Column

‘Het is wat het is’

Ook de aardigste zinnetjes kunnen je gaan tegenstaan als je ze te pas en te onpas tegenkomt. Zo’n zinnetje is: „Het is wat het is.” Bijna iedereen gebruikt het tegenwoordig als hij even met zijn mond vol tanden staat. Het is een dooddoener geworden. Daardoor is „Het is wat het is”, helaas niet meer wat het geweest is.

Hoe valt zoiets op? Het begint ermee dat je jezelf op heterdaad betrapt. Je zit in gezelschap wat te kletsen, je komt opeens met een loze bewering die je moet uitleggen en je redt je eruit met een vrolijk: „Het is wat het is!” Iedereen valt stil of lacht een beetje jaloers om deze laconieke oplossing waar zo weinig verweer tegen mogelijk is. Hooguit is er een slimmerik die je vraagt: „Maar waarom is het wat het is?” Hem zet je op zijn nummer met het geheimzinnig gefluisterde: „Juist daarom.”

Op deze manier werd „Het is wat het is” een ideale vluchtheuvel. Ik merkte het onlangs ook bij twee Bekende Nederlanders, de zangeres Anouk en Rijksmuseumdirecteur Wim Pijbes.

Anouk moest op tv in College Tour allerlei lastige dingen uitleggen over haar privéleven, zoals die vijf kinderen van drie vaders (of drie kinderen van vijf vaders, ik kan dat moeilijk onthouden) en de eenzaamheid waartoe zo’n drukbevolkt leven desondanks kan leiden. Om er maar vanaf te wezen, riep ze telkens: „Het is wat het is!” Je maakt er op den duur de beste interviewer mee monddood.

Wim Pijbes moest in De Wereld Draait Door uitleggen waarom hij de kitschkunst van Jeff Koons zo goed vond. Nu is dat nog geen enkele kunstcriticus bevredigend gelukt, dus ook Pijbes moest algauw zijn toevlucht nemen tot de reusachtige bedragen die Koons’ kunst waard is, en toen hij daarover was uitgepraat, volgde bijna onvermijdelijk enkele malen de hulpeloze uitroep: „Het is wat het is!” Discussie gesloten nog voordat ze geopend was.

Zelf maak ik nu ook dankbaar gebruik van een variant, bijvoorbeeld om thuis ver na middernacht en omhuld door alcoholische dampen te verklaren waarom „het zo uitgelopen is”: „Het was wat het was.”

Waar komt deze cliché geworden zin vandaan? Daar hebben ze zich in het buitenland ook het hoofd over gebroken, waaruit we kunnen concluderen dat het geen Nederlandse vondst is. The New York Times merkte eerst dat Al Gore het in 2002 in een belangrijk politiek statement had gebruikt. Maar de oudste bron bleek de columnist J.E. Lawrence die al in 1949 in The Nebraska State Journal over nieuw gewonnen land schreef: „It is what it is, without an apology.”

De mooiste bron is voor mij de Oostenrijkse dichter Erich Fried (1921 – 1988) die in 1983 het liefdesgedicht Was es ist publiceerde. Daarin krijgt de liefde allerlei verwijten, maar elke keer zegt ze terug: „Es ist was es ist.” Het gedicht is in allerlei talen vertaald, in het Nederlands door Remco Campert en Geert van Istendael. Hun vertalingen zijn vrijwel identiek (Campert vertaalt ‘Schmerz’ als ‘verdriet’, Van Istendael als ‘pijn’) en luiden:

Het is onzin/ zegt het verstand/ Het is wat het is/ zegt de liefde

Het is ongeluk/ zegt de berekening/ Het is alleen maar verdriet/ zegt de angst/ Het is uitzichtloos/ zegt het inzicht/ Het is wat het is/ zegt de liefde

Het is belachelijk/ zegt de trots/ Het is lichtzinnigheid/ zegt de voorzichtigheid/ Het is onmogelijk/ zegt de ervaring/ Het is wat het is/ zegt de liefde.