Een wurgcontract en andere kinderhandel

Wie voetbalde zowel voor Ajax, PSV als Barcelona? Juist, Ronald Koeman. Bobby Adekanye kan dat straks ook zeggen. Bobby wie? Bobby Adekanye. Hij is al 15 jaar. Bobby is geboren in Nigeria. Toen hij nog een jochie van zeven was, verhuisde hij naar Nederland en ging voetballen in Alphen aan de Rijn, bij Alphia. Dat kon hij zó goed, dat ADO, Ajax en Feyenoord het ventje al jong wilden inlijven. De keuze viel op Amsterdam. Ook bij Ajax dribbelde hij er zo lustig op los, dat Barcelona het talentje naar Spanje wilde halen. Dat gebeurde toen hij twaalf was.

En nu gaat hij terug naar Nederland, omdat Barcelona straf heeft gekregen. De FIFA heeft de Spaanse club verboden twee transferperiodes lang, dus tot en met de zomer van 2015, nieuwe spelers te contracteren en dat verbod geldt ook voor jeugdspelers. Die sanctie heeft het grote Barcelona, de club waar Lionel Messi op zijn dertiende begon, opgelegd gekregen omdat het tien jeugdspelers, onder wie Adekanye, naar zich toe heeft getrokken op een manier die in strijd was met de regels. Daarom gaat Bobby nu maar een tijdje naar PSV, hij wil toch voetballen, en moet dat ook wel doen met het oog op de loopbaan waar deze tiener van droomt. Barcelona gaat tegen de straf in beroep en als dat succes heeft, mag Bobby terugkeren. En anders later wel. Maar zo is Bobby Adekanye toch vooral een voorbeeld hoe er soms met jongens en jongetjes die graag tegen een bal trappen en dat goed kunnen, wordt gesold.

Het kan nog veel gekker. In België is de zestienjarige Jason Eyenga-Lokilo nu inzet van een zojuist aangespannen rechtszaak tussen Anderlecht en zijn ouders. Jason bleek op zijn twaalfde jaar zo’n groot talent dat de Brusselse club zijn vader en moeder 75.000 euro betaalde op voorwaarde dat hij dan op zijn zestiende – de leeftijd waarop dat in België (en ook Nederland) mag – een contract zou tekenen. Zouden papa en mama dat niet nakomen, dan moesten ze Anderlecht een boete van 450.000 euro betalen, zo werd vastgelegd.

En zover is het nu. Diverse Europese, vooral Engelse clubs, willen Jason binnen hun gelederen halen en zelf hoopt hij in Italië te kunnen tekenen, bij Chievo Verona. De familie Eyenga-Lokilo heeft nu een advocaat in de arm genomen en deze Walter Van Steenbrugge sprak, onder meer in het Vlaamse dagblad De Standaard, van „handel in minderjarigen” en de krant zelf had het in de kop boven het artikel over een „wurgcontract”. Het zijn termen die inderdaad als vanzelf te binnen schieten.

Anderlecht sloeg terug met de onthulling dat Jasons ouders opeens een miljoen euro aan tekengeld wilden vangen, terwijl vader Jean-Claude daarentegen beweerde, in Het Nieuwsblad, dat de club hooguit 2.000 euro bruto per maand wilde betalen en er niet eens een auto bij deed.

Het kan nog een half jaar duren voordat de Belgische rechtbank uitspraak doet in de zaak Eyenga-Lokilo. Rechtspraak over een jeugdspeler in veteranentempo. Maar de clubs, de nationale bonden, de UEFA, de FIFA, ze zouden het helemaal niet zover moeten laten komen. Scherpere regulering, internationaal geldend, is nodig om deze uitwassen te voorkomen – het touwtrekken om jongens van wie het nog maar af te wachten is of hun voetballoopbaan werkelijk zo succesvol zal worden, of hun droom werkelijkheid wordt. Soms wel, soms niet.

Het zou evenmin praktijk moeten zijn dat nog steeds elk jaar duizenden jonge Afrikaanse spelers naar Europa worden gelokt, zoals De Groene Amsterdammer vorige maand onthulde. Door bemiddeling van makelaars of andere (louche) figuren. Veel van die jongens zien nooit juichend publiek, horen nimmer applaus, maar scharrelen rond in de illegaliteit. Aan de achterkant van het voetbalstadion.