Google laat zich niet zomaar opsplitsen

Het Europees Parlement stemt donderdag over een wetsvoorstel dat zoekmachines verbiedt hun eigen diensten te promoten. Marktleider Google is ontstemd.

Illustratie Fokke Gerritsma

Laat Google zich maar opsplitsen. Dat is de strekking van een wetsvoorstel waarover het Europees Parlement donderdag stemt. Zoekmachines zouden niet langer hun eigen commerciële diensten mogen promoten. De zoekmachine die daardoor het hardst getroffen zou worden is marktleider Google.

Er loopt al vier jaar een onderzoek naar machtsmisbruik van Google. Concurrenten, voornamelijk websites die reizen en hotels verkopen, klagen dat Google zijn eigen diensten voortrekt in de zoekmachine. Ze willen hun aanbiedingen doen in een zoekmachine die neutraal is. Google leek te kunnen schikken maar de zaak kon – op het nippertje – niet tot een einde gebracht worden door Joaquín Almunia, de vorige commissaris voor Mededinging. Die taak is aan zijn opvolgster, de Deense Margrethe Vestager. Lobbyisten ruiken nieuwe kansen om Google strenger aan te pakken. Vandaar het wilde wetsvoorstel, dat in de Verenigde Staten met een combinatie van verbazing en verontwaardiging is ontvangen.

1 Is Google echt zo oppermachtig in Europa?

Europeanen houden veel van Google, nog meer dan Amerikanen. Negen op de tien Europese zoekopdrachten gaat via Google – in de VS is dat ongeveer tweederde . Dat maakt Google tot een oppermachtig startpunt op het web. Google is meer dan alleen een doorgeefluik van andermans data; het bedrijf is zelf ook een commerciële tussenpersoon als prijzenvergelijker, hotelaanbieder, boodschappenbezorger, leverancier van (betaalde) muziekabonnementen, enzovoort. Die aanbiedingen verschijnen allemaal op een prominente plek in de zoekresultaten. Te prominent, vinden concurrenten als Yelp en Expedia (ooit opgericht door Microsoft). Google probeerde te schikken met een opvallende ingreep in zijn Europese sites: elke keer als Google zijn eigen diensten zou promoten, zou het ook een link naar concurrerende diensten tonen.

2 Wat zijn de politieke consequenties van het wetsvoorstel?

Het parlement heeft geen regulerende taak. Daarover gaat de nieuwe commissaris voor Mededinging, de Deense Margrethe Vestager. Zij voelt meer politieke druk om Google streng aan te pakken.

Dit zei Vestager vorige week al over de Google-zaak: „Dit is een klassieke zaak over machtsmisbruik door een partij met een enorm marktaandeel. Er zijn klachten van een aantal concurrenten van verschillende omvang. Er komt een volgende stap aan, maar wat die stap is, is nog niet duidelijk. Voordat ik met een nieuwe verklaring kom wil ik eerst met alle betrokken partijen praten.”

3 Wat is Googles reactie op de groeiende druk uit Europa?

Google zegt dat er in de zoekmachine ruimte genoeg is voor concurrenten en benadrukt dat er volop keuze is voor reisaanbiedingen via Yelp of Amazon. Veel van die concurrentie komt via mobiele applicaties, waar Googles zoekmachine minder almachtig is dan in de webbrowser.

Google denkt dat Microsoft en een Duitse lobby, aangemoedigd door uitgevers met wie Google in conflict lag, de druk in Brussel proberen op te voeren. Als reactie heeft Google de eigen lobbykracht in Brussel uitgebreid. En Eric Schmidt – de voormalig topman die nu een soort Google-ambassadeur is – is net terug van een bezoek aan Berlijn.

Google wil koste wat kost blijven praten en doet er alles aan om boetes en harde confrontaties te vermijden. Een ‘Microsoft-scenario’ komt het imago niet ten goede; dat bedrijf had enorme aanvaringen met de EU in de tijd dat Windows de digitale wereld domineerde. Een ‘gratis’ dienst als Google moet het hebben van consumentenvertrouwen, anders haken gebruikers af en kun je ze geen advertenties meer tonen.

4 Hoe afhankelijk is Google van Europa?

Advertenties bij zoekresultaten vormen 43 procent van de totale online advertentieomzet. Google haalde er in 2013 een jaaromzet van 55 miljard dollar mee. Een groot deel komt uit Europa: alleen de Britse tak is al goed voor 10 procent van de totale Google-omzet.

Een opsplitsing lijkt geen realistisch scenario. Google vindt dat het zijn zoekmachine in Europa al veel te vaak moest aanpassen aan de wensen van Brussel. Het recht om vergeten te worden (individuen kunnen voortaan hun naam zuiveren in de zoekmachine) ligt daarbij nog vers in het geheugen.