En een lesje ‘schrijfdans’ mag nog best

Op scholen is schrijven nog gewoon. Maar de iPad-school komt op. En in Finland werkt de overheid aan een plan om de pen in het onderwijs helemaal af te schaffen.

Op het tafeltje in het klaslokaal staat een grote bak zand, een bus scheerschuim en een plastic emmertje met klei. Robin de Jong laat zien hoe de derdegroepers leren schrijven. Ze is juf van groep vier van de Arentschool in Rotterdam.

Voordat de leerlingen met pen en potlood letters leren schrijven, maken ze letters van klei. Ze schrijven letters in scheerschuim op de tafel of met hun vingers in het zand. Die letters, zegt juf Robin de Jong, „maak je niet alleen met je hand, je gebruikt er je hele lichaam bij”.

Er is discussie over het ‘ouderwets’ leren schrijven met pen en papier. Is het niet beter om kinderen goed te leren typen? Ze zullen in de toekomst vaker achter een computer zitten dan achter een schrijfblok. In Finland werkt de onderwijsraad aan een plan waarbij Finse kinderen vanaf 2016 niet meer zullen schrijven met pen en papier. Zij zullen zoveel mogelijk typen op een tablet of laptop.

Grote letters in de lucht

Schrijven leer je niet alleen voor het schrijven, vindt De Jong. „Het is ook goed voor de fijne motoriek en de oog-handcoördinatie. Die technieken gebruiken kinderen bij het knippen, plakken, knutselen.” En in je verdere leven. Als je een draad in een naald stopt. Als je iets repareert. „Een goed ontwikkelde fijne motoriek heb je voor allerlei dingen nodig.”

Voor de kleuters op de Arentschool begint het schrijfonderwijs met lessen ‘schrijfdans’. Ze schrijven letters met grote bewegingen in de lucht. En daarna tekenen ze enorme letters met verf of krijt op grote vellen papier.

Juffrouw Ageeth Pots van de Nieuwe Park Rozenburgschool even verderop deed een cursus om de schrijfdans goed aan de kinderen te leren. „Bij de schrijfdans gebruik je beide handen en armen”, vertelt ze. „We beginnen met grote bewegingen en die worden dan langzaam kleiner. We eindigen in een schriftje.”

Beide juffen zijn geen tegenstander van de tablet of computer in de klas. Ze vinden dat kinderen een computer moeten gebruiken náást boeken en schriften. De Jong: „De computer is om informatie op te zoeken voor een project of spreekbeurt. Het moet niet in plaats van pen en papier komen.”

Pots: „Als je de informatie opschrijft, onthoud je het ook beter.”

‘Laptop thuis’, zei de universiteit

Dát was reden voor docenten van de faculteit communicatie- en informatiewetenschappen van de Universiteit Utrecht om studenten te vragen niet langer een laptop mee te nemen naar college. Studenten die met pen aantekeningen maken zouden de stof beter onthouden. Bijkomend voordeel is dat docenten niet tegen een muur van opengeklapte laptopschermen zouden aankijken.

Marieke van Heuven (24), studente taal- en cultuurstudies in Utrecht vindt het onzin. Zij heeft altijd haar laptop mee naar college en heeft het gevoel dat ze informatie juist beter onthoudt. „In elk geval gaat het typen veel sneller. En als ik iets niet begrijp, zoek ik het op internet op en plak het tussen de collegeaantekeningen.”

Zit ze op sociale media tijdens colleges? „Facebook staat altijd open. Ik heb een eigen bedrijfje, dus ik zit ook weleens foto’s te bewerken of aan een website te bouwen. Docenten hebben daar geen last van, die zien dat niet. Ik probeer wel altijd heel geïnteresseerd te kijken.”

Hoofdpijn op de iPadschool

Op middelbare scholen wordt meestal nog gewoon met pen en papier geschreven. Maar de iPad-school is in opkomst. De Roncalli-mavo in Rotterdam is een voorloper. Alle boeken van leerlingen staan er op een tablet. Hun tassen zijn een stuk lichter dan die van scholieren die boeken mee moeten nemen. Toch was het wel erg wennen, vertelt Sjoukje Acar. Haar dochter van 14 had het eerste jaar veel hoofdpijn. „We dachten dat ze onvoldoende dronk. Of dat het benauwd was op school. Maar het bleek de tablet. Ze zat constant op een scherm te turen. En als ze pauze nam, speelde ze een spelletje. Een tablet is toch iets anders dan een boek.”

Lynn Penninga (16) weet daar alles van. Zij zit in de vierde klas van UniC, een havo/vwo-school in Utrecht. De eerste drie jaar had ze alleen een laptop op school. Pas in de vierde klas werken de leerlingen ook met boeken. En die voelen, zegt Lynn, dan opeens ‘ontzettend relaxed’. „Alles staat erin, de informatie is betrouwbaar, je kunt een boek op schoot nemen.” Maar, zegt ze, ze heeft digitaal ook „waanzinnig veel geleerd.” Informatie moest ze zelf op internet zoeken. Ze moest checken of die betrouwbaar was. En ze raadpleegde meestal verschillende bronnen. „Daardoor leer je de zaken van verschillende kanten te bekijken. En zelf conclusies te trekken. Ik denk dat ik daar later veel aan zal hebben.”