In het beloofde land zijn puddinkjes duur

O ok Israël kent zo zijn mediahypes, en die gaan heus niet allemaal over Het Conflict. De laatste tijd zijn de Israëliërs met iets heel anders bezig: de prijs van een Milky-puddinkje. Milky is een iconisch toetje in Israël, op de markt gebracht door zuivelbedrijf Strauss. In zijn boek Mijn beloofde land gaat Haaretz-journalist Ari Shavit in op de geschiedenis van deze firma. Het is een succesverhaal: hoe de arme Duits-joodse immigrante Hilda Strauss ruim tachtig jaar geleden een amper winstgevend melkbedrijfje omtoverde tot wat vandaag de dag een wereldwijde voedselproducent is.

Het toetje zelf stelt weinig voor. Voor gemiddeld drie shekel – 63 eurocent – krijg je een klein pakje met chocoladepudding en slagroom. Maar toen een in Berlijn woonachtige Israëliër op zijn Facebookpagina voorrekende wat hij in Duitsland voor een Milky betaalde, barstte in Israël de discussie los. Het lijkt misschien niet veel, die 63 cent, maar Duitse prijsvechters bleken voor hetzelfde toetje maar 19 eurocent in rekening te brengen. Drie keer zo weinig.

Die ene post uit Berlijn raakte een gevoelige snaar: de voedselprijzen in Israël. Boodschappen doen is hier inderdaad duur, voor wie Europese prijzen gewend is. Een – niet-wetenschappelijke – steekproef van de prijzen van tien producten uit de Israëlische am:pm-supermarkt vergeleken met die van de Albert Heijn leert dat ik in Israël de helft duurder uit ben.

I k zou in Nederland 18,75 euro hebben betaald, tegen omgerekend 27,76 euro in Israël. Alleen cola en shampoo zijn in Tel Aviv goedkoper. Het schokkendste prijsverschil vond ik bij een blikje hondenvoer, dat in Nederland 87 cent kost en in Israël 2,64 euro. En dat terwijl de gemiddelde Israëliër per maand 1.381 euro te besteden heeft; de Nederlander 1.695 euro.

Dat het oer-Israëlische Milky-puddinkje in eigen land zo duur is, komt voornamelijk door de melkprijs. Het komt erop neer dat boeren die prijs zelf reguleren, met verhoudingsgewijs dure melk als resultaat. Ook in andere sectoren van de Israëlische economie is de concurrentie niet optimaal.

De Israëliër die naar Berlijn verhuisde, heeft wat prijzen betreft groot gelijk. Maar al gauw veranderde de discussie van karakter. Wat is dat eigenlijk voor Jood, die het beloofde land achter zich laat en zich in Berlijn vestigt? Wij hebben het hier zwaar, en hij verhuist naar gerieflijk Berlijn vanwege de prijs van een Milky!

Het emigreren van Joden uit Israël ligt gevoelig in een land dat Joden van over de hele wereld juist aanmoedigt om aliyah te doen – immigranten krijgen zelfs een financiële bonus. Sommige commentatoren vreesden al een emigratiegolf van jonge, hoog opgeleide Israëliërs, voor wie Europa of de Verenigde Staten meer te bieden zouden hebben dan een duur land dat om de haverklap wordt beschoten door Hamas-raketten.

Gelukkig was er nog een wakkere journalist die maar eens in de emigratiecijfers dook. Wat blijkt? De emigratie uit Israël neemt ieder jaar af. Sterker nog: voor Joden van over de hele wereld is Israël juist aantrekkelijker geworden. Zo verhuist dit jaar naar verwachting 1 procent van alle Franse Joden naar Israël, en ook voor Italiaanse Joden is Israël een populaire bestemming. De prijs van een Milky nemen ze maar op de koop toe.