Leg IBAN maar eens uit aan iemand met laag IQ

De hulpvraag van mensen met een laag IQ is sterk gegroeid omdat de samenleving ingewikkelder is geworden. Dat concluderen SCP-onderzoekers in een deze week verschenen rapport.

Henriette Sandvoort (38) buigt zich diep over haar agenda om de datum op de bladzijde te kunnen zien. In haar kantoor maakt ze samen met collega Ellis Jongerius (29) een nieuwe planning voor trainingen van de komende tijd. Sandvoort heeft naast een licht verstandelijke ook een visuele beperking. Haar zicht is een koker: ze ziet alleen recht vooruit.

Sandvoort en Jongerius werken allebei als ervaringsdeskundigen bij de LFB, een belangenorganisatie voor en door mensen met een verstandelijke beperking. Ze verzorgen er trainingen aan professionals en mensen met een lichte verstandelijke beperking – een IQ tussen de 50 en 85.

Mensen die, zo blijkt uit onderzoek, steeds vaker om hulp vragen.

De hulpvraag van mensen met een lichte verstandelijke beperking vervijfvoudigde tussen 1998 en 2011 tot 108.000. Niet omdat deze groep gegroeid is, schrijven onderzoekers in een gisteren uitgekomen rapport van het Sociaal en Cultureel Planbureau, maar omdat de maatschappij op vele fronten ingewikkelder wordt.

Drie dikke mappen

„We moeten ineens van alles”, zegt Jongerius. Zelf is ze licht verstandelijk beperkt en heeft ze een gematigde vorm van autisme. Ze krijgt 24-uurs zorg via de AWBZ. „Er wordt verwacht dat we heel veel zelf kunnen; bijvoorbeeld bankzaken en zorg aanvragen. Maar vroeger werd dat allemaal gedaan. We hebben dat nooit geleerd.”

Op de tafel voor haar liggen drie dikke mappen. „Samen sterker” en „Die ken ik” staat er op de voorkant. Door trainingen is Jongerius steeds beter geworden in het leggen van contacten. Nu geeft ze zelf cursussen die vooral gericht zijn op het vergroten van iemands sociale netwerk. „Met het idee van de participatiesamenleving wordt dat steeds belangrijker.”

‘Ik kan het gewoon niet goed zien’

Sandvoort woont al op zichzelf en krijgt ongeveer een keer in de twee weken hulp van een begeleider bij praktische dingen, zoals post beantwoorden. Ze heeft soms het gevoel dat zaken als internetbankieren haar worden opgelegd. „Veel instanties gaan ervan uit dat iedereen digitaal kan betalen, maar voor sommige mensen is dat lastiger. Ik begrijp niet altijd wat ik precies moet doen en ik kan het ook gewoon niet goed zien.” Ze regelt haar bankzaken liever via papieren machtigingen.

Ook in het onderwijs en op de arbeidsmarkt is het volgens Jongerius en Sandvoort moeilijker meekomen. Jongerius: „Alles moet sneller en beter.” Ze volgde op het roc een niveau-1-opleiding tot administratief medewerker. Na haar opleiding ging ze met hulp van een coach op zoek naar een baan. Dat bleek vrijwel onmogelijk: „Veel van de taken die ik kon doen werden geautomatiseerd. Daarbij willen veel werkgevers liever iemand met niveau 4. Ik heb wat meer tijd of uitleg nodig en daar is geen ruimte meer voor.”

Toch biedt de digitalisering ook voordelen. Denk aan een digitaal loket waarmee zorgaanbieders 24 uur per dag bereikbaar zijn. Of de website steffie.nl, waar aan de hand van illustraties en animaties uitgelegd wordt hoe je een e-mail moet versturen of geld overmaakt via IBAN.

Natuurlijk zitten er positieve kanten aan de veranderingen, vinden de ervaringsdeskundigen. Sandvoort: „Het is fijn dat het normaler is dat wij gewoon meedoen in de samenleving. Want waarom moet ik steeds uitleggen dat ik een beperking heb? Wij moeten ons altijd maar aanpassen aan de maatschappij, maar die mag ons ook best een beetje tegemoet komen.”