Van gratis naar betaald werk? Neuh

Werklozen kunnen vanaf 1 januari verplicht worden vrijwilligerswerk te doen, nu gebeurt dat al op kleine schaal. Zo zouden ze beter aan een baan komen. Maar wat blijkt: het werkt niet.

illustratie tomas schats

Als jij op 1 januari volgend jaar in de bijstand terechtkomt, moet je misschien wel populaties verwilderde zwerfkatten beheren of schoonmaken bij de Voedselbank. Want vanaf 2015 kan iemand in de bijstand worden gevraagd om een ‘tegenprestatie’. Wat dat precies inhoudt, mag elke gemeente zelf bepalen. Want, zo denken gemeentes, door vrijwilligerswerk zouden mensen met een uitkering ‘dichterbij de arbeidsmarkt komen’ en het gevoel krijgen dat ze ‘iets terug kunnen doen’ voor de uitkering die ze hebben ontvangen.

Dat is tenminste het idee.

Maar in de praktijk werkt het niet. Verplicht vrijwilligerswerk brengt bijstandsontvangers niet dichterbij een baan, het maakt de kloof naar betaald werk juist groter, blijkt uit promotieonderzoek van socioloog Thomas Kampen aan de Universiteit van Amsterdam. Hij nam interviews af bij 66 bijstandsgerechtigden uit Amsterdam, Eindhoven, Leeuwaarden, Nijmegen en Zaanstad. Deze vijf gemeenten stimuleren mensen met een uitkering al vanaf 2007 om vrijwilligerswerk te doen.

Het ‘actief bezig zijn’ zou de bijstandsgerechtigde helpen aan nuttige werkervaring en een beter netwerk. Maar volgens Kampen ontstaan er problemen. „Mensen gaan zich hechten aan hun vrijwilligerswerk. Het voelt veiliger en rustiger, ze ervaren minder druk dan bij een betaalde baan.” Daarnaast kan het vrijwilligerswerk het zoeken naar een baan in de weg zitten. Aan de ene kant is er het maatschappelijk belang van het vrijwilligerswerk, aan de andere kant het eigen belang om een betaalde baan te vinden. „Bijstanders krijgen een dubbele verantwoordelijkheid”, zegt Kampen.

Dat kan frustrerend zijn. Kampen noemt het voorbeeld van een 44-jarige vrouw die al drie jaar werkloos was en daarvoor in de zorg had gewerkt. Zij ging aan de slag op de buitenschoolse opvang en deed haar werk goed. Maar na een tijdje werd het uitzichtloos. De vrouw trok aan de bel bij de sociale dienst. Ze wilde niet weg bij de buitenschoolse opvang, maar ze wilde – begrijpelijk – wél graag betaald aan de slag. Maar dat zat er niet in.

Hoe kan het beter? Kampen pleit voor functioneringsgesprekken met de sociale dienst en de vrijwilligersorganisatie erbij. „Na een redelijke termijn moet de vrijwillige functie worden omgezet in een betaalde baan.” Vrijwilligerswerk is immers een soort kostenloze reïntegratie, zegt Kampen. „Er moet een tegenprestatie voor de tegenprestatie komen."