jaarlijkse toespraak tot het parlement, „heeft deze rechten altijd gerespecteerd en zal dat altijd doen. Dat is ook volledig van toepassing op Oekraïne en het Oekraïense volk.”

Met de werkelijkheid hebben die woorden helaas niets te maken. De hele wereld heeft kunnen zien dat Rusland Oekraïne juist probeert te verhinderen om zijn eigen weg te gaan en zijn eigen bondgenoten te kiezen. Bondskanselier Merkel verzuchtte deze zomer in een gesprek met president Obama dat Poetin „in een andere realiteit” leeft. Gisteren bleek opnieuw hoe terecht die observatie was.

Rusland verkeert in grote problemen. De economie lijdt onder de sterk dalende olieprijs, terwijl de groei stagneert en financiële sancties de toegang tot westers kapitaal bemoeilijken. Russisch kapitaal ontvlucht het land. Dat gasexporteur Rusland ruzie heeft met zijn belangrijkste klant, Europa, zorgt voor een somber perspectief voor de langere termijn. In de wereld van Poetin is dat allemaal de schuld van anderen.

Verbitterd verweet hij het Westen er altijd al op uit geweest te zijn om Rusland in te tomen en tegen te werken. Als er geen crisis over Oekraïne was uitgebroken, stelde hij, dan hadden ze wel een ander voorwendsel gevonden om sancties in te stellen of Rusland hard te treffen. Nu zou het Westen er zelfs op uit zijn Europa te verdelen met een nieuw IJzeren Gordijn.

Met zulke nationalistische, verongelijkte retoriek kan Poetin in eigen land misschien de aandacht van de huidige problemen afleiden, maar hij maakt hij het zichzelf en zijn land juist moeilijker. Poetin zit in het nauw, maar zo draait hij zich steeds verder vast. Hij zegt dat Rusland „nooit de weg op zal gaan van zelf gekozen isolement, xenofobie, achterdocht en het zoeken naar vijanden” – maar veel wijst erop dat hij zijn land wel degelijk die kant opstuurt.

Dat is onheilspellend, voor Rusland en voor heel Europa. Bijzonder zorgelijk is ook dat Poetin de annexatie van de Krim nu in religieuze termen rechtvaardigt: het schiereiland zou voor de Russen even belangrijk zijn als de Tempelberg voor joden en moslims.

Rusland is en blijft een groot en belangrijk land op het Europese continent. Maar Poetin verhindert het de andere Europese landen steeds meer om een manier te vinden om daarmee te leven.