Maestro wil het publiek meesleuren

Deze week leidt Daniele Gatti, chef-dirigent van het Kon. Concertgebouworkest per 2016, het orkest voor het eerst sinds zijn benoeming bekend werd.

Daniele Gatti, de nieuwe chef-dirigent van het Concertgebouworkest, tijdens een repetitie. „Ik ben geneigd flink wat emotie toe te laten.” Foto Olivier Middendorp

Met een koperfanfare werd hij maandag ingehaald. Het Concertgebouworkest is, in meerderheid, opgetogen met zijn benoeming: de Italiaan Daniele Gatti (53) wordt in september 2016 de nieuwe, zevende chef. Maar er waren ook tegengeluiden. Gatti? Een man van al te extreme interpretaties, te snel benoemd, veilige keus, zo luidde een Querschnitt aan kritische commentaren in de internationale pers. Wat weten we van hem en zijn benoeming?

De aankondiging van een nieuwe chef kwam begin oktober veel sneller dan verwacht. Nadat de huidige chef Jansons eind april zijn vertrek had aangekondigd, stelde een adviescomité bestaand uit vijftien musici, artistiek directeur Joel Ethan Fried en algemeen directeur Jan Raes (voorzitter) profiel en procedure op. Gatti stond op één op de longlist: het KCO is weliswaar zijn eerste toporkest, maar hij werkt wel al tien jaar met het orkest en recente uitvoeringen van Mahlers Negende en Verdi’s Falstaff gaven zijn profiel een gouden randje. Raes deelde de musici dus mee dat er een geschikte kandidaat gevonden was, en dat er met hem onderhandeld zou gaan worden. De musici gingen daarmee niet akkoord: ze eisten inspraak en mochten anoniem stemmen. 60 procent moest vóór zijn. Gatti haalde die meerderheid, maar met welk percentage blijft geheim – ook intern.

Dat het Concertgebouworkest graag snel een nieuwe chef wilde, hangt samen met de positie aan de wereldtop. Die moet steeds opnieuw worden geborgd op tournees naar de thuissteden van andere grote orkesten: meten is weten. En het publiek hoort een orkest altijd het liefst met zijn chef, dus een chefsvacuüm is onaantrekkelijk. Daarbij wist directeur Raes dat er juist nu in de kleine vijver eredivisiedirigenten meer orkesten vissen.

Met Daniele Gatti kon, anders dan met zijn voorganger Mariss Jansons, bovendien een exclusiviteitsclausule worden afgesproken. Andere favoriete kandidaten als Andris Nelsons en Iván Fischer zijn al chef van een ander toporkest (waar ze niet weg willen).

Gatti krijgt een contract voor veertien weken per seizoen, te beginnen voor vijf jaar, met de intentie daarna tussentijds te verlengen. Hij mag daarnaast wel een operahuis gaan leiden, „maar daarvan is nu geen sprake”, aldus Gatti zelf tijdens een kennismakingsdiner. „Ik ga hier eerst een appartement zoeken, centraal en rustig, zodat ik ook dagen voor en na concerten in Amsterdam kan zijn.”

Tijdens het benoemingsproces consulteerde directeur Raes ook zijn voorganger Jan Willem Loot, KCO-baas tot 2008 en daarna directeur van het Orchestre National de France in Parijs. Gatti is daar nu de chef. Loot wijst een deel van de kritiek op Gatti’s benoeming af – dat hij straks met zijn 55 jaar een „ouderwetse maestro” is, ongeschikt voor sociale media en aanschuiven bij tv-shows, bijvoorbeeld. „Mag het bij benoeming van een chef voor het KCO in godsnaam puur over artistiek gewicht gaan?”

Als er kanttekeningen te plaatsen zijn, zegt Loot, dan hangen die samen met repertoire en interpretatie. „Wat Gatti in Londen deed met tempi en dynamiek, vond ik vaak té. Maar hij is minder extreem geworden.”

„Ik sta open voor commentaar”, zegt Gatti zelf. „Maar als dirigent werk ik met de middelen die me ter beschikking staan. Een spannend verhaal vertel je niet op een monotone dreuntoon. Ik wil het publiek meesleuren, en heb liever dat een toehoorder verbaasd is dan dat hij indommelt.”

Gatti wil het een jaar of drie rustig aan doen. „Op die manier kan ik ook mijn repertoire verder uitdiepen.”

In Bruckner bijvoorbeeld: Amsterdams kernrepertoire dat Gatti weinig deed. Zíjn specialismen? Late romantiek (Mahler), Stravinsky, tweede Weense school, eigentijdse muziek (hij studeerde compositie) en vooral: opera. Maar met het Concertgebouworkest zal hij daarin niet te beluisteren zijn voor 2018-‘19.

Voor wie hoopt op een chef die Bachs Matthäus gaat leiden:dit voorjaar maakt Gatti zijn passiedebuut met de Johannes in Parijs. „Ik ben Italiaan en Rooms-Katholiek, dus geneigd daarin flink wat emotie toe te laten. Maar misschien moet ik wat afstand bewaren.”

M.m.v. Floris Don