Boko Haram wil IS evenaren met vestiging van een eigen kalifaat

Boko Haram beperkt zich niet meer tot terreur en probeert ook een eigen territorium te veroveren. Maar de regering slaat hard terug.

Zeker 45 doden. Dat is de balans van de meest recente terreurdaad van Boko Haram in het noordoosten van Nigeria. Op een drukke markt in Maiduguri, de hoofdstad van de deelstaat Borno, bracht een jonge vrouw gistermiddag een bom tot ontploffing die ze onder haar hijab had verstopt. Toen omstanders zich om de plek des onheils verzamelden, detoneerde een metgezel de explosieven die zij bij zich droeg.

Bijna dagelijks valt Boko Haram dorpen en stadjes aan in het grensgebied met Niger, Tsjaad en Kameroen. Niet alleen regeringssoldaten en burgermilities zijn het doelwit, ook gewone burgers – christenen én moslims – moeten het ontgelden.

De dubbele zelfmoordaanslag in Maiduguri, de stad waar Boko Haram in 2003 tot leven kwam als moslimfundamentalistische sekte, illustreert dat het opofferen van meisjes niet wordt geschuwd. Twee weken geleden nog doodde een zelfmoordenaar een vijftigtal leerlingen en onderwijzers op een schoolplein in Potiskum, de hoofdstad van de deelstraat Yobe. Die dader had een schooluniform aangetrokken.

In augustus kondigde de leider van Boko Haram, Abubakar Shekau, de vestiging aan van een kalifaat, net zoals IS deed in Syrië en Irak. Daarvoor is meer nodig dan het beramen van aanvallen, aanslagen en ontvoeringen. Boko Haram legt zich daarom nu ook - niet zonder succes – op het veroveren van grondgebied toe. Analisten beschouwen dit als een nieuwe strategie van de terreurgroep.

De jongste verovering was afgelopen maandag met de inname van de stad Damasak, op de grens met Niger. De strijders van Boko Haram deden zich voor als handelaren, hun wapens hadden ze verborgen in dozen. Veel inwoners werden gedood, honderden sloegen op de vlucht. Vrouwen en kinderen vielen in handen van Boko Haram, meldden ooggetuigen.

Naar schatting heeft Boko Haram nu ruim 25 plaatsen in handen. Maiduguri is volgestroomd met hoogwaardigheidsbekleders en bestuurders uit omliggende districten, waar het voor hen niet langer veilig is. Begin augustus werden zeker tweehonderd mensen gedood bij de meerdaagse slag om Gwoza in het Mandaragebergte. Volgens een lokale politicus sloegen meer dan 10.000 mensen op de vlucht. Na de inname van die stad zei leider Shekau dat een begin was gemaakt met de vestiging van een kalifaat.

Daarna begon Boko Haram met de omsingeling van hun oude ‘hoofdstad’ Maiduguri. Volgens sommige analisten is de val van die stad nog steeds mogelijk. Tegelijkertijd is het leger tijd in het tegenoffensief gegaan en zijn er verschillende plaatsen heroverd. Zo werden de strijders van Boko Haram eerder deze maand al binnen 48 uur verjaagd uit Chibok, de stad waar afgelopen voorjaar meer dan tweehonderd schoolmeisjes werden ontvoerd. In het dorpje Maihu draaiden jagers deze maand de rollen om en doodden 75 strijders.

In Mubi, de economische hoofdstad van de deelstaat Adamawa op de grens met Kameroen, probeerde Boka Haram voor het eerst iets van (islamitisch) bestuur op te zetten. De winkels gingen weer open, er werd netjes betaald, en de inwoners werd bescherming aangeboden. Boko Haram probeert enige normaliteit terug te brengen in het dagelijks leven, schreef de Amerikaanse oud-ambassadeur John Campbell begin deze maand.

Intussen is Mubi, door Boko Haram nog snel omgedoopt tot ‘Stad van Islam en Vrede’, sinds 14 november weer in handen van het regeringsleger. Dat is een opsteker voor de regering. Maar het betekent nog lang niet het einde van Boko Haram.