Hennis: rem op gesprekken met Rusland over ontwapening

Minister Jeanine Hennis-Plasschaert van Defensie aan het woord op de eerste vergaderdag van de Parlementaire Assemblee van de NAVO in het World Forum. Foto ANP / Bas Czerwinski

Minister Hennis (Defensie, VVD) meent dat de gespannen relatie met Rusland een rem zet op de gesprekken van het Westen met Rusland over vermindering van het aantal kernwapens. Zij maakte dit vanmorgen duidelijk op een bijeenkomst van NAVO-parlementariërs in Den Haag.

“Het huidige klimaat is er niet naar dat we dit onderwerp op dezelfde wijze kunnen bespreken als een jaar geleden”, antwoordde Hennis op een vraag van de Amerikaanse Republikeinse congresafgevaardigde Michael Turner. “We moeten hier heel voorzichtig mee omgaan”, aldus Hennis die toegaf dat dit onderwerp zeer gevoelig ligt.

Zij liet zich met haar woorden veel stelliger uit dan minister Koenders (Buitenlandse Zaken, PvdA). Volgens hem moet de moeizame verhouding met Rusland die dit jaar ontstond als gevolg van de Oekraïne crisis juist niet van invloed zijn op de positie van het Westen in de ontwapeningsgesprekken. Koenders, ook aanwezig op de NAVO-bijeenkomst, erkende desgevraagd dat de gesprekken wel moeilijker zullen worden.

Twitter avatar minbuza MinBuZa #Koenders op NAVO assemblee: ‘quick fixes not available. Russia is part of problem, must be part of solution.’ http://t.co/1DPmVmNhlh

Koenders zei ook dat het Westen niet in een nieuwe Koude Oorlog met Rusland verwikkeld is, maar dat Moskou zich soms wel onverantwoordelijk gedraagt. Hij wees op de onderschepping van Russische militaire vliegtuigen, onder meer door Nederland. De afgelopen jaren is de Russische luchtmacht een stuk actiever geworden op het internationale toneel en vliegen Russische toestellen soms onaangekondigd door westers gecontroleerd luchtruim. “De kans op ongelukken in de lucht is aanzienlijk. Dit onverantwoordelijk gedrag moet stoppen”, aldus Koenders.

‘Luchtaanvallen tegen IS niet voldoende’

Koenders sprak ook over de internationale strijd tegen Islamitische Staat in Syrië en Irak. Hij stelde dat er in de strijd tegen de jihadisten meer nodig is dan luchtaanvallen en het trainen van militairen. “Ook de oorzaak van de instabiliteit in de regio moet worden aangepakt”, daarbij doelend op het slechte bestuur en de economische ongelijkheid in veel Arabische landen.