Moet ook spaargeld rollen?

Als Nederland zo veel spaart en hoge schulden houdt, groeit de economie nooit harder, betoogt Robin Fransman. Wat vinden personal finance-experts van zijn verhaal?

Illustratie XF&M

We moeten ophouden om zoveel spaargeld in beleggingen te stoppen en te geloven dat we dan straks een mooi pensioen hebben, vindt Robin Fransman. In zijn boek Sparen is geen deugd laat de oud-adjunct-directeur van lobbyclub Holland Financial Centre weinig heel van de manier waarop Nederland zijn pensioen regelt. President Klaas Knot van De Nederlandsche Bank nam vrijdag het eerste exemplaar in ontvangst.

Volgens Fransman blijft de economische groei laag en gaat de rente naar nul als we zo veel blijven sparen én zulke hoge schulden houden. Die twee zaken zijn volgens hem onlosmakelijk met elkaar verbonden. „Het gevolg is dat beleggingen over twintig jaar bijna niks meer opleveren”, zegt hij daags voor de presentatie van zijn boek. Wij burgers kunnen helpen door meer af te lossen en ons pensioen anders te regelen, vindt hij. „De laatste twee jaar is de hypotheekschuld wel 3 procent gedaald, maar dat is te weinig om de impasse te doorbreken.”

Heeft hij gelijk? Drie deskundigen reageren op zijn stellingen.

1 Fransman: Los af en verbouw je huis.

„Betaal vóór je pensioen je hypotheek volledig af, investeer in je huis (bouw een serre of dakkapel, als dat waarde toevoegt), neem zonnepanelen en koop vlak voor je pensionering een nieuwe auto. Dan heb je bijna de helft minder inkomen nodig na je pensioen: een gepensioneerd huishouden van twee besteedt gemiddeld 45 procent van zijn uitgaven aan transport, energie en woonlasten.”

Goed idee?

Arvid Hoffmann: „Verstandig om zo de vaste lasten te verlagen, maar het is nooit zeker dat je dan geen woonlasten meer hebt. De overheid is onvoorspelbaar: stel dat zij het advies opvolgt om de eigen woning voortaan onder box 3 te laten vallen. Dan moet je belasting gaan betalen over je woningwaarde. Zo kunnen er allerlei onvoorziene dingen gebeuren. Wie zegt dat je die nieuwe serre terugverdient bij verkoop van je huis? Of die zonnepanelen: misschien kost energie straks bijna niks meer door technologische ontwikkelingen. Wil je de zekerheid dat je geld hebt voor als het ooit tegenzit, steek dan 10 procent van je spaargeld in goud en zilver. Leg dat in een bankkluis, dan weet niemand ervan en kun je het altijd omzetten in cash.”

Hendrik Meesman: „Grote kans dat de hypotheekrenteaftrek ergens de komende decennia wordt afgeschaft. Dat zorgt voor hogere nettowoonlasten. Dus ja, slim om extra af te lossen. Of investeringen in je huis lonen, is niet zeker. Ken je de ‘Herengracht-index’, waarin wetenschappers de huizenprijs in de afgelopen 400 jaar op deze sjieke Amsterdamse gracht zijn nagegaan? Daaruit blijkt periodes van hoge prijzen steevast afgewisseld worden door tijden van lage prijzen, die soms wel 50 jaar duren. Goed denkbaar dat we dat laatste nog eens meemaken, bijvoorbeeld als de rente sterk stijgt. Dat laatste is ook reden om nu af te lossen, vóór de rente stijgt en je hypotheek duurder wordt.”

Jeannette Scheepers: „Dertigers, veertigers en vijftigers moeten niet al hun spaargeld inzetten op extra aflossingen. Dan zit al hun geld vast in het huis. Als je dan je baan verliest – de grootste zorg van veel mensen – heb je geen cash om een inkomensklap op te vangen. Met een spaarpot ben je flexibeler. Nadert je pensioen en loop je geen risico op ontslag meer, dan los je met die pot in één klap je hypotheek af. Spaargeld tot dan beleggen kan ook, bijvoorbeeld in een fonds met een zogeheten hoofdsomgarantie. Daar betaal je flink voor, maar dan weet je wel zeker dat je in tijden van nood je inleg kunt terugvragen.”

2 Fransman: Investeer in de echte economie

„Beperk het bedrag dat je in deposito’s, aandelen en obligaties stopt: Nederland heeft al te veel geld opgepot in beleggingen, in totaal zo’n 1,9 biljoen euro. Dat veroorzaakt mede de huidige economische crisis. Blijven pensioenfondsen en particulieren zoveel sparen, dan dalen de rente en inflatie verder en leveren effecten over 20 jaar bijna niks meer op. Wie zo’n situatie wil voorkomen, kan beter investeren in de reële economie, zodat die weer op gang komt. Rijke particulieren investeren vaak geld in onderhandse leningen aan mkb-bedrijven of in durfkapitaalfondsen, die bijvoorbeeld veelbelovende nieuwkomers steunen of gevestigde bedrijven die in zwaar weer verkeren. Dat zouden alle burgers moeten kunnen doen.”

Goed idee?

