De progressieve intellectueel heeft schuld

In zijn nieuwe roman stelt deze Colombiaanse schrijver indringende vragen over de macht van de journalistiek en de legitimiteit van opiniemakers, wier invloed vaak even toevallig als verstrekkend is.

Juan Gabriel Vásquez verloochent zijn meesterschap niet Foto Gattoni/Leemage AFP

Welk boek je ook openslaat van de Colombiaanse romancier Juan Gabriel Vásquez, vanaf de eerste bladzijde is het duidelijk: deze man kan schrijven. Dat is te midden van alle min of meer jonge Latijns-Amerikaanse auteurs van vandaag niet vanzelfsprekend. Of het nu gaat om de Argentijn Patricio Pron (De ziel van mijn vader klimt omhoog in de regen), de Mexicaan Yuri Herrera (Voortekenen van het einde van de wereld) of de opnieuw Argentijnse Selva Almada (Het onweer), vaak blijft hun proza iets futloos houden. Waarom heb ik die boeken gelezen, vraag je je later af.

Dat is bij Vásquez (1973) wel anders. Neem de openingszin van zijn nieuwe, zojuist vertaalde roman De reputaties. ‘Terwijl hij in afwachting van zijn huldiging aan de rand van het Parque Santander zijn schoenen liet poetsen, wist Mallarino ineens zeker dat hij een overleden cartoontekenaar voorbij zag lopen.’ Het lijkt een eenvoudige beschrijving, maar ze vertelt een heleboel. De hoofdpersoon, Javier Mallarino, is een belangrijk man uit de middenklasse (hij is de man die wordt gehuldigd), want hij laat zijn schoenen poetsen. En hij heeft iets met het tekenen van cartoons. De tweede zin vertelt dat Mallarino een krant zat te lezen (die cartoons zijn waarschijnlijk spotprenten) met ‘heimelijk genoegen’, want het is een populair schandaalblad. Mallarino is dus een progressieve intellectueel met een paar politiek-incorrecte ondeugden. En dan zijn we pas op de helft van de eerste pagina.

Brille

Overdonderend stormde Gabriel Vásquez in 2004 met zijn roman De informanten de internationale letteren binnen. Het verhaal over Europese immigranten die vlak vóór en vlak na de Tweede Wereldoorlog in Colombia een nieuw bestaan trachtten op te bouwen, maakte een wrange periode uit de geschiedenis van het land zichtbaar. Joden, antifascisten en nazi's moesten het in hun nieuwe land zien te rooien met elkaar.

De brille van zijn debuut heeft Vásquez tot nu toe niet herhaald, maar wel bleef de geschiedenis van zijn land de rode draad in zijn oeuvre. De geheime geschiedenis van Costaguana ging over het verlies van de landengte die nu Panama is en de politieke intriges rond de aanleg van het kanaal; Het geluid van vallende dingen over de begintijd van de drugshandel. Daarnaast steekt zijn nu verschenen, vierde roman bescheiden af – in fysieke omvang en inhoudelijke breedte. De politieke cartoonist Mallarino wordt erin geconfronteerd met de gevolgen van zijn journalistieke invloed.

Ooit gaf Mallarino een housewarming party waarop het achtjarige vriendinnetje van zijn dochter werd aangerand door een conservatief politicus, sinds lang een gewild slachtoffer van zijn spotprenten. Met een snijdende cartoon maakte hij een einde aan diens carrière en indirect ook aan diens leven. Nu, 28 jaar later, staat het vriendinnetje voor Mallarino’s deur en wil weten wat er destijds precies gebeurd is. Met haar gaat hij op zoek naar de weduwe van de politicus – én naar de diepste lagen van zijn eigen geweten. Kon hij indertijd wel zo zeker zijn van de schuld van wie hij ten val bracht? Dat is een van de indringende vragen over de macht van de journalistiek en de legitimiteit van opiniemakers, wier invloed vaak even toevallig als verstrekkend is. Hoeveel columnisten vragen zich wel eens af waarom mensen naar hen luisteren?

Moreel dilemma

Mallarino kan die vraag niet ontlopen – en legt ten slotte zijn pen neer. Wat dat betekent is een vraag die Vásquez open laat. Is het boek een aanklacht tegen de morele zelfgenoegzaamheid van de journalistiek, misschien wel juist wanneer ze progressief en intellectueel is? Of onderstreept het – een stuk cynischer – dat in het politieke debat onrecht niet altijd kan worden vermeden, als er van onrecht al sprake was? Zo scherp als Vásquez’ aanzet is, zo onbestemd is zijn uitwerking van het morele dilemma dat hij oproept.

Ook psychologisch is het plot van De reputaties niet altijd overtuigend. Meer dan in zijn andere romans steekt het staketsel van Vásquez’ morele vraag door het verhaal heen. Maar ook dan verloochent hij zijn meesterschap niet. Lees hoe hij Mallarino op zijn feestje zijn toekomstige slachtoffer laat ontmoeten: een klein mannetje, dat hem onderdanig smeekt hem niet langer belachelijk te maken. Mallarino wordt er alleen maar agressiever door. Het is misschien wel de meest gedurfde passage. Niet alleen omdat Vásquez zijn hoofdpersoon een uitgesproken onsympathieke kant durft mee te geven, maar vooral omdat een ongemakkelijke vraag stelt: hoe gedraag ík mij wanneer ik mij tegenover een ander de sterkste weet? Soms maakt zwakheid alleen maar de Nietzscheaanse roofvogel in ons wakker die lak heeft aan alle humanisme van ‘de andere mens’.