Column

Rokers verdienen een bloemetje

Mijn levensverzekering heeft me een bloemetje gestuurd – en ik ben nog niet eens overleden. De levensverzekering in kwestie is een voorzorgsmaatregel: als ik voortijdig de geest zou geven, kan mijn vriendin ongeveer de helft van de hypotheeklast aflossen.

Strikt nodig is dat niet: voorheen had ik een levensverzekering die mede als onderpand fungeerde voor een hypotheek bij een kleine bank. Die bank heeft de hypotheekportefeuille echter doorverkocht aan een andere bank, en daarop is hij nog een aantal keren doorverkocht, totdat hij terechtkwam bij een Luxemburgs bedrijf dat kennelijk gespecialiseerd is in het afwikkelen van hypotheken. Dus kon ik zonder boete oversteken naar een meer normale Nederlandse bank.

Omdat de nieuwe hypotheek slechts ongeveer de helft van de handelswaarde van het huis bedraagt, was een nieuwe levensverzekering als dekking niet meer nodig. Maar ik ben een voorzichtig man, dus ik wilde er wel eentje. Zonder veel nadenken vulde ik de aanvraag in, inclusief niet-rokersverklaring, want ik rook al jaren niet meer.

Als ik ergens de schurft aan heb, zijn het financiële zaken. De overheid gaat ervan uit dat de burger niets liever doet dan avonden gebogen te zitten over concurrerende aanbiedingen van zorgverzekeraars, elektriciteitsbedrijven of telefoonaanbieders, om de gunstigste tarieven uit te vogelen. Ik zal de enige niet zijn die dat zonde van de tijd vindt: zolang pillen worden vergoed, stroom en gas het huis binnenkomen en de telefoon rinkelt, laat ik alles bij het oude. Niet hoeven nadenken over het slijk der aarde heeft een prijs – het zij zo.

Dus toen ik de nacht na het invullen van de aanvraag voor de levensverzekering wakker schrok, was ik erg ontevreden over mezelf. Wat, maalde ik, als ik op mijn sterfbed plotseling zin zou hebben in een sigaar? Of als ik de geest gaf na een bijeenkomst van mijn eetclubje, waar iedereen zit te paffen zodat er sprake is van meeroken? Komt er dan een controleur van de verzekering die na een proef op het lijk mijn vriendin meedeelt dat ze niks krijgt? Martelende gedachten waren het, en een acuut gevoel van onvrijheid.

Dus meteen de volgende ochtend de verzekeringsmaatschappij gebeld met het verzoek de aanvraag voor de niet-rokerskorting te negeren, uit overwegingen van privacy. Daar had de medewerker aan de telefoon geen bezwaar tegen, de premie was dan wel ongeveer dubbel zo hoog.

Een paar weken later kwam de polis: mét niet-rokerskorting. Weer gebeld, vreemd, foutje, nieuwe polis zou volgen. Die kwam ook inderdaad – weer met niet-rokerskorting.

Enfin, dat is weken zo doorgegaan. Kennelijk is het zo onwaarschijnlijk dat een niet-roker afziet van de niet-rokerskorting dat deze wens tot het systeem niet doordringt. Totdat ik aan de telefoon een slimme dame trof die het wél begreep, en de juiste polis zond, mét een bloemetje. Dat heb ik ook wel verdiend misschien, met mijn dubbele premie. Eigenlijk verdienen ook alle rokers een bloemetje van hun levensverzekering.