Noem me meester

‘Op je knieën, noem me meester en smeek me je te kussen.” Nog een: „Zorg dat ze zich schuldig voelt, verneder haar, beschouw haar als je bediende.” Dit zijn geen zinnen uit de sadomasoseller Fifty Shades of Grey, maar uit het repertoire van dating-goeroe Julien Blanc – en daar hebben we meteen het probleem. Het is geen erotische fantasie, maar een echte „versiertruc”, een van de vele die onvolkomen mannen wordt geleerd tijdens Blancs seminars, waar je honderden dollars voor moet neertellen om je „game te pimpen”. Kort samengevat: „Duw gewoon haar hoofd op je pik.”

Overal klinken nu protesten tegen Blanc en zijn organisatie, die ook in Nederland workshops heeft gepland. Moet je een man toelaten die andere mannen leert hoe je vrouwen denigreert, hoe je zo snel mogelijk hun weerstand breekt? Halverwege zijn Australische tournee werd Blancs visum ingetrokken. Afgelopen week is hem de toegang tot Engeland geweigerd. Ook minister Opstelten heeft een petitie op zijn bureau liggen.

Een staat wordt geacht haar burgers te beschermen – maar waartegen precies? Tot waar kun je gaan? Als Blanc wordt geweigerd, moet dan ook Fifty Shades of Grey uit de handel worden genomen? Over dat literaire fenomeen heeft de Britse schrijver Tim Parks opgemerkt dat het de duistere krochten van de seksuele verbeelding acceptabel maakt voor een groot publiek – er wordt een vrouw vernederd en vastgebonden, maar omdat het met contractueel vastgelegde wederzijdse instemming gebeurt, kun je er zonder schuldgevoel opgewonden van raken. Het is het ideale compromis tussen verlichte opvattingen en verborgen verlangens; tussen slecht en saai ligt het burgerlijke stout.

Voor Blanc en zijn geestverwanten zit de opwinding juist in de afwezigheid van instemming. Vrouwen willen overmeesterd worden, denken ze, zelfs door sukkels die 1.600 euro aan een seminar van Blanc hebben uitgegeven. Dat waanbeeld kun je triest en abject en zelfs gevaarlijk vinden. Moet je het verbieden?

De afgelopen decennia is ons idee van democratie en vrijheid steeds meer samen komen te vallen ons idee wat goed en verlicht is. Iedereen gelijkwaardig, iedereen respectvol naar de ander toe, een steeds verder opgerekte empathie met wat vroeger als oneigenlijk, minderwaardig of bedreigend werd gezien. En een tijd lang leek het alsof iedereen netjes in dezelfde richting bewoog, allemaal op weg naar de verlichte samenleving, vrij van racisme, discriminatie, uitbuiting, misbruik, klassenbewustzijn, vooroordeel en vrouwenhaat.

Dat de werkelijkheid achterblijft bij de verwachting – steeds opnieuw blijkt het een akelige verrassing. Vrijwel alle ophef gaat daarover: hardnekkige homofobie in het voetbal, onverbloemd racisme in de sociale media, groepjes die plotseling helemaal niet van plan zijn op gepast verlichte wijze te „integreren”, maar afgedwongen gelijkwaardigheid van alles en iedereen juist als een aanval op hun gevoel van eigenwaarde zien. Wat als vrije burgers hun democratisch recht opeisen om sociaal conservatief te zijn, mannen en vrouwen niet gelijk, homo’s weer buiten de maatschappelijke orde, de idealen van de Verlichting als kwalijke aberratie?

De verwachting dat een pluriforme samenleving tegelijk ook volkomen homogeen zou worden, achteraf gezien lijkt het verdacht veel op een naïeve heilsverwachting. De ontnuchtering veroorzaakt een groot onbehagen – wat te doen met haatpredikers, neonationalisten, neoconservatieven, neoreligieuzen en neomacho’s, en al die anderen die hun vrijheid gebruiken om vraagtekens te zetten bij het gelijkheidsideaal, of dat verwerpen of vervloeken?

Dat een fenomeen als Julien Blanc gemakkelijk wereldwijd de krantenkoppen haalt, geeft al aan dat hij geen minieme ontsporing is in een wereld die verder op de goede weg is. Hij is bedreigend, vanwege de weerklank die hij lijkt te vinden. Cynisch exploiteert hij verlangens die recht tegen het verlichte wereldbeeld ingaan. Dat is de beschaafde wereld die door de komiek Sacha Baron Cohen een aantal jaren geleden al ontmaskerd werd met zijn typetjes Borat en Brüno. Iedereen acht zichzelf verlicht, maar krab aan het oppervlak en er komt veel troep naar buiten.

Blanc is geen Borat, hij meent het echt. Hij is een stresstest voor onze seculiere, pluriforme, democratische samenleving. Hij verdient fel protest, maar geen verbod. Hij stelt onze gedeelde overtuigingen op de proef. Dat toelaten is geen bewijs van zwakte, maar van kracht. Verbieden is onmachtige bezwering.