Zo maak je een film die een Emmy wint

Jarenlang liep filmmaker Jaap van Heusden met het idee voor De Nieuwe Wereld in zijn hoofd. Hij moest leuren om geld. En nu is er plotseling een Emmy.

Nadat ze de Emmy voor beste internationale actrice in ontvangst had genomen in het Hilton Hotel in New York, werd Bianca Krijgsman gisternacht door de spoelkeuken naar de persruimte begeleid. In de keuken hield ze, gekleed in een Claes Iversen-jurk, euforisch haar prijs omhoog. De Hilton-kelners klapten voor haar, ze juichten haar toe.

Op datzelfde moment was de regisseur van de film waarmee Krijgsman de prijs kreeg, Jaap van Heusden (35), thuis in Utrecht. Zijn jongste zoon, een baby van negen maanden, had al een paar dagen koorts.

Ook al was hij er niet bij, de Emmy is voor Jaap van Heusden een bekroning voor jarenlang werken.

Het publiek ziet alleen een film en een prijsuitreiking. Maar er is ook een achterkant. Het script dat blijft liggen, het geld dat nodig is, mensen die in je moeten geloven. Hoe komt een film tot stand? En in dit geval: De Nieuwe Wereld, een film die zich vrijwel volledig afspeelt op het aanmeldcentrum voor asielzoekers bij Schiphol.

Trotse Afrikanen

Het verhaal voor de Nieuwe Wereld werd jaren geleden bedacht. Vijftien jaar, om precies te zijn. Nog voordat Van Heusden naar de filmacademie was geweest maakte hij korte filmpjes in Ouagadougou, de hoofdstad van Burkina Faso. Daar leerde hij de mensen leerde kennen die naar Europa wilden. Niet de verstotelingen, maar de „crème de la crème” van de samenleving. Mensen die het aandurfden om alles achter te laten en het ergens anders te gaan maken. Daar wilde Van Heusden een verhaal over maken, vertelt hij. „Een mooi verhaal over een trotse Afrikaan. Net zoals Nederlanders honderden jaren geleden naar Amerika gingen om het daar te gaan maken.”

Zes jaar lang bleef het bij een idee. Pas nadat Van Heusden de Filmacademie had afgerond, schreef hij een filmscript. Om research te doen voor zijn verhaal sprak hij af met asielzoekers. Om bij het aanmeldcentrum op Schiphol binnen te komen deed hij zelfs alsof hij er op zoek was naar een baan. „Iemand had gezegd: ‘Als je nu komt voor een sollicitatie laten ze het hele pand zien. Dan leggen ze je perfect uit hoe het werkt’.”

In 2007 was het eerste script klaar. Het zou een verhaal worden over een jonge Afrikaanse vluchteling en een Nederlandse studente. De twee worden verliefd op elkaar in het aanmeldcentrum voor asielzoekers op Schiphol-Oost.

Het verhaal is er, en dan?

Om van een verhaal een film te maken is geld nodig. En wie geld nodig heeft voor een film, kan zijn idee opsturen naar het Co-productiefonds Binnenlandse Omroep CoBO. Elk jaar selecteren de publieke omroepen zes verhalen die ook daadwerkelijk verfilmd mogen worden. Zo’n film krijgt dan 800.000 euro, betaald door het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, het CoBO en de omroepen. Deze ‘Telefilms’ worden uitgezonden op de Publieke Omroep. Elk jaar zijn er rond de honderd aanmeldingen.

Het eerste script van Van Heusden werd niet uitgekozen. Zijn verhaal ging dood, zegt hij. „Als iemand daar heeft gezegd ‘het is niets’, dan gaat iedereen er vervolgens een beetje mee om alsof het besmet is. Waarom zou er anders iemand nee tegen hebben gezegd?”

Een boot met vluchtelingen

Het verhaal bleef een tijdje op de achtergrond (Van Heusden maakte de film Win/Win), tot hij drie jaar geleden een paginagrote foto zag van een boot met vluchtelingen bij het Italiaanse eiland Lampedusa. „Op die foto zoomde ik in. Net zo ver tot je de gezichten kon zien. Zodat ik niet meer honderden zielige mensen zag, maar de jongens met wie ik, bij wijze van spreken dan, in Burkina Faso filmpjes had gemaakt.”