Hendrik Meesman: „Het hoge niveau van beleggingen in Nederland is vooral een probleem voor onze economie in combinatie met de hoge hypotheekschuld. Want hoe meer burgers sparen, des te minder ze uitgeven. De oplossing is niet dat zij minder gaan sparen: dat Nederland zoveel geld in beleggingen heeft vastzitten, komt vooral door onze pensioenfondsen. De overheid is als eerste aan zet om de kwakkelende economie aan te pakken, niet de burger. Als zij maatregelen neemt die de economie aanwakkeren en krijgt de burger daar vertrouwen in, dan geeft hij vanzelf meer geld uit. Wel zou hij tegelijkertijd vermogen moeten opbouwen als buffer of pensioen, door wereldwijd te beleggen. De Nederlandse economie bepaalt overigens niet de waarde van haar effecten. Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat er geen enkel verband is tussen beursrendement en economische groei.”

Arvid Hoffmann: „Fransman voorspelt de toekomst op basis van de huidige economische situatie, maar zo werkt dat niet. Ik mis feitelijke onderbouwing voor zijn theorie. Los daarvan: hij bepleit dat particulieren hun pensioenvermogen spreiden en ook buiten de beurs investeren. Dat is wél een goed idee, juist omdat je de toekomst niet kunt voorspellen. Als een belegging dan minder opbrengt dan verwacht, blijft de schade beperkt. Investeren in durfkapitaalfondsen of onderhandse leningen raad ik particulieren sterk af. Ja, dat kan veel meer geld opleveren dan beleggen, maar het is ook erg risicovol en dus geen solide pensioeninvestering.”

Jeannette Scheepers: „Nederlandse particulieren bouwen minder vermogen op dan de Belgen. Ik zou hun niet aanraden dat minder te doen, gezien de kortere WW en de lagere uitkeringen door pensioenfondsen. Inderdaad kunnen burgers meestal niet rechtstreeks investeren in private equity of onderhandse leningen, of is de minimale inleg voor hen een te hoge drempel is. Of dat erg is, is de vraag: het is wel erg risicovol. Zoals het woord durfkapitaal al zegt: je moet het maar durven, als je niet heel vermogend bent of veel kennis van zaken hebt. De kans dat een bedrijf waarin je investeert, failliet gaat, is reëel. Wat soms wel goed werkt, is investeren in het bedrijf van een bekende. Als je van dichtbij kan zien hoe het bedrijf functioneert en je toegang krijgt tot inside information zijn de risico’s soms beter in te schatten.”

3 Fransman: Reken niet op beleggingswinst, word huisbaas

„Ook vanwege de wereldwijde vergrijzing moet je voor je pensioen niet te veel vertrouwen op de opbrengst uit aandelen en obligaties. Over 20 à 25 jaar zijn er heel veel gepensioneerden die hun beleggingen willen verkopen, en minder geïnteresseerde jonge kopers. Die scheve verhouding tussen vraag en aanbod vergroot het risico op een prijsval en op lagere pensioeninkomsten. Zoek dus ook alternatieve investeringen: koop bijvoorbeeld een studentenhuis in Amsterdam voor 75.000 euro. Door het grote tekort aan woonruimte daar voor studenten heb je zekere huurinkomsten, die je kunt aanpassen aan de inflatie.”

Goed idee?

Arvid Hoffman: „Deze redenatie klopt niet. Hoe vraag en aanbod op de beurs zich ontwikkelen, of de beurskoers, is echt onvoorspelbaar. Bovendien, je hoeft beleggingen niet te verkopen tegen je pensioen. In de Verenigde Staten doen mensen dat vaak niet: zij leven na hun pensionering van de dividenduitkering. Kies je voor effecten in degelijke bedrijven, dan levert dat minstens 3 procent per jaar van het belegd vermogen op. Voor 30.000 dollar leefgeld per jaar heb je dan tegen je pensioen één miljoen vermogen nodig. Dat miljoen kun je dan gebruiken voor leuke dingen of als erfenis nalaten. Dankzij ons pensioenstelsel en de AOW hebben wij veel minder vermogen nodig. Stel, je hebt 10.000 euro per jaar nodig. Dan heb je zo’n 270.000 euro vermogen nodig tegen je pensioen om van die 3 procent rendement te leven.”

Hendrik Meesman: „Of zo veel gepensioneerden over twintig jaar hun beleggingen verkopen, weten we niet, en ook niet of er dan weinig kopers zijn. Buiten de Verenigde Staten en Europa wordt nu nog weinig belegd. Dat kan best veranderen de komende decennia. Misschien gaan Aziatische burgers straks wel massaal beleggen. Investeren in een Amsterdams studentenhuis lijkt veilig, maar je weet het nooit zeker. Het is ook niet voor iedereen: je moet een hoog bedrag ineens neerleggen.”

Jeannette Scheepers: „De prijs van een aandeel is grotendeels gebaseerd op de reële waarde van een bedrijf, dus op hoe goed het draait. Zolang je belegt in ondernemingen die gezond zijn, is er dus niets aan de hand. Als je rendement wilt halen, kies dan voor een beleggingsvorm met lage kosten, zoals indexbeleggen. Vastgoed kopen kan ook, maar dan moet je wel geld hebben. Banken staan niet te springen om je draarvoor een lening te geven.”