Cameron wil toegang tot Britse bijstand beperken

Premier Cameron koos de middenweg in zijn toespraak over migratie. Zo komen er geen quota voor EU-burgers.

Het was een knap staaltje evenwichtskunst dat David Cameron vrijdag vertoonde. Met zijn langverwachte toespraak over immigratie lukte het hem de Britse kiezer te laten denken dat hij iets zal doen om vrijheid van personenverkeer te beperken, zonder dat hij dat basisprincipe van Europese samenwerking daadwerkelijk aantast.

Flinke taal voor het binnenlandse publiek, redelijkheid naar buiten. Het deed denken aan de toespraak die Cameron vorig jaar hield – eveneens onder druk van de opmars van de UK Independence Party – en waarin hij een referendum beloofde over het Britse EU-lidmaatschap als hij opnieuw premier wordt.

Net als toen kan de rest van de Europese Unie – even - ademhalen. De dreiging van quota voor EU-burgers is van de baan. Cameron wil de eenvoudige toegang tot de Britse bijstand beperken. Want dat is zijn grootste probleem: Britse uitkeringen zijn niet bijzonder royaal, de belastingvoordelen voor werkenden niet heel groot, maar je krijgt ze zonder ooit een bijdrage aan het belastingstelsel te hebben geleverd.

Dat gaat voor veel Britten in tegen het principe van fair play. Waarom zou een EU-migrant bij aankomst in het Verenigd Koninkrijk snel recht hebben op een sociale woning, terwijl de belasting betalende Brit al jaren op een wachtlijst staat?

Cameron stelt nu voor dat sociale woningen en belastingvoordelen pas na vier jaar werken voor niet-Britten beschikbaar worden. Kinderbijslag zou alleen moeten worden uitgekeerd als het kind in het Verenigd Koninkrijk woont. EU-burgers worden alleen toegelaten met een aanbod voor een baan, kunnen geen werkloosheidsuitkering krijgen, en moeten na zes maanden werkloosheid het land verlaten.

De achterliggende gedachte is zo de Britse arbeidsmarkt minder aantrekkelijk te maken voor migranten. Door toegang tot de bijstand te reguleren, gaan de aantallen vanzelf omlaag.

Dat laatste heeft Cameron nodig om een probleem van eigen makelij op te lossen. Donderdag werd opnieuw bekend dat de nettomigratie (immigranten minus emigranten) is gestegen tot 260.000. Dat is ironisch genoeg te danken aan de het feit dat de Britse economie in vergelijking met de eurozone harder groeit. Opvallend is dat de migranten niet uit Oost-Europa komen, maar uit de ‘oude’ vijftien lidstaten. De premier beloofde echter in 2010 dat hij de nettomigratie onder de 100.000 zou krijgen.

Dat Cameron daarom iets over migratie moest zeggen wil hij premier blijven, was duidelijk. Met nog zes maanden te gaan voor de Lagerhuisverkiezingen dreigde het debat bovendien uit de hand te lopen – een tabloid beschreef deze week kinderen met één niet-Britse ouder beschreef als „verborgen immigranten”. Daaronder zouden ook Winston Churchill vallen (Amerikaanse moeder), vicepremier Nick Clegg (Nederlandse moeder) en de kinderen van UKIP-partijleider Nigel Farage (Duitse moeder).

Vooral in de City, het Londense zakendistrict, en het bedrijfsleven maakte men zich zorgen. Anti-Europese retoriek is prima zolang het gaat om beperking van het aantal regels uit Brussel, maar EU-migranten zijn nodig om de economie draaiend te houden. Het feit dat Camerons voorganger John Major eerder deze maand in Berlijn zei dat Cameron „een overtuigend argument” had EU-migratie te beperken, leidde tot koortsachtig gelobby.

Major waarschuwde toen dat de kans op een Britse uittreding uit de EU (een Brexit) „net onder de vijftig procent” lag. Die kans is niet verkleind sinds gisteren. Cameron zei vrijdag immers dat als hij bij heronderhandelingen over Brits EU-lidmaatschap succes heeft, hij campagne zal voeren om de Britten bij de EU te houden. Maar: „Als onze eisen voor dovemansoren zijn, sluit ik niets uit.”

Overtuigde eurosceptici zal hij niet voor zich hebben gewonnen, evenmin als de critici binnen zijn eigen partij die hadden gehoopt op een ferme aankondiging die kiezers ervan weerhoudt naar UKIP over te lopen.

De toespraak klonk vooral alsof Downing Street tot de conclusie is gekomen, dat de critici toch niet tevreden kunnen worden gesteld. De immigratieretoriek van de afgelopen weken deed immers niets in de peilingen – noch voor de Conservatieven, noch voor Labour.