Een zware boodschap gevolgd door een grap

Dit weekend overleed Luc de Vos, zanger van Gorki. De band is erg populair, maar in Nederland weinig bekend. Fan Alex van der Hulst legt uit wat er zo goed aan is.

Waarom scoorden Raymond van het Groenewoud en Clouseau wel hits in Nederland en Gorki, de band van de zaterdag overleden Luc de Vos, nooit? Dat lag aan marketing, de toegankelijkheid van de muziek ook. En misschien had Gorki er nooit zin in al die Nederlandse podia af te gaan om bekendheid te vergaren terwijl ze in eigen land hartstikke populair waren.

Je kunt de vraag ook andersom stellen: waarom scoorde Bløf nog nooit een hit in Vlaanderen? We mogen dan dezelfde taal spreken, er zijn blijkbaar dermate grote verschillen tussen de twee landen dat het bepaalde bands niet lukt om de grens tussen Nederland en Vlaanderen over te steken.

Hooguit gelijkgestemden

En toch is de geringe bekendheid van Gorki een gemis voor veel Nederlanders. De teksten van Luc de Vos kennen hun weerga niet in ons land. Je kunt de Tröckener Kecks noemen, The Scene of Spinvis, het zijn hooguit gelijkgestemden van Gorki, maar tegelijkertijd onvergelijkbaar.

In de nummers van Gorki ging het over hoe wij – altijd was het wij – overeind moesten blijven in dit tranendal. Luc de Vos greep daarin terug op de tijd tussen zijn achttiende en achtentwintigste die hij naar eigen zeggen op de bank doorbracht. Lanterfantend, verstoken van liefde, verward over het leven en vrezend voor de spoken die met middernacht zouden komen. Een lange post-puberteit. In zijn teksten figureerden Billy, Molly, Johnny, Anja, Mia, Bartje en de brave hoer Martine. Het ging over jongens die ’s nachts de handen niet boven de dekens wilden houden.

Luc de Vos kon ontzettend droevig zingen hoe gelukkig hij was en dat het weer eens feest was. Het was misschien te verwarrend voor veel Nederlanders. En was zijn eerlijkheid te pijnlijk? Van de beroemde zin uit ‘Molly’ (‘Molly, toen je me pijpte/ was ik eigenlijk niet gelukkig’) kun je ook een beetje ongemakkelijk worden. In teksten van Nederlanders zitten geen pijpende Molly’s of een Billy die net is klaargekomen in het bed van zijn vader. Misschien is het gewoon het verschil tussen de protestantse noorderlingen en de katholieken uit het zuiden. In Nederland zijn het toch vaak de droge, afstandelijke teksten die waardering oogsten.

Wie juist die tragische dramatiek van Luc de Vos kan waarderen en omarmen, vindt zijn teksten geweldig. Altijd zit er een relativering in. Hij schrijft een zin met een zware boodschap en laat die volgen door een grap of een tegenstelling. ’Red mijn ziel vooral/ maar ook mijn mooie lichaam’ of ‘punk is dood maar wij leven nog’. Luc de Vos kon ogenschijnlijk midden in een tekst overstappen naar een ander onderwerp, of even iets aanroeren dat niet met het voorgaande te maken had, zoals in dromen kan gebeuren. Dat zorgt ervoor dat je als luisteraar kunt blijven zoeken naar betekenis, ook al zit die er niet altijd in.

In de beste teksten van Gorki was het alsof de tragikomische personages die de boeken van Herman Brusselmans en Dimitri Verhulst bevolken in het postmoderne boek Tongkat van Peter Verhelst waren beland.

Te laat voor de reddingssloep

Eén van de beste teksten van Gorki is ‘Punk is dood’. Het gaat over de Titanic en de hoofdpersoon die te laat is voor de reddingssloep die al vol zit met oude vrouwen ‘die wilden blijven bestaan’. Dus keert hij terug naar het vervelende orkestje in de bar. En dan volgt uit het niets plots de zin: ‘Breek de sleur en neem de schaar/ jouw haar wordt veel te lang’. Verderop bereikt de tragiek een hoogtepunt in de tekst ‘het leven is hard en dan ga je dood/in wezen is het simpel‘, maar het eindigt toch weer met de relativering en de hoop: ‘punk is dood maar wij leven nog/ we komen altijd veel te laat/ maar er is hoop voor ons/ want wij leven nog‘.

Het is een tekst vol mooie zinnen die soms wel en soms niet iets met elkaar te maken hebben. Daardoor kun je het blijven lezen en luisteren, op zoek naar samenhang en betekenis, maar met plezier vanwege de altijd aanwezige humor, schoonheid en hoop. Dat maakt de teksten van Luc de Vos zo mooi en uniek.