Hij wilde heel graag dat ik zou terugkeren bij het bedrijf

Elke carrière kent wel een leermeester. Voor opticien Richard Azijnman (48) is dat zijn vader Herman Azijnman (73).

„In de zomer van 1976 nam mijn vader me op een zondag mee naar zijn praktijk. In het voorste gedeelte stond een bureau waarachter mijn moeder vaak zat om klanten te ontvangen. De schuifdeuren naar de achterkamer waren altijd open. Klanten konden mijn vader in een witte jas zien werken. Sommigen spraken hem aan met dokter. Maar mijn vader was geen dokter. Hij werkte met draaibanken en diamantboren. Hij was lenzenspecialist. Die dag kreeg ik mijn eerste contactlenzen. Hij deed ze bij me in en ik kon mijn ogen niet geloven. De blaadjes van de bomen zag ik opeens haarscherp. Ik was blij. En trots op m’n vader.

„Na de middelbare school volgde ik een opleiding tot opticien. Ik mocht bij één van de filialen van mijn vaders bedrijf aan de slag. Ik ontwikkelde me snel. Het duurde niet lang voordat ik een mening had over de bedrijfsvoering en marketing. Dat botste soms met de ideeën van mijn vader. Hij gaf me voor mijn gevoel geen ruimte. Dat frustreerde me.

„Op een dag barstte het. Ik meldde me ziek en zat maandenlang ongelukkig thuis. Soms liep ik langs een winkel van mijn vader. Dan werd ik verdrietig bij de gedachte dat de zaak door onze breuk niet in de familie zou blijven. Maar de kloof tussen ons was te groot geworden.

„Drie jaar later. Ik werkte inmiddels bij een andere opticien en merkte dat ik me niet aan dat bedrijf kon verbinden. Langzaam werd me duidelijk dat ik ergens nog steeds de trots voelde die ik als klein jongetje had gevoeld voor mijn vader. Op een zondagmiddag, ik was 33 jaar, heb ik mijn vader opgebeld. Diezelfde avond zaten we bij de Chinees om te praten. Ik vroeg hoe hij het zou vinden als ik terug bij het bedrijf zou komen. Hij kreeg tranen in zijn ogen. Ik ook. Hij wilde het heel graag.

„Met de wijsheid uit het verleden wist ik dat mijn vader zijn bedrijf niet makkelijk zou overgeven. Daarom stelde ik een harde voorwaarde: ik zou de verantwoordelijkheid over het bedrijf in stappen overnemen. Gelukkig stemde hij in. Inmiddels heb ik de leiding over het bedrijf. Hij is gepensioneerd en reist de wereld over. Soms vertelt hij me hoe trots hij is. Iets mooiers is er voor mij niet.”