Waarom Brussel frontaal in de aanval gaat tegen Google

Laat Google zich maar opsplitsen. Dat is de strekking van een wetsvoorstel waarover het Europese parlement donderdag stemt. Zoekmachines zouden niet langer hun eigen commerciële diensten mogen promoten. De zoekmachine die daardoor het hardst getroffen zou worden is marktleider Google.

Er loopt al vier jaar een onderzoek naar machtsmisbruik van Google. Concurrenten, voornamelijk sites die reizen en hotels verkopen, klagen dat Google zijn eigen diensten voortrekt in de zoekmachine. Ze willen hun aanbiedingen doen in een zoekmachine die neutraal is. Google leek te kunnen schikken maar de zaak kon – op het nippertje – niet tot een einde gebracht worden door Joaquín Almunia, de vorige Commissaris van Mededinging. Die taak is aan zijn opvolgster, de Deense Margrethe Vestager. Lobbyisten ruiken nieuwe kansen om Google strenger aan te pakken. Vandaar het wilde wetsvoorstel, dat in de VS met een combinatie van verbazing en verontwaardiging is ontvangen.

1. Is Google echt zo oppermachtig in Europa?

Europeanen houden (te) veel van Google, nog meer dan Amerikanen. 90 procent van de Europese zoekopdrachten gaat via Google – in de VS is dat 68 procent. Dat maakt Google tot een oppermachtig startpunt op het web. Google is meer dan alleen een doorgeefluik van andermans data; het bedrijf is zelf ook een commerciële tussenpersoon als prijzenvergelijker, hotelaanbieder, boodschappenbezorger, leverancier van (betaalde) muziekabonnementen, enzovoort. Die aanbiedingen verschijnen allemaal op een prominente plek in de zoekresultaten. Te prominent, vinden concurrenten als Yelp en Expedia (ooit opgericht door Microsoft). Google probeerde te schikken met een opvallende ingreep in zijn Europese sites: elke keer als Google zijn eigen diensten promootte, bood het aan ook een link naar een concurrerende diensten te tonen.

2. Wat zijn de politieke consequenties van het wetsvoorstel?

Het parlement heeft geen regulerende taak. Daarover gaat de nieuwe commissaris van mededinging, de Deense Margerete Vestager. Ze voelt meer politieke druk om Google streng aan te pakken.

Dit zei Vestager (mededinging) vorige week al over de Google-zaak:

“Dit is een klassieke zaak over machtsmisbruik door een partij met een enorm marktaandeel klachten van een aantal concurrenten van verschillende omvang. Er komt een volgende stap aan, maar wat die stap is is nog niet duidelijk. Voordat ik met een nieuwe verklaring kom wil ik eerst met alle betrokken partijen praten”

3. Wat is Googles reactie op de groeiende druk uit Europa?

Google zegt dat er in de zoekmachine ruimte genoeg is voor concurrenten en benadrukt dat er volop keuze is voor reisaanbiedingen via Yelp of Amazon. Veel van die concurrentie komt via mobiele apps, waar Googles zoekmachine minder almachtig is dan in de webbrowser.

Google denkt dat Microsoft en een Duitse lobby, aangemoedigd door uitgevers met wie het bedrijf in conflict lag, de druk in Brussel proberen op te voeren. Als reactie heeft Google de lobbykracht in Brussel uitgebreid en Eric Schmidt – de voormalig topman die nu vooral een Google-ambassadeur is – is net terug van een bezoek aan Berlijn.

4. Hoe afhankelijk is Google van Europa?

Advertenties bij zoekresultaten vormen 43 procent van de totale online advertentieomzet. Google haalde er in 2013 een jaaromzet van 55 miljard dollar mee. Een groot deel komt uit Europa: alleen de Britse tak is al goed voor 10 procent van de totale Google-omzet.

Een opsplitsing lijkt geen realistisch scenario. Google vindt dat het zijn zoekmachine in Europa al veel te vaak moet aanpassen aan de wensen van Brussel. Het recht om vergeten te worden (individuen kunnen hun naam zuiveren in de zoekmachine) ligt nog vers in het geheugen.