IJ-Salon persifleert bureaucratie

„Dames en heren, welkom bij de IJ-Salon. Een ogenblik geduld alstublieft.” Een stem klinkt over de speakers in de Grote Zaal van het Muziekgebouw – gevolgd door een baroksonate. „Onze medewerkers zijn op dit moment bezig live wachtmuziek voor u te spelen.”

Omroeper is Michael Gieler, soloaltviolist van het Concertgebouworkest en artistiek leider van de IJ-Salon. Met zijn KCO-collega’s en andere topmusici bezielt hij al jaren een plek waar op hoog niveau wordt gemorreld aan de concertetiquette. Het programma is deels een verrassing, musici leiden hun stukken zelf in, men werkt nauw samen met andere kunsten en in de pauze zijn er zelfgebakken koekjes.

De persiflage op de bureaucratie bleek onderdeel van Kastje... Muur..., een absurdistische kameropera van Bart de Vrees die in première ging. De ‘plot’ draaide om een vrouw die een formulier moet zien te bemachtigen. Ze raakt samen met een baliemedewerkster verstrikt in een komische (en herkenbare) impasse, mooi gestalte gegeven door zangeressen Anat Spiegel en Maribeth Diggle, recht tegenover elkaar aan een geabstraheerd loket. De Vrees’ muziek was nerveus en prikkelend, met vernuftig klein slagwerk (belletjes, ratel, koebel) en de trombone als smekende, getergde tegenstem. Twee dansers doolden kantooremployés door de zaal.

KCO-solotrombonist Jörgen van Rijen, die ook op de sackbut (baroktrombone) excelleerde in stukken van Bertali en Castello, klonk tijdens de ‘toegiften’ in zijn eentje als een heel ensemble. In Slipstream voor trombone en loopstation van Florian Magnus Maier stapelde hij zijn partijen op elkaar, met fascinerend resultaat.