Nederland als eerste aan de Russische grens

In januari staat er een ‘flitsmacht’ van de NAVO aan de Russische grens. Bondgenoten vrezen meer agressie in Oost-Europa. Nederland gaat proefdraaien met Duitsers en Noren.

Militairen van de Luchtmobiele Brigade oefenen vlakbij de Noorse stad Elverum op het verplaatsen, opereren en overleven bij temperaturen onder nul. Foto ANP

Nederland, Duitsland en Noorwegen nemen vanaf januari het voortouw bij de stationering van NAVO-troepen aan de Europese oostgrens met Rusland. Ongeveer negenhonderd Nederlandse militairen nemen deel aan dit ‘flitsmachtexperiment’. „Een visitekaartje namens Nederland”, zeggen diplomaten. „Een voorbeeldfunctie”, zegt minister Bert Koenders (Buitenlandse Zaken, PvdA).

Op de NAVO-top in Wales in september werd de oprichting van de ‘flitsmacht’ al aangekondigd. NAVO-bondgenoten als Polen en de Baltische staten, die grenzen aan Rusland, vrezen sinds het uitbreken van de Oekraïne-crisis voor Russische agressie op hun grondgebied. In geval van nood moet de NAVO binnen twee etmalen voldoende militairen en materiaal kunnen overbrengen naar de plaats waar het gebeurt. Very high readiness, in NAVO-jargon. De flitsmacht maakt deel uit van de bestaande NATO Response Force.

Gisteren vergaderden ministers van Buitenlandse Zaken van de NAVO-landen in Brussel over hoe de flitsmacht – in 2016 pas op volledige sterkte – eruit moet zien en wat de kosten zijn. Maar Nederland, Noorwegen en Duitsland gaan al vanaf januari troepen stationeren. De NAVO vindt de haast nodig, omdat het bondgenootschap zich snel zichtbaar wil maken aan de oostgrens.

Een vuist tegen de Russen

„In het luchtruim komen Russische militaire vliegtuigen steeds dichter bij de grens van ons bondgenootschap”, zei NAVO-secretaris-generaal Jens Stoltenberg. „Hun vliegtuigen naderen ook NAVO-schepen, ze komen afspraken over veiligheid niet na, ze zetten hun communicatieapparatuur gewoon uit”, aldus Stoltenberg, die de situatie „zeer zorgelijk” noemt.

Met de Nederlandse deelname aan de flitsmacht wil minister Koenders „een vuist tonen als er iets aan de hand is” en „vertrouwen wekken bij de NAVO-bondgenoten die in de buurt wonen van het gedestabiliseerde gebied”, zei de minister gisteren na het overleg in Brussel. De risico’s noemt Koenders „relatief beperkt. Je laat juist zien dat je zo snel mogelijk het NAVO-bondgenootschap versterkt.”

De plek blijft nog geheim

Voor de flitsmachtoperatie werken de Nederlanders en Duitsers samen vanaf de basis in het Duitse Münster, waar het Eerste Duits-Nederlandse legerkorps (een defensie-eenheid van de NAVO) is gelegerd.

Waar de militairen, samen met de Noren, elkaar aan de oostgrens van de NAVO zullen treffen, is nog onbekend. De locatie „moet een verrassing blijven”, zeggen NAVO-diplomaten die het experimentele karakter van de operatie benadrukken. Bedoeling is om te testen wat de reactiesnelheid is. „Militairen in twee dagen tijd mobiliseren, het transport op tijd regelen en zorgen dat ter plekke alles klaarstaat, dat is een zeer complexe en kostbare operatie”, klinkt het op het NAVO-hoofdkwartier.

De Nederlandse bijdrage aan de overkoepelende NATO Response Force bestaat uit ruim 2.200 militairen van wie er zo’n 900 gedurende één jaar worden ingezet voor de eerste flitsmachtoperatie. In tegenstelling tot bij een internationale militaire missie hoeft nu niet de zogenoemde artikel-100-procedure bij het parlement te worden doorlopen, „omdat het een oefening betreft”, zeggen diplomaten.