Mogelijk vervolging top Financiën na aangifte Hof

Een novum: Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden deed aangifte tegen twee leidinggevenden op Financiën.

De president van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden heeft aangifte gedaan tegen leidinggevenden op het ministerie van Financiën die twee medewerkers hebben opgedragen de naam van een tipgever over belastingfraude te verzwijgen. Dit tegen het uitdrukkelijke bevel van de rechter in. Voor zover bekend is een dergelijke aangifte nog nooit voorgekomen.

Het gaat om een slepende zaak van vermeende zwartspaarders en hun erfgenamen tegen aanslagen van de Belastingdienst. Die aanslagen zijn gebaseerd op informatie van een tipgever over bankrekeningen van zo’n 75 personen bij de Rabobank in Luxemburg. Door deze informatie kon de Belastingdienst miljoenen aan onbetaalde belastingen alsnog verhalen.

Toenmalig staatssecretaris van Financiën Jan Kees de Jager (CDA) beloofde de tipgever in 2009 anonimiteit. Maar de advocaat van de zwartspaarders eist dat de identiteit van de tipgever bekend wordt. Dat zou nodig zijn om de betrouwbaarheid van de tips te beoordelen. De rechter volgde deze redenering. De twee ambtenaren weigerden echter de naam van de tipgever te noemen en lieten daarbij merken dat die weigering berustte op een opdracht van hun (ambtelijke of politieke) leidinggevenden. De landsadvocaat verdedigde de handelswijze met de opmerking: „Er spelen hier andere belangen en er heeft op hoge niveaus afstemming plaatsgevonden”, zo beschrijft de president van het gerechtshof in de aangifte. Maar daarmee negeren de landsadvocaat en het ministerie van Financiën een gerechtelijk tussenvonnis waarin de rechter besliste dat de twee ambtenaren zich in deze rechtszaak niet mogen beroepen op hun geheimhoudingsplicht.

De Belastingdienst blijft zich beroepen op de afspraken met de tipgever. „Anders zou niemand meer bereid zijn als tipgever voor de Belastingdienst op te treden”, zegt de woordvoerder. De president van het gerechtshof Fred van der Winkel reageerde gisteravond in Nieuwsuur, dat de zaak onthulde. „Het is de bijl aan de wortel van de rechtsstaat als de overheid zelf uitmaakt hoe ze de regels toepast en zich niet aan de uitspraken van de rechter houdt. In de rechtstaat geldt de wet voor iedereen.”

De overeenkomst met de tipgever was in 2009 meteen geruchtmakend. De staat betaalde de tipgever voor de informatie. In de loop van de rechtszaak rees het vermoeden dat de tipgever een criminele achtergrond had. De ambtenaren die de deal maakten waren daar niet in geïnteresseerd, zo bleek uit getuigenverhoren waar NRC Handelsblad in augustus over berichtte. „Ik heb mij er niet van vergewist of de stukken afkomstig waren van een misdrijf. Dat was voor mij geen issue”, aldus één van de ambtenaren toen.