Waarom de olieprijs maar blijft dalen

A statue depicting an oil rig is seen in front of the Energy Ministry building in Caracas May 30, 2006. Oil cartel OPEC will probably hold supply quotas unchanged at Thursday's policy meeting, but will keep pumping as much crude as it can to ease market fears of a shortage, OPEC President Edmund Daukoru said on Monday. The Organization of the Petroleum Exporting Countries is due to hold an extraordinary meeting in the Venezuelan capital Caracas on Thursday against the backdrop of oil prices near record levels above $70 per barrel. REUTERS/Jorge Silva

Ouderwetse opwinding over olie. Besluit de OPEC vandaag, in een poging om de prijs op te drijven, om de productie in 2015 te beperken? Of heeft de groep van twaalf olie-exporterende landen (het merendeel Arabische landen) zijn greep verloren en blijft steeds goedkopere olie de markt overstromen?

De prijs van een vat Noordzee-olie (Brent), die als maatstaf geldt in de oliehandel, is sinds de zomer met bijna 30 procent gedaald naar nauwelijks 80 dollar (64 euro) per vat. Sommige analisten voorspellen een daling naar 70 of zelfs 60 dollar, als de OPEC niet ingrijpt.

Wie hebben er nadeel van?

Olieproducerende landen als Rusland, Venezuela, Iran en Nigeria maken zich grote zorgen. Een lage olieprijs betekent voor hen een fors begrotingstekort en mogelijk zelfs sociale onrust als bijvoorbeeld de pensioenen niet meer op tijd betaald kunnen worden.

De lage olieprijs kost Rusland nu op jaarbasis al 100 miljard dollar, maakte de Russische minister van Financiën, Anton Siloeanov, deze week bekend. Geen wonder dus dat Moskou een productievermindering probeert te bereiken. De Russen, geen OPEC-lid, zouden bereid zijn om 300.000 vaten per dag minder op te pompen. Als de olieprijs maar weer omhooggaat.

Wie profiteert van een lage olieprijs?

De wereldeconomie. Geld dat wordt bespaard aan de import van olie, kan aan andere zaken worden uitgegeven. Iedere 10 dollar prijsdaling betekent een economische groei van 0,3 procent.

Wat kan de OPEC doen?

In het verleden was het oliekartel zo machtig dat de olieprijs meteen reageerde op een aanpassing van de productie. De gezamenlijke productie ligt nu op 30 miljoen vaten per dag, 40 procent van de totale ruwe olieproductie in de wereld. Een beperking van de productie met 1,5 miljoen vaten per dag zou al het verschil kunnen maken, menen analisten.

Maar ondanks het eerder genoemde aanbod van de Russen, is het de vraag of die beperking er daadwerkelijk komt. Want het gaat niet alleen meer over de prijs van de olie, maar ook over het marktaandeel van de verschillende olie producerende landen.

Waarom is de olieprijs zo laag?

De prijs daalt door overcapaciteit, die voornamelijk wordt veroorzaakt door de toenemende olieproductie in de Verenigde Staten, vooral uit schaliegesteente. Ook Libië en Irak hebben hun productie de afgelopen maanden – ondanks oorlogsgeweld – weten op te voeren.

Tegenover deze toenemende productie staat een tegenvallende vraag. De economische groei in Europa, maar ook in China, blijft achter bij de verwachtingen. Tot zover het spel van vraag en aanbod.
Maar uit het feit dat Saoedi-Arabië de VS inmiddels een korting geeft, valt op te maken dat er meer aan de hand is. Saoedi-Arabië heeft juist een lagere olieprijs nodig om te kunnen concurreren met de schalie-olie die de Verenigde Staten zelf produceren.

Afzetmarkt is op dit moment belangrijker dan prijs. Hans van Cleef, energie-econoom bij ABN-Amro, verwacht daarom niet dat de OPEC-bijeenkomst van vandaag grote veranderingen zal opleveren. Wellicht verzinnen de OPEC-landen een “cosmetische” oplossing. “Op dit moment wordt er namelijk in werkelijkheid meer geproduceerd dan is afgesproken”, zegt Van Cleef.

“Een productieverlaging van 500.000 vaten per dag zou het feitelijke productieniveau weer terugbrengen tot de afgesproken 30 miljoen vaten per dag.”

En blijft het zo?

De vraag is natuurlijk of dat voldoende zou zijn om de prijs weer omhoog te jagen. De kans is groot dat de prijs voorlopig op het huidige niveau blijft. Al verwacht Van Cleef tegen het einde van het jaar toch weer een lichte stijging. Hij denkt dat de Amerikaanse productie deels zal stilvallen als de prijs te lang op 80 dollar blijft staan: die is namelijk te laag om de productie van olie uit schaliegesteente rendabel te maken.