Eeuwig boos en chagrijnig in de Noorse sneeuw

Gangster Frank uit New York blijft moeite hebben met ‘die linkse softies’ uit Noorwegen.

Daar loopt hij door de sneeuw. Altijd met opgetrokken schouders, een norse trek om de mond en het dikke, zwarte haar keurig in model. Meet Frank, oftewel ‘Little Stevie’ Van Zandt, al jarenlang gitarist van Bruce Springsteen en inmiddels voor het derde seizoen de ster van de zwarte comedyserie Lilyhammer.

Van Zandt brak al eerder door als acteur in The Sopranos en is, met zijn vette Italiaans-New Yorkse gangsteraccent, dit keer de baas van de louche Flamingo Bar in het Noorse Lillehammer. In het eerste seizoen van de komische Netflix-serie zagen we hoe Frank ‘The Fixer’ Tagliano uit New York vlucht en zich met een nieuwe identiteit (Giovanni ‘Johnny’ Henriksen) in Lillehammer settelt. Een plek om oud te worden, hoopt onze hoofdpersoon, die dit stadje ooit op tv zag tijdens de Olympische Winterspelen in 1994.

Maar eenmaal een gangster, altijd een gangster. ‘Giovanni Henriksen’ vervalt al snel in oude gewoontes: hij bevrucht en verlaat een Noorse vrouw, verzamelt een groepje sukkelige figuren om zich heen en handelt, als een ware Godfather gezeten achter het bureau van zijn bar, louche dealtjes af.

Echt integreren doet hij niet, dat merk je aan de stekelige opmerkingen die hij telkens maakt. Als zijn meest trouwe assistent graag wil schansspringen mompelt hij: „Alleen gekken binden houten planken aan hun voeten en gaan vliegen.” Tegen milieuactivisten die een blauwe vinvis willen redden zegt hij: „Wat is dit voor een Free Willy-bullshit?” Heerlijk, die no-nonsense houding. Je ziet hem telkens weer denken: rare jongens, die Noren.