Campagne moet slagen, koste wat kost

De partij verkeert niet in een crisis, maar er gebeuren te veel politieke ongelukken, vinden partijleden. Vandaag is het najaarscongres.

Een miljoen euro. Dat bedrag gaat de VVD uitgeven aan de campagne voor de Provinciale Statenverkiezingen in maart. Campagnestrategen balen dat het bedrag in de openbare stukken van het partijcongres van vandaag is beland, want het laat zien dat de VVD dit keer buitengewoon veel belang hecht aan die verkiezingen – en daarmee is een deel van de strategie prijsgegeven. Vier jaar geleden gaf de partij slechts 390.000 euro uit.

De campagne voor de Provinciale Staten gaat de VVD onder minder gunstig gesternte in dan gehoopt. Vlak na de zomer leek alles nog op rolletjes te gaan bij de liberalen: grootste partij in de peilingen, premier Rutte die in de nasleep van rampvlucht MH17 het aura van staatsman genoot en een economie die voorzichtig aantrok - altijd prettig. De voortdurende relletjes bij coalitiepartner PvdA verhulden bovendien dat het kabinet-Rutte II historisch impopulair is.

Maar inmiddels zijn ook de liberalen in het defensief geraakt, zo geven Kamerleden toe. Sprake van echte crisis, zoals bij de PvdA, is er niet. Maar er gaat wel nét iets te veel mis: de partij daalt in de peilingen, politiek gedoe over leaseauto’s en vakantiegeld, partijleden die morren over de afdracht aan de EU. Bij het najaarscongres zaterdag in Amsterdam zal premier Rutte een flinke peptalk moeten geven om zijn partijgenoten wat op te vrolijken. „We zitten in een dalletje”, zegt een ingewijde.

De afgelopen weken regende het politieke ongelukken voor de liberalen. Eerst was er staatssecretaris Eric Wiebes (Financiën), die zijn eigen fractie verraste met een plan om leaseauto’s zwaarder te belasten. De fractie reageerde furieus. Er kwam een compromis, maar de reputatie van de VVD als autopartij had een deuk opgelopen.

Daarna opende De Telegraaf de aanval: uit berekeningen bleek dat de middeninkomens volgend jaar een deel van hun vakantiegeld moeten inleveren vanwege een naheffing van de fiscus. Toen fractievoorzitter Halbe Zijlstra die claim probeerde te verzachten, schreef de krant dat hij „jokte”. Dat deed VVD’ers huiverend terugdenken aan het najaar van 2012, toen De Telegraaf tijdens het oproer over de inkomensafhankelijke zorgpremie schreef over ‘Marx Rutte’.

Dan was er nog onenigheid in de fractie over de melkveewet van staatssecretaris Dijksma (Economische Zaken). En deze week kwamen opnieuw twee VVD’ers in het nieuws in verband met integriteitskwesties: het Kamerlid Mark Verheijen (campagnebijdragen van een dubieuze vastgoedondernemer in zijn tijd als wethouder en gedeputeerde in Limburg) en wethouder Huub Eitjes uit Maassluis (mogelijke zelfverrijking via het plaatselijke theater).

Al die kwesties maken duidelijk wat de achilleshiel van de VVD in dit kabinet is: inkomensbeleid. Om met de PvdA te kunnen regeren, ging de partij akkoord met vergaande nivellering. In theorie is dat een te verdedigen compromis, maar iedere keer als er concrete maatregelen komen, blijkt hoe weinig de achterban moet hebben van inkomensherverdeling. Bij de Tweede Kamerfractie kwamen de afgelopen weken honderden protestmailtjes binnen. Onvergelijkbaar met de duizenden tijdens het oproer over de inkomensafhankelijke zorgpremie, twee jaar geleden, maar toch.

Ondertussen zijn de leden ook in het geweer gekomen tegen de Europese naheffing van 642 miljoen: een congresmotie van jongerenbeweging JOVD die oproept de naheffing niet te betalen is inmiddels door meer dan 300 VVD-leden ondertekend. „Het kabinet en VVD-fractie zijn te snel akkoord gegaan met die naheffing”, zegt JOVD-voorzitter Tom Leijte. „Die afdracht is symbolisch voor hoe de VVD in dit kabinet zit: de partij komt te weinig op voor de eigen kiezers”. Leijte acht het denkbaar dat het congres zich vandaag achter zijn oproep schaart. „En dan hebben we een nieuwe politieke werkelijkheid”.

VVD’ers zeggen bezwerend dat het allemaal wel meevalt. Dat hun partij last heeft van „gebrekkige communicatie” en een „tijdelijk gebrek aan scherpte”. Maar er is meer aan de hand. Fractievoorzitter Zijlstra ergert zich steeds meer aan de knellende banden van de coalitie met de PvdA. Met name het energieakkoord van VVD-minister Kamp (Economische Zaken) is hem een doorn in het oog: Wiebes’ plannen voor leaseauto’s kwamen niet toevallig voort uit dat akkoord. VVD’ers spreken dan ook, heel besmuikt, over een groeiende spanning tussen Zijlstra en Kamp.

Ook de strakke fractiediscipline bij de VVD begint scheurtjes te vertonen. Illustratief is een hoogoplopende ruzie rond Kamerlid René Leegte. Hij probeerde op eigen houtje voorzitter te worden van de vaste Kamercommissie Europese Zaken, tot woede van de fractietop. Fractiesecretaris Ton Elias „sprong uit zijn vel”, aldus een betrokkene: hij had een andere VVD’er op het oog voor die functie. De fractietop zou Leegte niet als voorzitter willen omdat hij te weinig eurokritisch is. Inmiddels is er een gesprek geweest tussen Elias en Leegte, maar onbekend is of ze hun vete hebben bijgelegd.

Gek genoeg zouden de perikelen bij de VVD wel eens goed uit kunnen pakken voor de coalitie. De afgelopen maanden hintten VVD’ers steeds vaker op een einde van de samenwerking met de PvdA: bij vervroegde verkiezingen zouden ze er toch prima uitkomen. Maar de laatste tijd verstommen die geluiden. Nu beide coalitiepartners op zwaar verlies staan in de peilingen, heeft geen van beide behoefte aan een breuk. De gedeelde smart, zo zegt een VVD’er in opvallend PvdA-achtig jargon, zou wel eens tot „solidarisering” kunnen leiden.