Het gevoel kwam terug. Het gevoel dat die mannen op de boot geen drenkelingen waren, maar jongens die het willen gaan maken. „Ik kreeg weer vuur van binnen. Potverdomme, dacht ik. Dit verhaal moet toch worden verteld.”

En zo dook het verhaal weer op in zijn hoofd. Filmproducent Marc Bary koppelde Van Heusden aan scenarioschrijver Rogier de Blok. Opnieuw probeerden de filmmakers in aanmerking te komen voor een Telefilm-subsidie. Dit keer werden ze wel geselecteerd. „De omroep zei: we hebben er van alles op aan te merken, maar we denken dat er wel een mooie film in zit.”

Een paar weken later kwam De Blok met een A4’tje met ideeën. Hij wilde een paar dingen veranderen. Dat meisje moet een vrouw worden, zei hij. Een verbitterde, chagrijnige vrouw, die niet heeft gestudeerd. Een schoonmaakster. Pas toen begon het verhaal echt te leven.

Om research te doen mochten de filmmakers dit keer wel het aanmeldingscentrum voor asielzoekers op Schiphol in. Nu konden Van Heusden en zijn team pas echt zien hoe het centrum er van binnen uitzag. De bordjes met daarop ‘niet hoesten vanwege TBC’, de matrassen van bruin plastic, de lakens van papier.

Crocs en een trainingsjack

En toen was het 2011. Het verhaal was geschreven. Het geld was er. Maar de hoofdrolspeler ontbrak nog.

Omdat de schoonmaakster in de film zo nukkig was, zou het fijn zijn, bedachten de makers, als er een soort lulligheid was waardoor de film af en toe ook zou ontspannen. Waardoor je om deze nare vrouw zou moeten grinniken. Maar waar vind je zo iemand?

De meest fantastische actrices kwamen langs, zegt Van Heusden. „Ik dacht: fuck, die zijn echt supergoed.” Maar ze werden het niet. De filmmakers waren op zoek naar een „heel normale vrouw”. Iemand die nog lelijk Nederlands kon praten – de meeste actrices spraken keurig netjes de taal.

Maar toen Van Heusden koffie was gaan halen en terugkwam in de auditieruimte zat daar een vrouw, „die er echt totaal niet uitzag”. Ze droeg crocs en een trainingsjack boven een broek die niet kleurde. Ze was er om de scène te doen. „En ze deed het heel erg alsof er niets aan de hand was. Heel normaal. Ik was een beetje verward. We hadden zo veel actrices gezien en toen stond daar deze vrouw van wie ik nog nooit gehoord had. Ik vond het heel goed, maar op een andere manier dan ik had verwacht.”

Die vrouw was Bianca Krijgsman, bekend van cabaretduo Plien en Bianca en Koefnoen.

Krijgsman had nog nooit zo’n grote rol gespeeld. Maar Van Heusden wist de omroep en de producenten te overtuigen.

Ze kreeg de rol.

Niet in de bioscoop

De Nieuwe Wereld werd eind februari 2013 voor het eerst vertoond tijdens het Internationaal Filmfestival Rotterdam. Vijftien jaar nadat Van Heusden het idee bedacht.

Op zaterdag 20 april om 20.20 uur werd de film uitgezonden op Nederland 2. De Nieuwe Wereld trok die avond 410.000 kijkers. Voor Nederland was het belangrijkste moment voor de film voorbij. In de bioscoop zou hij nooit worden vertoond. De uitzenddatum, die al vastlag, kwam daarvoor te snel. „Je kunt mensen niet verleiden naar de bioscoop te komen als ze tv-promo’s zien met: ‘over een paar weken op televisie’.”

Maar: de Emmy’s zijn televisieprijzen. Omdat Telefilms worden gefinancierd als televisiefilms, komen ze in aanmerking. „Als we de sprong wel hadden gewaagd en een paar weken in tien arthouses hadden gedraaid, dan was het volgens de Emmy-normen een bioscoopfilm geworden. Dan hadden we niet meer naar de Emmy’s gekund.”

Lees ook: Een Emmy winnen? Leuk! Maar wat heb je er daarna aan?