Na Paars II kwam Pim. Eindigt Rutte II in een zelfde ravage?

Op wie moet je letten om Den Haag te begrijpen? Deze week: Lodewijk Asscher als de beste anti-Wilders die de PvdA ooit had. Ofwel: inleidende manoeuvres voor de – zinderende – campagne van 2015.

Het was een week van nostalgie als wapen. Met de SP terug naar het ziekenfonds. Met de PVV terug naar dat „prachtige Nederland” van vroeger – toen er nog geen moslims of moskeeën waren.

Als je niet beter wist zou je zeggen: komt de cassetterecorder ook terug? En Pietje de Jong als premier?

Maar misschien was het niet verstandig die holle verlangens naar vroeger weg te lachen.

De coalitie van VVD en PvdA gaat na twee jaar haar meest riskante fase in. En als je in aanmerking nam hoe lastig de populistische oppositie het dit jaar had, is het veelzeggend dat diezelfde oppositie er verrassend sterk voorstaat.

Kijkt u even mee. Ondanks zwakke optredens van Roemer staat de SP in de peilingen op kleine winst. Ondanks een lawine aan affaires rond leider Krol is 50Plus nog altijd niet weggevaagd.

En vooral: ondanks het verlies van drie fractieleden, ondanks fikse nederlagen bij lokale en Europese verkiezingen, ondanks de controverse rond ‘minder Marokkanen’, en ondanks zijn vermoedelijke strafrechtelijke vervolging daarvoor, gaat Wilders met zijn PVV weer fier op kop in de peilingen.

Concludeerden analytici twee jaar terug, bij de vorming van dit kabinet, dat ‘het midden’ zijn positie had herwonnen, nu wijst veel op het omgekeerde: een nieuw populistisch moment is aanstaande.

Zo bezien was de electorale analyse van EenVandaag deze week erg ongemakkelijk voor de coalitie – en vooral de PvdA. Wat blijkt: de sociaaldemocraten verliezen hun meeste kiezers aan de SP, die weet ze niet vast te houden, waarna die stemmers uitkomen bij 50Plus dan wel de PVV.

Ergo: na Paars II kregen we Pim. Komen we na Rutte II in een zelfde bestuurlijke ravage terecht?

De laatste weken sukkelen VVD en PvdA van bijna-crisis naar bijna-crisis (schijnconstructies, melkquota, Syrische asielzoekers, diverse naheffingen, etc.), en van binnenuit vertellen mensen: het wordt met de dag moeilijker. In het kabinet gaat het nog, maar tussen de coalitiefracties is bijna elk overlegje lastig en spannend en bozig geworden.

In de VVD-fractie huist een blok op de rechterflank dat het domweg heeft gehad met die PvdA. In de PvdA-fractie verwachten ze dat Samsom nog steeds wil doorzetten tot 2017, maar vrezen ze voor een leiderschapscrisis na de Statenverkiezingen in maart. Zoniet over Samsom zelf, dan toch over partijvoorzitter Spekman.

Intussen zal de oppositie erop toezien dat we in januari meteen in de campagnestand komen te staan. Januari is de maand van gevreesde uitvoeringsproblemen bij de gedecentraliseerde zorg. En aangezien die nieuwe Provinciale Staten later, in mei, ook een nieuwe Eerste Kamer kiezen, wordt het een full swing landelijke campagne – met het voorbestaan van Rutte II als inzet.

Wat dit betreft beleefden we een indicatieve week. Wilders zag met zijn politieke instinct allang aankomen wat vanaf januari op het menu staat: VVD en PvdA die zoveel mogelijk afstand van elkaar nemen, en D66 dat zinspeelt op een afscheid van de constructieve oppositie.

Een campagne, kortom, die zindert van de spanning over de machtsvraag, zodat het lastig zal zijn aandacht te krijgen voor partijen die daar geen invloed op uitoefenen.

En in termen van machtsvorming heeft Wilders ook zelf alleen nog nostalgische waarde.

Vandaar dat hij een breekijzer nodig had om zich een positie in die komende campagne te verwerven. En zo zagen we deze week dat er nog maar weer eens een grens werd overschreden: het Kamerlid Machiel de Graaf dat poneerde dat „alle moskeeën” dicht moeten om te vermijden dat op de schoolpleinen „een lawine aan kinderen” te zien is die „vernoemd zijn naar Mohammed”. Dit alles onder de vaststelling dat Nederland „zonder islam een prachtig land zou zijn”.

Radicalisering als middel om in beeld te blijven: De Telegraaf noemde de PVV vrijdag een stel „politieke hooligans” – om u een idee van de reacties te geven.

