De Europese top-40 van Jeroen Dijsselbloem

Nederland denkt 65 miljard te kunnen binnenhalen uit het nieuwe Europese investeringsfonds van 315 miljard euro. Windmolens en wegen staan op de wensenlijst van Den Haag.

Nederland denkt een veertigtal investeringsprojecten te hebben, met een totale waarde van minstens 65 miljard euro, die passen in het nieuwe investeringsfonds dat deze week door de Europese Commissie is gelanceerd.

Dat blijkt uit een wensenlijstje dat minister Jeroen Dijsselbloem van Financiën woensdag naar Brussel en de Tweede Kamer heeft gestuurd.

Opvallende uitschieters op Dijsselbloems lijstje: windparken in zee (12 miljard euro) en investeringen in wegen (7 miljard euro). Nederland ziet ook een rol voor het Europese Fonds voor Strategische Investeringen (EFSI) weggelegd bij het aantrekken van kapitaal voor het midden- en kleinbedrijf, voor sociale woningbouw, voor investeringen in innovatieve bedrijven (kenniseconomie) en voor het vergroten van energie-efficiëntie.

Voorzitter Jean-Claude Juncker van de Europese Commissie lanceerde deze week in het Europees Parlement in Straatsburg een nieuw investeringsplan om de Europese economieën aan te zwengelen.

Het investeringsfonds EFSI moet een omvang krijgen van ongeveer 315 miljard euro, vooral geld van privé-investeerders. Om die te verleiden tot deelname aan het fonds komen er garanties ter waarde van 21 miljard euro, uit de begroting van de Europese Unie (16 miljard) en van de Europese Investeringsbank EIB (5 miljard).

Andere landen stuurden al eerder lijstjes naar de Commissie. Zo kwam de Vlaamse regering met 28 projecten met een waarde van 23,8 miljard aanzetten. Tegenover de Commissie noemt Nederland zijn eigen lijstje „illustratief en niet uitputtend”.

Welke projecten al dan niet voor geld uit het fonds in aanmerking komen, wordt niet besloten door de EU-lidstaten zelf, maar door een onafhankelijk comité van experts, op basis van door Juncker gestelde prioriteiten.

Projecten moeten van Europees-strategisch belang zijn en economisch levensvatbaar. Geografie speelt wat de Europese Commissie betreft geen rol.

Rol van EU-landen

In een begeleidende brief aan de Tweede Kamer schrijft Dijsselbloem dat de Nederlandse regering het initiatief van de Commissie ‘in beginsel waardeert’. Maar het kabinet acht een Europees investeringsbeleid ‘niet volledig zonder dat dit gepaard gaat met structurele hervormingen’.

Dat mag zich volgens Den Haag niet beperken tot het wegnemen van belemmeringen in het investeringsklimaat, maar moet ook hervormingen op de arbeidsmarkt, belastingregimes en het openen van product- en dienstenmarkten omvatten.

Den Haag is het ook met de Commissie eens, dat ‘het inventariseren en ontwikkelen van een pijplijn van potentieel kansrijke investeringsprojecten een continu proces dient te zijn’. Maar het kabinet vraagt zich wel af in hoeverre een dergelijke pijplijn apart op Europees niveau moet worden ontwikkeld, zoals de Commissie voorstaat.