Juncker wil regie crisisaanpak

Nieuw investeringsfonds geeft Europese Commissie meer macht bij aanzwengelen economische groei.

Als banken geen leningen willen verstrekken, zit er maar één ding op: zelf bankieren. Dat is kort samengevat de kern van een nieuw Europees, vanuit Brussel geleid miljardenfonds dat EU-Commissievoorzitter Jean-Claude Juncker vanochtend lanceerde. Het moet niet alleen voor de broodnodige groei zorgen, maar ook de EU ingrijpend veranderen.

Lidstaten investeren graag in zichzelf, maar zodra investeringen in infrastructuur, energie, telecom en onderzoek een grensoverschrijdend karakter krijgen slaat de twijfel toe. Want in wiens belang zijn ze dan? In dat van Europa als geheel, betoogde Juncker vanochtend in het Europees Parlement in Straatsburg. „Een investering in Frankrijk is er ook één in Duitsland. Mensen moeten voor eens en voor altijd beseffen dat we in hetzelfde schuitje zitten.” Juncker schat dat zijn plan in drie jaar 1,3 miljoen banen schept.

Het is zijn antwoord op het tegenvallende crisisbeleid tot nu toe. Lidstaten zijn fors gaan bezuinigen. Groei blijft uit. Banken en investeerders blijven op hun geld zitten, ook na de verlaging van rentetarieven door de Europese Centrale Bank (ECB). Het plan-Juncker moet voorkomen dat alle inspanningen tot nu toe tevergeefs zijn. En en passant paus Franciscus logenstraffen: hij waarschuwde gisteren in het Europarlement dat Europa een „oude en gekwelde indruk” maakt.

Het Europese Fonds voor Strategische Investeringen moet medio 2015 klaarstaan met een omvang van 315 miljard euro. Dit geld moet vooral van private partijen komen. Om hen te verleiden tot deelname stelt Europa zich met 21 miljard euro garant. Als een project mislukt, wordt hiermee de eerste klap opgevangen. De kans dat dit nodig is, noemt de commissie „heel klein”.

Startkabels

Dit startbedrag komt uit de huidige EU-begroting en van de Europese Investeringsbank. Het leidt zo niet tot hogere staatsschulden en begrotingstekorten: een belangrijke voorwaarde om het plan langs hoofdsteden te krijgen. Andere opties, met geld van de ECB of het Europese noodfonds ESM (500 miljard euro), waren vooral voor Noord-Europa onbespreekbaar. De garantie uit de EU-begroting komt deels uit bestaande potjes zoals dat voor het wetenschapsbudget.

Landen mogen zelf inleggen, maar dat hoeft niet. Meedoen levert in ieder geval geen invloed op, zegt de commissie. Lidstaten kunnen plannen indienen, maar welke geld krijgen, bepalen onafhankelijke experts op basis van in Brussel gestelde prioriteiten. „Het moet geen gepolitiseerd proces worden”, zeggen ambtenaren. „Geografie is geen factor, projecten moeten van Europees-strategisch belang zijn en economisch levensvatbaar.”

Maar dit ligt gevoelig: de commissie eist hiermee een sterke, regisserende rol op voor zichzelf en lidstaten zijn huiverig voor soevereiniteitsafdracht. Tijdens een top in december zal Juncker regeringsleiders moeten overtuigen. Vanochtend schaarde een meerderheid van het parlement zich al achter het plan. De christen-democraten noemden het „een hele goede dag voor Europa”, de sociaal-democraten „een eerste stap op de goede weg”. Frans Timmermans, Junckers rechterhand, vergeleek het plan met startkabels. „Je kan er de auto mee starten, maar alleen op eigen kracht blijft hij aan de praat.”

Junckers grootste troef zijn de ernstige begrotingsperikelen van landen als Frankrijk en Italië. Die kunnen door de ‘hefboomwerking’ van het fonds worden verzacht. Nationale tekorten zouden kunnen worden verlaagd door investeringen via het fonds te laten lopen. Vanochtend werd daar met geen woord over gerept, maar volgens ingewijden wordt er volop over gesproken.

Vrijdag spreekt de commissie zich uit over door lidstaten ingediende ontwerpbegrotingen. Volgens ingewijden zal een „heel hard oordeel” over de Franse begroting worden geveld, maar krijgt Parijs extra tijd om met een beter plan te komen, mogelijk tot maart 2015. In de tussentijd wordt dan gekeken of het fonds een rol krijgt.

Is 315 miljard genoeg? Critici wijzen erop dat investeringen in de EU tijdens de crisis veel sterker daalden. Maar volgens de commissie was het investeringsniveau vóór de crisis deels het resultaat van bellen op bijvoorbeeld de huizenmarkt. „Daar willen we niet naar terug”, aldus een ambtenaar.