Maar zoals bekend leidt brede kritiek op de PVV nooit tot ineenstorting van de partij. Tegelijk blijft Wilders een roulettespeler. In hem huist een destructieve kracht die er telkens toe leidt dat hij juist de mensen in zijn naaste omgeving van zich verwijdert. Ook dat kwam deze week weer in beeld: er circuleerden drie namen van PVV-parlementariërs die in kleine kring grote moeite zeiden te hebben met de uitlatingen van De Graaf.

Ook de keuze voor De Graaf als brenger van de boodschap was curieus. Diverse PVV’ers waren erbij toen Wilders dezelfde De Graaf in het verleden geregeld voor „debiel” uitmaakte.

Ook is het in de PVV een publiek geheim dat dezelfde De Graaf in het verleden hoogoplopende conflicten had met immigratiewoordvoerder Sietse Fritsma en zorgwoordvoerder Karen Gerbrands; om de feestvreugde te vergroten treedt dit laatste oud-Kamerlid binnenkort tijdelijk tot de fractie toe omdat Fleur Agema met zwangerschapsverlof gaat.

Zo blijft de PVV een paranoïde organisatie die nooit opgewassen zou zijn tegen een volwassen rol in de macht. In essentie blijft het een fragiel groepje politici die bij Wilders klagen over andere PVV’ers, en bij andere PVV’ers klagen over Wilders.

Toch had diezelfde partij aan het eind van deze week uitnodigingen voor vier televisiedebatten met andere partijleiders binnen. Missie volledig geslaagd.

Dit betekent ook dat in de campagne, zeker nu er de controverse met Turkije bijkwam, veel aandacht komt voor culturele in plaats van economische thema’s. Waarbij de opkomst van IS en de Syriëgangers de partij verder in de kaart spelen.

Al zijn er genoeg kanttekeningen te plaatsen. Zo wees Wilders eerder „bange, laffe” leden van dit kabinet aan als schuldigen mocht hier een aanslag worden gepleegd. Feit is dat de PVV in haar verkiezingsprogramma van 2012 volgens het CPB een half miljard op ‘veiligheid’ bezuinigde: 2,5 keer het budget van de AIVD.

En dat weghonen van ‘de multiculturalisten’ krijgt een bijzondere lading als je weet dat PVV-prominent Martin Bosma nog in de zomer van 2002 – inderdaad: ná de moord op Fortuyn – in Trouw vertelde over de „multiculturele” radiozender Colurful Radio die hij destijds leidde. Het plaatst ’s mans huidige solidariteit met blanke Afrikaners (in Zuid-Afrika) en Zwarte Piet (in Nederland) in een wonderlijk perspectief.

Tegelijk ondervinden vooral VVD en PvdA de gevolgen van de PVV-interventie van deze week: culturele thema’s (integratie, islam, IS, Syriëgangers, Turkije) doen nu eenmaal afbreuk aan het soort campagne dat voor de coalitiepartijen profijtelijk zou zijn: harde polarisatie op economische thema’s. Vooral een linkse volkspartij als de PvdA heeft weinig te winnen met die culturele thema’s, omdat haar kiezers daar diep verdeeld over zijn.

Toch duidt SCP-onderzoek er al jaren op dat (nationale) identiteit en moraliteit de grote electorale thema’s van deze tijd aan het worden zijn, terwijl de klassieke verdelingsvraagstukken daaraan ondergeschikt raken. Anders gezegd: het gaat de kiezer steeds meer om wie je bent, en minder om wat je hebt.

Zodoende krijgt een krachtig cultureel profiel ook voor linkse partijen steeds meer gewicht – en wat dat betreft liet vicepremier Asscher deze week een overtuigende indruk achter. Zijn verwijten aan het adres van de PVV en De Graaf - dat zij meer weten van de Koran dan van de Grondwet - keerde ook terug in het genoemde commentaar van De Telegraaf.

Ook door zijn positionering in de Turkse kwestie ontwikkelt Asscher zich zo tot de beste anti-Wilders die de PvdA heeft. In vorige campagnes was het vooral Pechtold die zich graag tegenover de PVV-leider positioneerde, maar daar zou dus verandering in kunnen komen – ook omdat het voor de PvdA belang heeft kritiek op Wilders te combineren met hardere standpunten over integratie.

Paars II moest in 2002 plaats plaatsmaken voor Pim op grond van vooral culturele thema’s: multiculturalisme, ‘de verweesde samenleving’. Ook toen was de paradox dat VVD en PvdA erg tevreden waren over hun economische politiek, terwijl de burger zijn aandacht allang had verlegd. Een zelfde scenario doemt op. Vooruitgang versus nostalgie, machtsvraag versus identiteit: het zijn de ideale vraagstukken voor een populistische wederopstanding.