De Fortis-ruïne

Het gebouw van Fortis aan het Rokin wordt eindelijk gesloopt. Toen het aan het begin van de jaren tachtig gestalte kreeg heb ik al gedacht dat het niets zou worden. Een soort stalinistische architectuur, een gevel van donkerrode natuursteen, die je in dit deel van de oude stad aangrijnsde. Toen, als gevolg van allerlei onbegrijpelijke acties van de directie, raakte de Fortisbank in een ongeneselijke crisis. Er vestigden zich andere instanties, kunstenaars geloof ik, maar het gebouw was onherroepelijk verloren. En nu zijn de slopers aan het werk.

Het blijft een triest gezicht. Daar hebben architecten, bouwvakkers, allerlei technici een paar jaar hun best gedaan om er iets moois en bruikbaars van te maken, ze waren trots toen het klaar was, de vlag werd gehesen. En nu blijkt dat hele werk een vergissing te zijn. Jaren voor niks gewerkt. In dit stadium van de sloop ziet het eruit als een gebouw in een Syrische stad. Over een paar jaar staan er twee warenhuizen, een filiaal van Marks & Spencer en nog een, van Harvey Nichols, als de onderhandelingen goed verlopen. En dan, over drie jaar is de Noord-Zuidlijn van de metro klaar. Ongelofelijk wat er dan op het Rokin gaat gebeuren!

Dit stukje van Amsterdam inspireert vaak tot grootse plannen. Toen ik een kleine jongen was, hadden mijn vader en moeder, ooms en tantes van de Amsterdamse tak vaak diepe meningsverschillen over de vraag wat er met het Rokin moest gebeuren. Dempen of niet? Het deel van het ruiterstandbeeld van koningin Wilhelmina tot de Dam was toen een doodlopend grachtje.

De strijd werd beslecht in het voordeel van de dempers. Dat stuk werd parkeerterrein en is al jaren ontoegankelijk wegens de bouw van de Noord-Zuidlijn. Die zal, volgens de beloften van nu, in 2017 klaar zijn.

Er zijn wel eens andere plannen geweest. In 1926 publiceerde architect Mart Stam in i10, het tijdschrift van de avant-garde, opgericht door Arthur Lehning, zijn project dat bij uitvoering alle problemen van het Rokin voorgoed zou oplossen. Er was al een parkeerprobleem in het centrum, dat werd met de dag groter, er kwamen steeds meer winkels, die moesten toegankelijk blijven, en Stam kwam met het ei van Columbus: een hoogbaan. Openbaar vervoer, hangend aan kabels met het beginpunt aan de overkant van het IJ en dan hoog boven het Centraal Station, het Damrak, het Rokin, via de Reguliersbreestraat en de Reguliersgracht naar Zuid dat toen nog in verregaande staat van aanbouw was. Geen last van verkeerslichten, files, gewoon recht toe recht aan, met een mooi uitzicht.

Hoe komt het dat Amsterdam geen hoogbaan heeft? Misschien is het ook te wijten aan de initiator. Mart Stam (1899-1986) was een revolutionair. Hij werd communist, heeft van 1930 tot 1934 in de Sovjet-Unie gewoond en keerde in 1952, na nog wat revolutionaire avonturen in de DDR terug.

Hier had hij al een paar conflicten achter de rug, onder andere over de Van Nelle fabriek in Rotterdam, een architectonische mijlpaal. Het ontwerp wordt toegeschreven aan Leendert van der Vlugt. Stam verklaarde dat hij er op een beslissende manier aan had meegewerkt. Ruzie, en daarbij is het gebleven.

De bijzonderheden over de Amsterdamse hoogbaan put ik uit het boek i10 sporen van de avant-garde. Het is een soort anthologie, samengesteld door Toke van Helmond en verschenen in 1994, toen i10 65 jaar bestond. De tekst van Mart Stam, geschreven in 1926, beslaat drie pagina’s en is geïllustreerd. Op de plaats waar nu hotel Krasnapolsky staat, aan de Dam, had Stam ook een rechtlijnig modern gebouw getekend. Zijn hoogbaan gaat er dwars doorheen. Op de volgende pagina nog een tekening: ‘Bebouwing Rokin ter hoogte van het Spui’. Daar is alles wat er nu nog staat met de grond gelijk gemaakt en vervangen door rechtlijnige gebouwen met veel glas. Daarboven een – hoe moet je het noemen – zweeftuig op weg naar Zuid.

De loop van de geschiedenis wordt bepaald door toeval. Was het anders gelopen, dan zou ik vanmorgen bij het Concertgebouw in de hoogbaan van lijn vijf zijn gestapt, had me langs het Stedelijk en het Van Goghmuseum en over het Leidseplein laten zweven en dan was ik op de Dam uitgestapt. Wat een genot. En natuurlijk had zich in bijna een eeuw zo’n meter of tien boven de grond ook een horeca gevestigd, een Grand Café NRC bijvoorbeeld. Te laat. Nu eerst Fortis afbreken, dan zien we verder.