Slechtnieuwsgesprek en dan verjongen

Bondscoach Henk Groener wil met een talentvolle vrouwenploeg doordringen tot de topvier bij het EK.

Doelpoging van Sanne van Olphen (nummer 9) voor Nederland tegen Rusland (27-25). Foto Robin Utrecht

Het gaat hem slecht af, een slechtnieuwsgesprek voeren, zegt Henk Groener eerlijk. Marieke van der Wal kan dat sinds vrijdag beamen. De handbalkeepster hoorde de bondscoach tot haar ontsteltenis in ’t kort meedelen dat ze niet mee mag naar het EK in Kroatië. Kern van haar onbehagen: die nare boodschap had beter gecommuniceerd moeten worden.

Van der Wal had voor een international met 172 caps en veertien jaar ervaring op een respectvollere behandeling gerekend. Dat Groener haar eerder signalen had gegeven bijvoorbeeld. „Dan had ik de eer aan mezelf gehouden”, zegt de gekrenkte 35-jarige speelster.

Nu kreeg Van der Wal, net als alle 21 geselecteerden, afzonderlijk te horen of ze wel of niet zou meegaan naar het EK. Wie daar behoefte aan had, kon naderhand tekst en uitleg krijgen. „Omdat ik de eerste emotie wil laten zakken”, verklaart Groener.

Natuurlijk verlangde Van der Wal toelichting, wat dacht je. Maar de portee van Groeners uitleg zonk weg in een hoofd vol verdriet. Dat de andere keepsters, Jasmina Jankovic en Tess Wester, zich goed ontwikkelen en hij hen internationale ervaring wil laten opdoen, dat drong nog net tot haar door. Maar zij dan? Wat is nu nog Van der Wals waarde voor het Nederlands team? Zij hoopt na het EK een bevredigend antwoord op die vraag te krijgen, anders is het vrijwel zeker exit Van der Wal. „Ik wil niet de derde keepster zijn, daar voel ik me te goed voor.”

Rio 2016

Van der Wal had voor zichzelf uitgemaakt als international door te willen tot en met ‘Rio 2016’. Afgezien van wel of geen plaatsing voor de Spelen, lijkt haar droom voortijdig te worden verstoord. Want ze ziet Groener niet op zijn schreden terugkeren. Tenzij beide keepsters falen op het EK.

Intussen zoekt Van der Wal naar de oorzaken van haar degradatie. Ze kan alleen haar terugkeer naar de Nederlandse competitie bedenken. Waar Jankovic en Westra bij gerenommeerde Duitse clubs onder de lat staan, moet Van der Wal haar internationaal niveau op peil houden bij Quintus, de club waar ze haar carrière begon. Natuurlijk weet ze dat de Bundesliga een paar treetjes hoger is. Maar wordt er niet gekeken naar haar status, haar vorm, haar gretigheid? Grimmig: „Ik ben superfit, zit lekker in mijn vel en speel met Quintus Europa-Cupwedstrijden. Het niveau heb ik.”

Dat ze moet boeten voor haar matige prestaties op het WK van vorig jaar in Servië, waar Nederland slechts dertiende werd, kan Van der Wal zich amper voorstellen. Een minder toernooi, dat kan een keer gebeuren. Bovendien is een keepster sterk afhankelijk van de scherpte waarmee verdedigd wordt. „Ik heb de beelden teruggekeken”, zegt Van der Wal. „Nou, zo dramatisch slecht als werd beweerd, heb ik echt niet gespeeld.”

Hoewel Groener zegt dat hij niet definitief afscheid van Van der Wal heeft genomen, lijkt hij wel degelijk de weg van verjonging te volgen. De bondscoach neemt een risico door in Kroatië te bouwen op een generatie die weliswaar overstroomt van talent, maar wordt gehinderd door instabiliteit en fysieke achterstand. De Nederlandse vlieggewichten moeten opboksen tegen Oost-Europese bonken.

Bullebakhandbal

Dat hoeft geen nadeel te zijn, leerden afgelopen weekeinde twee oefenwedstrijden tegen Rusland: eerst een gelijkspel (29-29) en vervolgens een overwinning (27-25). Nederland liet zien dat snel, dynamisch en creatief aanvalsspel een effectief wapen is tegen bullebakhandbal. Nu nog de verdediging gesloten houden. „Dat gaat steeds beter”, evalueerde een spinnende Groener. „Ik ben tevreden over de dekking. Ons gebrek aan kilo’s compenseren we met een slimme tactiek en met onze discipline.”

Lukt het Nederland nu eens om een barrière te doorbreken? Zijn de handbalsters eindelijk in staat tot de topvier van een EK door te dringen? Ja, zeggen Groener en Nycke Groot, een van de betere en belangrijke speelsters. Maar hoe dan? Onder andere met meer gogme, meent Groot. „In fasen dat het even minder gaat, moeten we de rust bewaren, zodat we niet te veel doelpunten incasseren. Niet zoals zaterdag tegen Rusland, toen we na zeven minuten met 7-1 achter stonden.”

De Nederlanders voelen zich niet minder dan welk land ook. Als Groot mag worden geloofd is er zelden zo’n ambitieus en harmonieus team naar een groot toernooi afgereisd. „Iedereen gunt elkaar het succes. Het is zo’n leuk team”, zegt ze vol overtuiging.

Die mood is volgens Groot niet verpest door de tranen van de vijf afvallers. „Ik vind het superkut voor die meiden, maar ik wil gewoon winnen op het EK. Het wordt eindelijk tijd voor een aansprekende prestatie.” Met wie als keepster? „Dat weet ik nog niet”, zegt Groener diplomatiek.