Column

Ze halen de mannen heus wel in

Het was alsof ik in een zaal vol neurobiologen zat. Dat was niet zo. Aan het woord waren machtige beeldmakers – de hoofdredacteur van De Wereld Draait Door, de hoofdredacteur van tijdschrift LINDA en een enkele filmmaker in het publiek – die opeens over de natuurlijke kenmerken van de vrouw begonnen te praten. „Vrouwen twijfelen veel. Dat is gewoon zo”, zei de hoofdredacteur van LINDA. Uiteraard heeft een lifestyle magazine baat bij zo’n vrouwbeeld, want een twijfelend wezen is een eeuwige consument.

De machtige beeldmakers op het podium en in de zaal zaten zo bijeen dankzij Women Inc en IDFA, die samen een debatochtend hadden georganiseerd over de vertegenwoordiging van vrouwen in de media.

Beeldmakers houden zich bezig met het manipuleren van beeld. Maar deze beeldmakers leken zich nauwelijks bewust van hun keuzes. Ze wilden ‘gewoon een mooi’ programma of blad maken. Maar zoiets als ‘gewoon mooi’ bestaat niet. Schoonheid maak je. En het bijzondere is: de mogelijkheden van schoonheid zijn oneindig. De beperking ligt bij de maker, haar ogen zijn gestuurd door wat ze al kent. Het gebrek aan reflectie op de eigen positie verried dat er op het podium geen beeldmakers zaten, maar beeldherhalers.

Om die herhaling van beelden statistisch te bewijzen, heeft Alison Bechdel in 1985 een test ontworpen. Ze keek films en turfde: zijn er ten minste twee vrouwelijke personages (met een naam) en praten zij langer dan één minuut over iets anders dan mannen? 80 à 90 procent van de films doorstaat de proef niet.

Het probleem is dat die test zich alleen kan richten op wat er al is. Dat geldt ook voor het quotum, zoals die ochtend besproken: vrouwen moeten met een bepaald percentage meedoen aan de bestaande orde. Econoom Jeroen Smit zei dat veel succesvolle vrouwen in het bedrijfsleven gekopieerde mannen zijn. Dieuwke Wynia van DWDD huiverde dat ze geen vrouwen aan tafel wilde die niet grappig zijn. De gespreksleider noemde DWDD toen ‘sowieso een goed programma’, omdat ze dagelijks 1,2 miljoen kijkers trekken.

Als we zakenvrouwen vrezen die mannen kopiëren, zegt dat misschien iets over de algemene behoefte aan een andere managementcultuur. Als we grappige vrouwen missen, zegt dat misschien iets over onze beperkte blik op wat humor is of kan zijn. Als 1,2 miljoen kijkers tot een klakkeloze pluim van ‘goed’ leidt, zegt dat misschien iets over onze onmacht om kwaliteit anders dan kwantitatief te beoordelen.

Vrouwen hebben lang genoeg aan de zijlijn gestaan om af te kijken. Ze halen de mannen heus wel in – en eenmaal op dreef stuiven ze hen ook nog wel voorbij. Maar misschien moet je niet willen meedoen aan een race waarvan het parcours al helemaal uitgesleten is.